Na de megadeal die de Waalse satellietbouwer Aerospacelab heeft binnengehaald, kan Europa beginnen te dromen van zijn eigen satellietnetwerk. Met een prijskaartje van zo'n 15,6 miljard euro is het het duurste project van de Europese ruimtevaart. Waarom is een eigen satellietnetwerk zo belangrijk? En komt Europa niet eindeloos te laat?
Waarom heeft Europa een eigen satellietnetwerk nodig? En komen we niet hopeloos te laat?
Samenvatting:
Europa gaat een eigen satellietnetwerk voor communicatie bouwen, genaamd IRIS².
Het netwerk moet Europese overheden, ambassades en leger een veilige, snelle verbinding geven en Europa onafhankelijk maken van buitenlandse spelers zoals Starlink van Elon Musk.
IRIS² zal bestaan uit 348 satellieten. Het Waalse bedrijf Aerospacelab bouwt daarvan 264 stuks, goed voor een contract van 2,4 miljard euro.
Europa wil dat het netwerk vanaf 2030 operationeel is, met de eerste lanceringen in 2029. Experts noemen die deadline krap, maar haalbaar.
Waarom heeft Europa een eigen satellietnetwerk nodig?
Europa wil altijd en overal toegang hebben tot beveiligde en snelle communicatie. "Je kan het zien als een ultrabeveiligd netwerk waarop Europese instellingen, ambassades, maar ook bijvoorbeeld legereenheden met elkaar kunnen communiceren", zegt ruimtevaartonderzoeker Pieter Deleye (UAntwerpen).
"De communicatiesatellieten die er nu al zijn, werken met technologie van 10, 20 jaar oud. Die technologie is niet veilig genoeg meer."
"Volgens sommigen worden er nu al data van satellieten onderschept. De volgende generatie supercomputers zal de versleuteling van die data ook kunnen kraken, waardoor anderen kunnen meeluisteren. Daarom hebben we moderne satellieten nodig die beter beveiligd zijn."
"Het is de voorbije jaren pijnlijk duidelijk geworden dat Europa onafhankelijker moet worden", zegt ook ruimtevaartexpert Bram Van Droogenbroeck van Belspo, de federale overheidsdienst voor wetenschapsbeleid. "We zien vandaag dat Oekraïne erg afhankelijk is van satellietnetwerken zoals dat van een buitenlandse miljardair als Elon Musk."
"Maar ook voor wanneer bestaande communicatiesystemen uitvallen, bijvoorbeeld tijdens overstromingen of bosbranden. Het is dan belangrijk dat hulpdiensten of overheden elkaar kunnen blijven bereiken. Of voor militaire missies in afgelegen gebieden, buiten Europa."
Europa wil zijn satellietnetwerk ook toegankelijk maken voor bedrijven in kritische sectoren, zoals de energie-, banken- en transportsector. En voor Europeanen die in gebieden wonen waar nu nog weinig tot geen internettoegang is.
IRIS² is eigenlijk ook niet het eerste Europese satellietnetwerk. De EU heeft namelijk al een netwerk van een 20-tal satellieten voor aardobservatie (Copernicus) en van 30 navigatiesatellieten (Galileo). Maar er is dus nog geen Europees netwerk van communicatiesatellieten. Wel zijn er een aantal commerciële netwerken zoals Eutelsat, OneWeb en O3b.
Hoe zal het Europese satellietnetwerk eruit zien?
Het IRIS²-netwerk (voluit 'Infrastructure for Resilience, Interconnectivity and Security by Satellite') zal bestaan uit 348 satellieten. Daarvan zullen 330 satellieten in een lage baan om de aarde draaien, op ongeveer 1.200 kilometer hoogte. 18 satellieten zullen veel hoger zweven, op zo'n 8.000 kilometer hoogte.
"Het Europese netwerk zal dus veel hoger zitten dan de 10.000 Starlink-satellieten van Musk, die zich op ongeveer 500 kilometer boven de aarde bevinden. Het grote voordeel is dat je daardoor veel minder satellieten nodig hebt om toch een wereldwijde dekking te garanderen", zegt Van Droogenbroeck.
"De IRIS²-satellieten zullen ook niet al na 5 jaar terugvallen op de aarde, zoals bij Starlink wel het geval is. Het nadeel is dat er door die grotere hoogte wel iets meer vertraging zit in het versturen van data. Dat gaat dan over fracties van seconden."
Komt Europa niet eindeloos te laat?
Europa wil dat IRIS² operationeel is vanaf 2030. De eerste lanceringen worden verwacht in 2029. "Dat is een krappe deadline, maar niet onmogelijk", zegt Deleye. "Al mag er dan niets mislopen. Je merkt wel dat Europa beseft dat het dringend is en dat ze er alles aan zullen doen om die deadline te halen."
Niet de bedoeling om internetabonnementen aan mensen te verkopen
Pieter Deleye, ruimtevaartonderzoeker (UAntwerpen)
Is 2030 sowieso niet veel te laat? "Het klopt dat we achterlopen. Europa kan moeilijk opboksen tegen grote commerciële spelers met veel durfkapitaal. Zeker in de VS staan die een serieuze stap voor", zegt Van Droogenbroeck. "Maar het is zeker niet té laat."
"Het is ook niet de bedoeling om te concurreren met een bedrijf als Starlink, dat een veel commerciëlere rol speelt", zegt Deleye. "IRIS² heeft niet als hoofddoel om internetabonnementen aan burgers te verkopen."
"Het klopt in elk geval dat de opstartfase lang heeft geduurd", zegt Van Droogenbroeck. "De beslissing om een eigen satellietnetwerk te bouwen dateert al van 2023. Het heeft tot eind 2024 geduurd om het consortium te kiezen dat IRIS² gaat ontwikkelen en beheren."
"Nu de satellietfabrikanten zijn gekozen, en met de megadeal die het Waalse Aerospacelab in de wacht heeft gesleept, kan het echte werk beginnen."
Wat betekent de deal voor Belgische industrie?
Aerospacelab gaat 264 van de 348 satellieten bouwen. Het Waalse bedrijf heeft daarvoor een contract van 2,4 miljard euro binnengehaald.
"Dat is ongezien en een grote opsteker voor de Belgische ruimtevaartindustrie", zegt Bram Van Droogenbroeck. "Het toont ook dat Europa durft te kiezen voor de nieuwe generatie Europese ruimtevaartbedrijven, net zoals wat de NASA doet in de VS."
"Aerospacelab is pas in 2018 opgericht. Het bedrijf bouwt een grote satellietfabriek in Charleroi die bijna klaar is", zegt Pieter Deleye. "Elk jaar moeten er 500 satellieten van de band rollen."
"De keuze van Aerospacelab om satellieten aan de lopende band te produceren, is een breuk met wat traditionele ruimtevaartbedrijven doen. Maar het lijkt de juiste keuze te zijn geweest."
"Aerospacelab is ook niet per se het enige Belgische bedrijf dat gaat meewerken aan IRIS²", zegt Van Droogenbroeck. "Elk van die bedrijven gaat ook nog onderaannemers kiezen. De kans is zeer groot dat daar nog Belgische ruimtevaartbedrijven bij gaan zijn."




