De Spaanse premier Pedro Sánchez veroordeelt met klem de Amerikaans-Israëlische aanvallen op Iran, landen als Albanië en Tsjechië steunen die aanvallen wel. Frankrijk stuurt dan weer gevechtsvliegtuigen en een vliegdekschip om de regio te beveiligen. Alle Europese landen reageren dus op een andere manier, maar waarom is er geen Europese eensgezindheid over die reactie?
Spanje zegt 'nee' tegen oorlog, Frankrijk stuurt vliegdekschip: waarom Europese landen zó verschillend reageren op oorlog met Iran
Tijdens de nacht van zondag op maandag kwam de oorlog tussen Israël en de Verenigde Staten enerzijds en Iran anderzijds een stuk dichterbij toen Iraanse drones het eiland Cyprus troffen. Cyprus is lid van de Europese Unie en op het eiland ligt ook een belangrijke Britse luchtmachtbasis, die was naar alle waarschijnlijkheid het doelwit van de aanval.
Meteen rijst de vraag: hoe zal Europa hierop reageren? In de Europese Unie bestaat er zoiets als artikel 42.7, een soort alternatief voor artikel 5 van het militaire bondgenootschap NAVO. Volgens dat artikel is een aanval op een NAVO-land ook een oorlogsverklaring aan alle bondgenoten van dat land. Het moet vijandige naties afschrikken om militaire actie tegen een NAVO-land te ondernemen.
Artikel 42.7 van de Europese Unie belooft iets soortgelijks, een vorm van onvoorwaardelijke hulp of bijstand bij een aanval. Je zou dus denken dat een Iraanse drone-aanval op Cyprus een militaire reactie bij de andere EU-landen teweegbrengt, maar dat is voorlopig niet het geval. Er werd nog geen beslissing genomen om het artikel 42.7 te activeren en over hulp en bijstand voor Cyprus is - op Europees niveau - voorlopig geen sprake.
Weinig eensgezindheid
Niet alleen de Britse basis op Cyprus krijgt Iraanse aanvallen te verduren, maar ook een Franse militaire basis in Abu Dhabi werd geraakt. Toch valt geen van beide landen terug op het Europese artikel dat steun belooft.
"Simpelweg omdat het in de praktijk puur symbolisch is", schrijft EU-journalist Oliver Grimm. "Er is geen geïntegreerde militaire structuur die het artikel ondersteunt."
En dus beslist elk land afzonderlijk wat het doet, zonder al te veel coördinatie. Doordat de verschillende Europese regeringsleiders er ook een andere mening over het conflict op nahouden, leidt dat tot verschillende (soms erg uiteenlopende) reacties.
Schepen en gevechtsvliegtuigen
Voor landen als Frankrijk (dat militaire basissen heeft in de Golfregio) en Griekenland (dat sterke culturele banden heeft met Cyprus) komt het geweld wel een stuk dichterbij. Frankrijk stuurt daarom extra Rafale-gevechtsvliegtuigen en zelfs zijn vliegdekschip Charles de Gaulle naar de regio, samen met bijkomende luchtafweersystemen.
De Franse president Emmanuel Macron benadrukt dat hij militair materieel stuurt om defensieve redenen, niet om echte aanvallen op Iran uit te voeren. In die context hebben Franse gevechtsvliegtuigen al verschillende Iraanse drones neergehaald die onderweg waren naar de Verenigde Arabische Emiraten.
Ook Griekenland stuurt fregatten en F-16's. Net als Frankrijk zegt Athene dat ze dat alleen doen om de veiligheid in de regio te versterken en de kans op escalatie te verminderen. Ook Griekse jets hebben vanmorgen verschillende Iraanse drones neergehaald. De Britse luchtmacht heeft een soortgelijke aanpak en beschermt zijn basissen in de regio met F-35's en anti-dronesystemen.
