Vlaams Parlementslid Amien Horch (Groen) beschuldigt de Vlaamse regering ervan de klimaatcrisis te "subsidiëren". De regering compenseert een 20-tal industriële bedrijven met een grote uitstoot voor de uitstootrechten die ze moeten opkopen van de EU. Dit jaar zal de kostprijs oplopen tot bijna 270 miljoen euro. Volgens Horch gebruiken sommige van die bedrijven dat geld niet voldoende om te vergroenen. Minister-president Diependaele zegt dat alles in lijn met de Europese klimaatregels gebeurt, en dat die steun nodig is om de industrie in Vlaanderen te houden.
Vlaamse energie-intensieve bedrijven krijgen dit jaar 270 miljoen euro uit Europese klimaatpot
Eerst even dit. Grote industriële bedrijven moeten voor elke ton CO2 die ze uitstoten, uitstootrechten kopen op de Europese koolstofmarkt ETS. Een deel van dat geld vloeit echter terug naar de industrie. De lidstaten ontvangen immers een stuk van de inkomsten en mogen die uitbetalen aan de industrie, op voorwaarde dat die bedrijven daar voor een stuk hun activiteiten mee vergroenen.
Zo wil Europa de industrie ertoe bewegen (en helpen) om de energietransitie te maken en zo mee de Europese klimaatdoelen te halen.
Maar volgens Horch loopt dat systeem in Vlaanderen spaak. Bedrijven waarvan de uitstoot wereldwijd nog stijgt, krijgen toch Vlaams geld uit de Europese klimaatpot. Bovendien zou er te weinig gecontroleerd worden of die bedrijven dat geld wel degelijk inzetten voor vergroening.
Het bedrag dat de industrie terugtrekt, groeit ook. Dit jaar zou het gaan om bijna 270 miljoen euro, terwijl het in 2019 nog 39 miljoen euro bedroeg. "De Vlaamse regering smijt met miljoenen naar fossiele bedrijven waarvan de CO2-uitstoot alleen maar stijgt", concludeert Horch.
Horch berekende dat bedrag op basis van openbaar beschikbare subsidieregisters en de antwoorden die hij kreeg op parlementaire vragen aan de bevoegde ministers Depraetere (Klimaat, Vooruit) en Diependaele (Industrie, N-VA). "Puzzelwerk", zo noemt hij het zelf. Volgens hem communiceert de regering te weinig transparant over de uitgaven.
Snuifje zout
"Bijna 80 procent van de middelen vloeit terug naar dezelfde vervuilende bedrijven, waaronder ExxonMobil en TotalEnergies, 2 oliebedrijven die de oorzaak zijn van de klimaatcrisis", zegt Horch in De Ochtend. "Daarom vinden we dat de Vlaamse regering de klimaatcrisis subsidieert."
De raffinaderij van TotalEnergies in Antwerpen ontving in 2024 net geen 20 miljoen euro aan compensaties. In het geval van ExxonMobil gaat het om 15,4 miljoen euro.
Groen kaart aan dat Vlaamse regering klimaatcrisis subsidieert door compensatiesteun aan industrie
"Natuurlijk moet de industrie gesubsidieerd en ondersteund worden om te vergroenen. Dat is de toekomst", vindt Horch. "Maar TotalEnergies en ExxonMobil zijn dat niet. Dat zijn oliebedrijven die miljarden euro's winst maken. ExxonMobil stoot wereldwijd bovendien meer uit dan 5 jaar geleden. Toch worden ze royaal gesubsidieerd."
"Dat zijn geen bedrijven die nood hebben aan geld. Ze maken gigawinsten op kap van onze gezondheid, onze gezinnen en kleine ondernemingen."
Volgens Horch doen die bedrijven te weinig moeite om te vergroenen, en worden ze daar te weinig op gecontroleerd. Nochtans moeten ze tot 50 procent van de compensatie investeren in decarbonisatie of energie-efficiëntie.
Al zijn er volgens Horch ook goede voorbeelden. "ArcelorMittal krijgt ook geld (het staalbedrijf kreeg in 2024 42,9 miljoen toegewezen, het meeste van alle bedrijven, red.). Maar dat doet wel moeite om te vergroenen. Hun uitstoot is wel gedaald. Zo zijn er enorm veel bedrijven. Daar hebben we geen probleem mee. Die bedrijven moet je steunen."
Volgens Horch moet de uitbetaling van het Europese klimaatgeld aan de industrie herbekeken worden. "Het gaat om een hele pot geld met klimaatmiddelen die gebruikt kunnen worden om mensen te beschermen en de bedrijven te versterken die het nodig hebben."
Geen groene subsidie
Horch krijgt daarvoor enige bijval van Bond Beter Leefmilieu. "Vandaag is die steun zuiver gericht op concurrentiekracht, ook voor bedrijven die niet per se met de transitie bezig zijn", zegt beleidsexpert Yelter Bollen. "Laat ons dat geld inzetten om de transitie in de industrie te versnellen. Vandaag is het helaas geen groene subsidie, terwijl het dat volgens ons net zou moeten worden."
Bollen berekende vorig jaar dat een derde van de Vlaamse klimaatinkomsten naar zulke compensaties voor de industrie gaat. Hij noemde Vlaanderen toen "een van de de meest royale overheden van de EU".
Jobs voor duizenden mensen
Vlaams minister-president Matthias Diependaele (N-VA), ook Vlaams minister van Industrie, ziet het probleem niet. "Het is een systeem van compensaties die bedrijven kunnen krijgen, en Europa staat dat ook toe."
