Het is nu definitief: vanaf 1 juli wordt het systeem van de flexi-jobs versoepeld. Het federale parlement heeft dat goedgekeurd. Maar wat levert zo'n flexi-job vandaag eigenlijk op? Waar verdien je het meest met flexiwerk? En kan het financieel voordeliger zijn dan voltijds werken?
Systeem van flexi-jobs vanaf 1 juli uitgebreid naar alle sectoren, maar wat levert zo'n flexijob op? En waar verdien je het meest?
Een flexi-wat?
Met een flexi-job kan je een centje bijverdienen bovenop je bestaande job of pensioen. De voorwaarde is dat je ofwel minstens 4/5 werkt, of dat je al met pensioen bent.
Voor een flexi-jobber is het het nettoloon. Niet-gepensioneerde werknemers mogen sinds dit jaar maximaal 18.440 euro per jaar onbelast bijverdienen (inkomstenjaar 2026). Voor gepensioneerden geldt er geen plafond. Werkgevers betalen op het loon van een flexi-jobber enkel een patronale RSZ-bijdrage van 28 procent.
Het systeem bestaat al sinds 2015 en is oorspronkelijk bedacht voor de horeca, een sector waar personeel flexibel inzetbaar moet zijn op verschillende momenten. In de voorbije jaren is het geleidelijk uitgebreid naar tal van sectoren, van bakkers over supermarkten tot de zorg en het onderwijs.
Voor de volledigheid: zelfstandigen mogen nog niet flexi-jobben, maar minister van Middenstand Simonet (MR) is er wel voor gewonnen. Het idee wordt momenteel onderzocht.
Wat verandert er nu aan het systeem van de flexi-jobs?
Flexi-jobs worden vanaf 1 juli in alle sectoren toegelaten. Wel kan een specifieke sector in het betrokken paritair comité - het overlegorgaan tussen werkgevers en vakbonden - beslissen om niet mee te doen met het systeem. Dat heet 'opt-out'. Dat kan volledig of gedeeltelijk en is niet per se definitief, dus kan ook weer omgekeerd worden. In de zeevisserij, de bouw, of bij begrafenisondernemingen wordt flexiwerk bijvoorbeeld maar in bepaalde functies mogelijk. In de industrie zijn ze ook niet happig om het systeem in te voeren.
Tot dusver mocht je niet flexi-jobben bij dezelfde werkgever of bij bedrijven en organisaties die verbonden zijn met de onderneming waar je al werkte. Dat wordt enigszins versoepeld: voor wie 4/5 werkt, blijft die regel gelden, maar voor wie voltijds werkt, valt die beperking weg. Een voltijdse werkkracht mag met andere woorden voortaan wel flexi-jobben bij een "verbonden onderneming" van hetzelfde bedrijf.
Een uitzendkracht mag voortaan tegelijk ook een flexi-jobber zijn, maar niet bij dezelfde werkgever.
Gepensioneerden zullen direct na hun pensioen mogen flexiwerken. Maar als dat bij hun vroegere werkgever is, moeten ze wel nog even wachten tot het kwartaal na het kwartaal waarin ze met pensioen vertrokken.
Een flexi-jobber mag normaal niet meer verdienen dan 150 procent van het baremaloon. Dat wordt iets flexibeler: verplichte vergoedingen en premies vallen niet meer onder dat maximale flexiloon.
Wie flexi-jobt er vandaag vooral?
Flexi-jobbers zijn iets vaker vrouwen (52 procent) dan mannen (48 procent), al ligt het aantal gewerkte uren bij mannen doorgaans hoger. Dat leren de meest recente cijfers van de RSZ en SD Worx (die van het derde kwartaal van 2025).
Opvallend ook: flexiwerk is een zeer Vlaams fenomeen. Meer dan 8 op de 10 flexi-jobbers in ons land zijn Vlamingen.
In aantal is de groep flexi-jobbers tussen 25 en 39 jaar het grootst. Maar als je kijkt naar het aantal gepresteerde uren, steken de 65-plussers (vaak gepensioneerden dus) ver boven de andere leeftijdsgroepen uit. Hun gemiddelde uurloon ligt ook hoger dan bij jongere mensen.
En in tegenstelling tot wat je misschien zou denken, hebben meer dan 8 op de 10 flexi-jobbers een voltijdse job (lees: minstens een tewerkstelling van 95 procent). Of anders gezegd: amper 17 procent combineert een 4/5-job met een flexibaan. Die laatste groep bestaat voor 71 procent uit vrouwen.
Van alle mensen met een flexibaan heeft het grootste percentage zijn 'normale' job in de horeca, op de voet gevolgd door het onderwijs. Ook in de vervoerssector, de handel en de immosector vind je relatief gezien meer mensen met een flexi-bijverdienste.
Wat levert zo'n flexi-job gemiddeld op?
In het derde kwartaal van 2025 was het gemiddelde uurloon voor een flexi-jobber 15,86 euro, zo telde sociaal secretariaat SD Worx voor ons uit. Omgerekend komt dat neer op een gemiddelde maandelijkse bijverdienste van zo'n 446 euro per persoon.
Maar die uurlonen kunnen sterk verschillen per sector. De in deze lijst hoogst scorende sector - de autorijscholen - betaalt meer dan 7 euro per uur meer dan de laagst scorende sector - de horeca.