"Neen tegen oorlog"
Toch zijn er ook landen die zich totaal niet willen mengen in het conflict. Duitsland, bijvoorbeeld, zegt dat het geen gevechtsvliegtuigen of luchtafweersystemen naar de regio zal sturen. Het land benadrukt dat het de nadruk wil leggen op diplomatieke oplossingen en internationaal recht, in lijn met de traditionele aanpak in Duitsland.
Spanje gaat nog een stap verder. De Spaanse premier Pedro Sánchez spreekt zich duidelijk uit tegen de aanpak van de Verenigde Staten en Israël. "Het standpunt van de Spaanse regering kan in 4 woorden worden samengevat: 'no a la guerra' (nee tegen oorlog)", zegt hij in een nieuwe televisietoespraak.
"We zullen niet medeplichtig zijn aan iets wat schadelijk is voor de wereld en indruist tegen onze waarden en belangen, simpelweg uit angst voor represailles."
Spanje heeft de VS geen toestemming gegeven om Spaanse legerbasissen te gebruiken voor de oorlog tegen Iran. "De regering staat het gebruik van onze basissen niet toe voor iets dat onverenigbaar is met de Verenigde Naties", zei de Spaanse minister van Buitenlandse Zaken.
"Uiteraard kunnen we daar gewoon binnenvliegen en de militaire basissen gebruiken", zegt Trump. "Niemand zal ons zeggen dat we dat niet mogen doen. Nu zullen we alle handel met Spanje stopzetten."
Kritiek op Europa
De aanpak van Europa krijgt veel kritiek, zowel van bondgenoten als van Israël en de Verenigde Staten.
Enerzijds klinkt er kritiek dat Europa zich niet duidelijk uitspreekt tegen de manier waarop de Verenigde Staten en Israël de oorlog met Iran zijn gestart. Hun plannen werden niet besproken in de VN-Veiligheidsraad en beide landen hebben dus geen internationaal mandaat voor een oorlog.
"Het is niet omdat het Iraanse regime verwerpelijk is, dat het legaal of verstandig is om een oorlog te beginnen", zegt defensiespecialist Sven Biscop (UGent). "We gaan hier voor de rest al te kritiekloos in mee. De reactie van Europese kant is maar flauwtjes."
"We blijven vastzitten in onze afhankelijkheid van de VS. We zijn bang dat Trump actie tegen ons zal ondernemen als we te scherp zijn, zoals hij nu Spanje afdreigt alle handel te zullen stoppen. Ik hoop wel dat we daar als Europese Unie eensgezind op zullen reageren."
Ook uit andere hoek klinkt kritiek. Sommige landen vinden dat Europa een duidelijk militair standpunt moet innemen. Israël en de VS vinden dat Europa te terughoudend reageert en Iran onvoldoende afschrikt.
Wat doet België?
Ook binnen onze regering is er verdeeldheid over de aanpak. Dat er binnen de federale regering heel anders wordt gereageerd op de Iran-oorlog, is geen verrassing, zegt Conner Rousseau. Volgens de Vooruit-voorzitter zijn er nu eenmaal verschillende wereldbeelden en was dat ook op voorhand duidelijk.
"We zijn niet verkozen door de mensen om samen voor wereldvrede te zorgen", zegt hij. "We hebben zoveel uitdagingen in België. We focussen ons daarop. Hoe kunnen we de sociale zekerheid beschermen? Hoe beschermen we de koopkracht en de economie? Hoe bereiden we ons voor op de vergrijzing?"
Intussen zegt minister van Defensie Theo Francken (N-VA) wel dat ons land zich voorbereidt om militaire hulp te bieden in de conflictregio. "Cyprus is een EU-lidstaat. Het is niet meer dan logisch dat Cyprus steun krijgt van andere lidstaten als Hezbollah drones en andere wapens afvuurt op Cyprus", vertelt hij.
"Wat ons betreft moeten we aandachtig blijven als de Golfstaten misschien de komende dagen de steun vragen van de Europese landen", zegt minister van Buitenlandse Zaken Maxime Prévot (Les Engagés) in Terzake. Al verwijst hij daarvoor naar zijn collega van Defensie, Theo Francken.






