"De onderwijshervormingen kunnen niet snel genoeg gaan." Dat zegt minister van Onderwijs Zuhal Demir (N-VA) vlak voor de start van het nieuwe schooljaar. Ondanks de kritiek van leerkrachten en directeurs op het tempo van de veranderingen, laat Demir zich dus niet afremmen. "Het gaat over de toekomst van onze kinderen."
Zuhal Demir verdedigt snelle onderwijshervormingen: "Je kan niet wegkijken van de dalende onderwijskwaliteit"
Het wordt een belangrijk schooljaar voor onderwijsminister Zuhal Demir. Heel wat van haar hervormingen gaan vanaf morgen van start. Tegelijk klinkt er kritiek uit het onderwijsveld. Leerkrachten gaven haar beleid in een recente peiling een onvoldoende en ook schooldirecteurs waarschuwden dat de veranderingen te snel gaan.
Demir erkent dat ze misschien "wat hard op het gaspedaal" heeft geduwd, maar verdedigt haar aanpak. "In de afgelopen 20 jaar zijn we helaas sterk achteruitgegaan op allerhande testen, internationaal, maar ook Vlaams. Dan heb je als minister van Onderwijs niet veel keuze", zegt ze bij VRT NWS De Wereld Vandaag op Radio 1.
"Je moet een aantal hervormingen doen, want uiteindelijk gaat het hier wel over onze kinderen. Het gaat over hun toekomst. Ik vind dat je dan niet snel genoeg kan gaan."
Voldoende tijd om te hervormen
Demir beseft tegelijk dat ze de leerkrachten nodig heeft om haar plannen uit te voeren. "We gaan het samen met heel het onderwijsveld moeten doen. Maar ik ben natuurlijk wel eindverantwoordelijke van ons onderwijssysteem."
Ze luistert naar eigen zeggen goed naar de signalen uit dat veld. "Ik ben veel op het terrein. Ik denk echter dat we veel van hun zorgen kunnen wegnemen. De terugkeer naar een kennisrijk curriculum, bijvoorbeeld. Daarvoor krijgen scholen voldoende tijd. We hebben 5 jaar om ons dat eigen te maken."
Ze heeft er bovendien vertrouwen in dat leerkrachten en directeurs de hervormingen aankunnen. "Het is overigens de bedoeling om de komende maanden en jaren te bekijken wat wel lukt en wat niet. Als we moeten bijsturen, doen we dat."
Centrumsteden springen op taalheldklassen
Een van de meest zichtbare hervormingen zijn de taalheldklassen. Daar krijgen kinderen die onvoldoende Nederlands kennen intensieve Nederlandse lessen. Dat zal niet in elke school afzonderlijk gebeuren: scholen kunnen hun middelen bundelen en samen een taalheldklas organiseren.
Het is eigenlijk ondenkbaar dat we een kind dat totaal geen Nederlands kan gewoon in de les steken en zeggen: 'Doe maar'
Zuhal Demir, minister van Onderwijs (N-VA)
Volgens Demir is dat nodig om te vermijden dat kinderen die nauwelijks Nederlands spreken zomaar in een gewone klas worden geplaatst. "Het is eigenlijk ondenkbaar dat we een kind dat totaal geen Nederlands kan gewoon in de les steken en zeggen: 'Doe maar'. Je isoleert het kind, het is niet in het belang van de rest van de klas en ook de leerkracht ondervindt moeilijkheden."
De taalheldklassen zijn volgens Demir vooral in centrumsteden zoals Roeselare, Sint-Niklaas, Antwerpen en Genk al opgestart.
Vaste benoemingen
Een van de grote uitdagingen voor de komende tijd wordt het onderwijspact. Tegen eind dit jaar wil Demir een akkoord bereiken met de onderwijsvakbonden en onderwijskoepels over de hervorming van het lerarenberoep.
"Daarbij gaat het over meer dan alleen maar de aantrekkelijkheid van het beroep", benadrukt ze. "Ook de organisatie van scholen en de autonomie van directeurs komen aan bod. Een derde pijler is de onderwijskwaliteit, met onder meer het leerrecht en het lerarentekort."
In het Franstalig onderwijs liggen de vaste benoemingen op tafel. Ook Demir wil hierover een gesprek voeren, al wil ze niet zomaar een symbolische maatregel nemen. "Vaste benoemingen komen vaak terug op de agenda. Het probleem daarmee is dat het erg moeilijk is om een samenwerking te beëindigen als je een personeelslid hebt dat niet functioneert. Ik vind dat we eerder daarnaar moeten kijken, dan naar de symboliek op zich. We rijden ons eigen parcours."
Gouden hoofden én gouden handen
Ook de indeling van leerlingen in het secundair onderwijs wil Demir tegen het licht houden. Vooral de A- en B-stroom zit haar dwars. "Voor mij zijn er natuurlijk geen A- en B-kinderen. Het zijn allemaal A-kinderen. Ik vind dat in elk kind talent zit en we moeten dat zo goed mogelijk oriënteren. We hebben gouden hoofden nodig, maar ook gouden handen."
Vanaf oktober wil ze samen met directeurs en leerkrachten opnieuw naar de B-stroom kijken. Niet alleen naar de naam, maar ook naar de inhoud. "Die oefening loopt, het zal dus nog enige tijd duren vooraleer iets wordt ingevoerd. Ik kan er daarom voorlopig geen concrete timing op plakken. Wel staat de hervorming in het regeerakkoord en moet ze dus deze legislatuur gebeuren."
Het volledige gesprek met onderwijsminister Zuhal Demir (N-VA) in VRT NWS De Wereld Vandaag op Radio 1





