Sam Altman, de topman van het bedrijf achter ChatGPT, denkt dat de eerste zogenoemde AI-agents dit jaar hun intrede zullen maken op de werkvloer. Dat schrijft de CEO van OpenAI in een persoonlijk bericht op zijn blog. Geen collega's meer van vlees en bloed, maar software-assistenten die gebruikmaken van 'kunstmatige algemene intelligentie'.
Sinds ChatGPT ruim 2 jaar geleden werd gelanceerd, kan iedereen heel eenvoudig gebruikmaken van artificiële intelligentie, kortweg AI. Slimme technologie, maar lang nog niet in staat te denken als een mens.
OpenAI, het bedrijf achter ChatGPT, heeft echter wel als einddoel om technologie te ontwikkelen die in staat is om alle taken die een mens kan uitvoeren, te evenaren.
Terwijl veel experten denken dat dit nog verre toekomstmuziek is, maakt OpenAI-topman Sam Altman zich sterk dat ze weten hoe ze de achterliggende technologie moeten bouwen. Dat schrijft hij in een blogpost waarin hij zowel terugblikt op het hobbelige parcours van zijn bedrijf als vooruitblikt op de toekomst van AI-technologie.
Altman heeft er alle belang bij om - voor zijn bedrijf - positieve boodschappen de wereld in te sturen. Zijn verlieslatende bedrijf is immers nog op zoek naar een businessmodel dat genoeg geld in het laatje brengt. Hij liet vandaag bijvoorbeeld weten dat zijn bedrijf verlies maakt op zijn ChatGPT Pro-abonnement van 200 dollar per maand
AI-assistenten
De technologie die mogelijk moet maken dat computers kunnen denken als mensen, is AGI: artificial general intelligence oftewel kunstmatige algemene intelligentie.
“We zijn er nu zeker van dat we weten hoe we AGI moeten bouwen zoals we dat traditioneel begrepen”, aldus Altman. En hij gaat nog een concrete stap verder in zijn boude voorspelling.
“We geloven dat we in 2025 de eerste AI-agents 'de beroepsbevolking' kunnen zien 'toetreden' en de output van bedrijven wezenlijk kunnen veranderen.”
Op dit moment wordt AI al in veel sectoren gebruikt, veelal om processen te automatiseren. AGI moet een stap verder gaan: de software zal zelfstandig taken uitvoeren, waarbij de software zelf beslissingen kan nemen.
Daarbij zullen de zogenoemde AI-agents persoonlijke assistenten worden van menselijke werknemers die allerlei administratieve klusjes voor hen opknappen. Die agents zullen dan zelfstandig gespecialiseerde taken kunnen uitvoeren, maar wel altijd in opdracht van de mens. Denk aan het beheren van agenda's of het plannen van activiteiten.
Superintelligentie
Altman wil nog een stap verder gaan: in zijn blogbericht schrijft hij dat hij wil mikken op wat hij ‘superintelligentie’ noemt. Die technologie moet wetenschappelijke ontdekkingen en innovaties enorm versnellen. Dit gaat “veel verder dan wat we zelf kunnen doen” zo orakelt hij, en dit kan “de overvloed en welvaart enorm vergroten”, voorspelt hij.
Altman is er gerust op dat iedereen de komende jaren “zal zien wat wij zien”. Maar tegelijk is hij er zich van bewust dat er de grootste zorgvuldigheid aan de dag zal moeten gelegd worden bij het ontwikkelen van deze nieuwe technologie. “Gezien de mogelijkheden van ons werk kan OpenAI geen normaal bedrijf zijn”, zo besluit hij.