Maar de horeca is tegelijk wel de sector met veruit het hoogste aantal flexi-jobbers. In het derde kwartaal telden ze daar 68.409 mensen in flexiwerk, dat zijn er ruim 100 keer meer dan in de autorijscholen (die er maar 634 hadden).
"Dé flexi-job bestaat niet", concludeert Anneleen Verstraeten, juridisch expert kmo's bij SD Worx. "Elke sector gebruikt dit systeem op zijn eigen manier: van korte shiften tot intensievere samenwerkingen. Dat vertaalt zich ook in het aantal uren én de inkomsten, die variëren van gemiddeld zo'n 300 euro per maand bij -25-jarigen tot ongeveer 720 euro bij 65-plussers."
Wat is nu eigenlijk financieel voordeliger: voltijds werken of 4/5 werken met een flexi-job?
We schreven al dat de officiële cijfers van de RSZ aantonen dat voorlopig amper 17 procent van de flexi-jobbers 4/5 werkt. Die mensen doen dat natuurlijk om allerlei uiteenlopende redenen, maar wij zoomen hier even in op het financiële plaatje.
Want is het altijd financieel aantrekkelijker om 4/5 te werken en 1 dag per week te flexi-jobben? Of kan je dan toch maar beter gewoon voltijds werken?
Het antwoord op die vraag verschilt natuurlijk van geval tot geval. Alles hangt af van je gezinssituatie, je loon in je 'gewone' job, het uurloon dat je in een flexi-job krijgt en hoeveel flexiwerk je doet. De christelijke vakbond becijferde daarom voor ons enkele mogelijke scenario's, ter illustratie:
Je bent een alleenstaande arbeider in de textielsector, zonder kinderen. Je verdient met je voltijdse job maandelijks bruto 3.000 euro, met vakantiegeld en 13e maand. Netto blijft daar 2.481,09 euro per maand van over. Met een extra flexi-job daarbovenop (46 weken per jaar 1 dag van 7,6 uur werken aan het gemiddelde flexi-uurloon van 15,86 euro), kom je uit op 2.943,14 euro. Ga je 4/5 werken en flexi-jobben aan dezelfde voorwaarden, dan kom je netto uit op 2.597,29 euro. Netto dikke 100 euro meer dan je voltijdse job dus.
Je bent een bediende met een voltijds maandloon van 4.000 euro bruto, met vakantiegeld en 13e maand. Je hebt ook 2 kinderen in het hoger onderwijs en je krijgt daardoor ook centen van het Groeipakket en een schooltoelage. Netto blijft er daardoor 3.906,83 euro per maand over. Met een extra flexi-job daarbovenop (aan dezelfde voorwaarden als het voorbeeld hierboven) kom je netto uit op 4.368,88 euro. Ga je 4/5 werken en flexi-jobben, dan kom je netto uit op 4.290,72 euro, ruim 300 euro meer dan je voltijdse job.
Je bent een alleenstaande zonder kinderen en hebt een voltijdse job in de chemiesector. Daarbij verdien je 6.000 euro bruto per maand, met vakantiegeld en 13e maand. Netto blijft daar 3.859,59 euro per maand van over. Met een extra flexi-job daarbovenop (aan dezelfde voorwaarden als de voorbeelden hierboven) kom je netto uit op 4.321,65 euro. Ga je 4/5 werken en flexi-jobben, dan kom je netto uit op 3.769,16 euro per maand. Een kleine 100 euro minder dan je voltijdse job. (Terzijde: maak je dezelfde berekening met een hoger flexi-uurloon of voeg je kinderen toe in het scenario, zit je wel al snel netto hoger.)
Waarom is er dan zoveel kritiek op het flexi-jobsysteem?
Hoge lonen zouden er in sommige situaties wel inkomsten mee kunnen verliezen, maar in de meeste scenario's ga je er dus individueel en netto op vooruit met een flexi-job. Dat erkent ook ACV. En toch maakt de vakbond zich al langer dan vandaag zorgen over het systeem.
De vakbond is bijvoorbeeld bezorgd over de sociale bescherming die je al dan niet opbouwt met flexi-jobs*, dat flexi-jobs almaar meer vaste contracten zouden kunnen vervangen, dat er een ongelijkheid op de werkvloer zou ontstaan en dat flexilonen een druk op de lonen van vaste medewerkers zouden zetten. De overheid loopt er tegelijk ook inkomsten voor de sociale zekerheid mee mis.
Verschillende soorten werknemers voor hetzelfde werk creëren is niet alleen onrechtvaardig, de regering maakt er ook ons hele welvaartssysteem mee stuk
Ann Vermorgen, voorzitter van ACV
"De financiële aantrekkingskracht van individuele flexi-jobs verhult een sluipend gif op onze ", zegt ACV-voorzitter Ann Vermorgen. "Flexi-jobs verdringen steeds meer gewone banen, hollen de sociale zekerheid uit en kosten de schatkist miljoenen."
"Terwijl wie al werk heeft steeds harder werkt, worden mensen met minder kansen op de arbeidsmarkt weggeconcurreerd en ondergraaft de overheid haar eigen inkomsten. Verschillende soorten werknemers voor hetzelfde werk creëren is niet alleen onrechtvaardig, de regering maakt er ook ons hele welvaartssysteem mee stuk."
Begin deze maand legden we die kritiek ook voor aan enkele arbeidsmarktexperten. Lees hier wat zij daarover zeiden.
*Correctie: In een eerdere versie van dit artikel stelde ACV dat je met flexi-jobs geen pensioen opbouwt. Dat is wel het geval.