Hij wijst erop dat grootverbruikers 2 keer moeten betalen. Ze moeten niet alleen uitstootcertificaten opkopen, maar betalen ook verhoogde energieprijzen. Dat komt doordat energiebedrijven die bijvoorbeeld elektriciteit opwekken met gas, zelf ook uitstootrechten moeten kopen, en die kosten doorrekenen aan hun klanten.
Volgens Diependaele gaat het dus niet om een subsidie, maar een compensatie voor de uitstootrechten die ze te veel hebben betaald. "We doen dat omwille van de concurrentiekracht. Nederland, Frankrijk en Duitsland maken ook allemaal gebruik van dat systeem. Als wij dat niet zouden doen, zouden onze bedrijven een concurrentieel nadeel hebben."
"Iedereen weet hoe lastig onze industrie het vandaag heeft. We willen die bedrijven en die tewerkstelling, voor duizenden mensen, in Vlaanderen houden."
Nog volgens Diependaele zijn de voorwaarden voor die compensatie sinds 2022 nog verstrengd. "Zij moeten met met een deel van die middelen klimaatinvesteringen doen om te werken aan de transitie naar een CO2-neutrale industrie. Voor alle duidelijkheid: onze industrie presteert daar wel degelijk zeer goed in."
Volgens hem klopt het niet dat sommige bedrijven die klimaatmiddelen niet inzetten om te vergroenen. "Als Horch zoiets wil beweren, dan moet hij het kunnen aantonen, en dat kan hij niet. Er wordt wel degelijk samengezeten met die bedrijven en gekeken waarvoor dat geld gebruikt wordt. Zij moeten daarvoor ook verantwoording afleggen."
Inkomsten stegen samen met CO2-prijs
Dat zegt ook Peter Claes, bestuurder van Febeliec, de vereniging van industriële grootverbruikers in België. "Elk bedrijf dat aanspraak maakt op die compensatie, moet aantonen dat het een deel van dat geld gebruikt voor klimaatmaatregelen. En dat aandeel groeit trouwens."
Claes wijst erop dat het niet onlogisch is dat de pot met klimaatgeld die de Vlaamse industrie krijgt, de voorbije 6 jaar zo sterk gegroeid is, van 39 miljoen euro tot 270 miljoen euro. Ook de kostprijs van 1 ton CO2 op de ETS-markt is immers gestegen, en daarmee ook het deel van de opbrengst dat terugvloeit naar de lidstaten.
"Vóór 2020 schommelde de CO2-prijs rond de 15 à 20 euro per ton", zegt Claes. "Vandaag is dat 70 euro, een paar jaar geleden piekte die zelfs tot bijna 100 euro (van februari 2022 tot april 2023, red.). Dat is een stijging met een factor 5. Dan verbaast het me niet dat ook de compensatie even sterk gestegen is."
Essencia: "Karikatuur"
Essencia, de Belgische federatie van de chemische en farmaceutische sector, noemt de kritiek van Groen "een karikatuur van een complexe realiteit". "Dit is geen blanco cheque voor bedrijven, maar een doordachte correctiemaatregel om de chemie-industrie in Vlaanderen – die hier produceert volgens de strengste milieu- en klimaatregels – deels te beschermen tegen oneerlijke concurrentie", zegt gedelegeerd bestuurder Yves Verschueren.
"Dit sloganesk wegzetten als 'subsidies aan vervuilers' ondermijnt niet alleen het vertrouwen in de overheid maar veegt ook de forse klimaatinspanningen van de sector onder de mat: sinds 1995 is de CO2-uitstoot in de chemie-industrie in België meer dan gehalveerd."
"Wie de klimaattransitie ernstig neemt, beseft net dat we een sterke chemie nodig hebben om essentiële materialen en klimaatoplossingen te maken, zoals woningisolatie of batterijonderdelen. Die produceren we best hier bij ons, op de meest energie-efficiënte en klimaatvriendelijke manier. '
Eind juni kloeg de werkgeversorganisatie VOKA nog aan dat er te weinig ETS-geld naar de Vlaamse industrie zou stromen. België ontvangt een kleiner aandeel uit de Europese klimaatpot dan je zou verwachten op basis van de uitstoot, en Vlaanderen ontvangt bovendien een kleiner aandeel van de Belgische pot. Volgens VOKA kan het verlies voor de Vlaamse industrie op termijn oplopen tot 700 miljoen euro per jaar.
VRT NWS vroeg ook een reactie op bij de 2 bedrijven die Horch bekritiseert. TotalEnergies antwoordde voorlopig niet.
ExxonMobil verwijst door naar de sectorfederatie Energeia. Die reageert dat hij niet kan antwoorden in naam van specifieke bedrijven, maar dat "heel de sector opereert in een strak beleidskader, zowel op Europees, Belgisch als Vlaams niveau. Het klopt niet dat er niets gebeurt. Er zijn veel voorbeelden van innovatieve technologieën waarin wordt geïnvesteerd, zoals de nieuwe generatie biobrandstoffen op basis van afval, waterstof, CCS en CCU (koolstofopslag en koolstofhergebruik, red.)..."
"Maar we moeten wel toegang hebben tot Europese fondsen om die technologieën naar hier te brengen. Wij hebben net nood aan een positief signaal dat bedrijven kunnen investeren in die decarbonisatie-strategieën. Vandaag is dat in Europa nog te vaak risicovol."




