Vlaams minister van Welzijn Caroline Gennez (Vooruit) wil de gevaren van sociale media aanpakken met een verbod voor jongeren, strengere regels en meer verantwoordelijkheid voor jongeren en ouders. Ze reageert op een VRT-onderzoek waaruit blijkt dat jongeren binnen het uur video's zien die eetstoornissen promoten. Ook de Gezinsbond is hiermee akkoord, maar een verbod lijkt niet altijd de juiste oplossing: die wil meer inzetten op preventie.
"Jongeren beschermen tegen schadelijke inhoud": minister Gennez en Gezinsbond pleiten voor strengere aanpak sociale media, maar verbod is niet altijd juiste oplossing
Gennez is al langer verontrust over de impact van sociale media op het brein van jongeren, zegt ze in De Ochtend op Radio 1. “Foute schoonheidsidealen, het aanpraten van depressies, fake gezondheidsnieuws: het is breed aanwezig op TikTok en Instagram, de platformen waar onze jongeren het meest actief zijn. Voor mij is de conclusie vrij helder: we moeten hen daartegen beschermen.”
Regelgeving moet strenger
Een grote verantwoordelijkheid ligt daarvoor bij de platformen zelf, vindt ze. “Normaal hebben jongeren pas vanaf 13 jaar toegang tot TikTok en Instagram, maar je ziet dat kinderen op hun 8e al actief zijn. Het verbod wordt dus niet gehandhaafd.”
Dat wil Gennez aanpakken door kinderen “online te identificeren”, maar ook door een totaalverbod op sociale media te handhaven tot een bepaalde leeftijd. “Ik denk dat 13 daarbij nog te jong is. Het is een debat dat zeer dringend moet worden gevoerd, met de techgiganten én op Europees niveau.”
Verder wil ze verslavende algoritmes strenger reguleren en de bedrijven stimuleren om schadelijke inhoud offline te halen. “De regelgeving moet strenger. Daar ben ik 100 procent van overtuigd en daar zal ik aan werken, op alle politieke niveaus.”
"Niet overlaten aan China en Musk"
Ook bij het onderwijs en bij ouders ligt een plicht, meent Gennez. “We moeten onze kinderen meer weerbaar maken.” Zo moet het op school vaker over mediawijsheid gaan. “Jongeren moeten opnieuw feit van fictie kunnen onderscheiden.” Thuis moeten er eveneens vaker gesprekken worden gevoerd. “Want wees eerlijk: wij als ouders weten nauwelijks wat onze kinderen op sociale media uitrichten.”
Tot slot kijkt ze richting Vlaanderen. “Er zijn reeds het JAC (dat jongeren tussen 12 en 25 jaar helpt met vragen en problemen, red.), het CAW en de OverKop-huizen – maar we kunnen een tandje bijsteken. We moeten ervoor zorgen dat jongeren die worstelen met hun mentaal en fysiek welzijn snel gepaste hulp krijgen. Dat kan preventief door hen minder vatbaar te maken voor online inhoud, en door hen deftig te verzorgen als er een probleem is.”
Met dat alles hoopt Gennez “kinderen niet over te laten aan China en aan miljardairs zoals Elon Musk”. “In Amerika nemen ze het over, maar in Europa is het nog niet te laat om deze platformen een halt toe te roepen. Dat moeten we met vereende krachten doen, of we hebben een generatie die zowel mentaal als fysiek eronderdoor dreigt te gaan.”
Beluister: het volledige gesprek met Vlaams minister van Welzijn Caroline Gennez (Vooruit):
Verbod kan tot taboe leiden
Dat kinderen jonger dan 13 jaar geen toegang tot socialemediaplatformen mogen krijgen, daar is Sarah Van Gysegem, opvoedingsexpert bij de Gezinsbond, het mee eens. "Die regelgeving moet dan ook strikter worden, zodat piepjonge kinderen niet meer de voorwaarden kunnen omzeilen", vertelt Van Gysegem in 'De wereld vandaag' op Radio 1. Zo moet je zelf je leeftijd ingeven als je een account aanmaakt.
Maar een verbod op sociale media voor jongeren ouder dan 13, lijkt haar geen goed idee. "Tussen 13 en 16 jaar gebeurt er gigantisch veel in het leven van een tiener. Die moeten onder andere sociale vaardigheden aanleren, en in de huidige maatschappij hoort online leren communiceren daar nu eenmaal bij", aldus Van Gysegem.
Van Gysegem vreest dan ook dat een verbod de aantrekkingskracht van sociale media alleen maar vergroot. "Als je een verbod gaat opleggen, zouden het mogelijk verboden vruchten kunnen worden die op zijn beurt nog zo interessant worden", klinkt het. "En dat kan leiden tot een taboe: als er iets misloopt op sociale media, wordt een gesprek minder voor de hand liggend." Denk maar aan de verspreiding van naaktbeelden zonder toestemming of online pesten.
Nood aan preventie
"Bij de Gezinsbond zijn we eerder voorstander van preventie: als een tiener een bepaald socialmediakanaal gebruikt, controleer dan of de instellingen veilig ingesteld zijn (zoals een privéaccount, red.). Zo kan niet iedereen hun account bekijken of berichten sturen", vertelt Van Gysegem.
Daarnaast benadrukt Van Gysegem de rol van de ouders om het gebruik van sociale media veilig te houden. Ze vergelijkt het gebruik van sociale media met fietsen. "Je laat een kind ook niet meteen fietsen op een drukke steenweg: je legt eerst uit hoe die moet remmen, hoe voorrang van rechts werkt, enzovoort", vertelt Van Gysegem. "Dat is ook zo met sociale media: je blijft betrokken en leert hen de skills om bijvoorbeeld berichtgeving kritisch te bekijken. Beetje bij beetje laat je hen dan los."
Maar dat bijsturen, is niet altijd simpel. Toch blijft het belangrijk om die informatie te herhalen. "Als je kind dat zagen noemt, vind ik dat je waardevolle informatie aan het herhalen bent. En dat is onze taak ook: niet het spioneren, maar het communiceren over hun online leven", aldus Van Gysegem.
"Die verantwoordelijkheid ligt ook niet alleen bij de ouders: ook de overheid, het onderwijs en de bedrijven zelf moeten hun steentje bijdragen. Zo moet de scholen bijvoorbeeld meer inzetten op mediawijsheid en moet er een Europese regelgeving opgesteld worden rond het mediagebruik van kinderen jonger dan 13 jaar, zoals minister Gennez al eerder voor heeft gepleit", voegt Van Gysegem nog toe.
Beluister: het volledige gesprek met Sarah Van Gysegem, opvoedingsexpert bij de Gezinsbond:



