Bijna 20.000 mensen hebben in Vlaanderen geen vaste thuis, onder wie bijna 6.000 kinderen. Dat blijkt uit onderzoek van de KU Leuven en UC Louvain met steun van de Koning Boudewijnstichting. Het onderzoek brengt ook in kaart waar de mensen verblijven. "De meesten vinden onderdak in tijdelijke opvanginitiatieven of bij vrienden of familie."
6.000 kinderen dak- of thuisloos in Vlaanderen: "Meesten slapen bij familie, vrienden of in tijdelijke opvang"
Zorgkundige Deeqa is 22 en alleenstaande moeder van een dochtertje van één maand oud. Wanneer ze 18 is, verlaat ze de sociale woning van haar moeder en woont ze samen met vrienden om te kunnen sparen. Zodra ze zwanger is, krijgt ze verschillende maanden de tijd om een eigen plek te zoeken. Ondanks een vast inkomen, vindt ze geen betaalbaar appartement. “Ik was bang dat ik buiten moest bevallen", vertelt ze. Maar dat is gelukkig niet gebeurd. “Ik woon nu tijdelijk in een studio van het CAW (Centrum Algemeen Welzijnswerk) en kan binnenkort naar een eigen sociale woning.”
Bijna 20.000 mensen dak-of thuisloos in Vlaanderen
Van die 20.000 dak- en thuislozen zijn 5.946 kinderen en jongeren. Zo'n 40 procent van de kinderen verblijft in een tijdelijk opvanginitiatief, ongeveer 30 procent krijgt tijdelijk onderdak bij familie of vrienden, 10 à 15 procent woont in een huis waar ze dreigen uitgezet te worden.
Waar verblijven dak- en thuisloze mensen?
Het stereotiepe beeld van de dakloze man op straat stellen we best bij, zegt professor Koen Hermans. “Het merendeel van de mensen zonder eigen woonst zoekt een slaapplaats bij vrienden of familie. Die sofasurfers blijven vaak onzichtbaar, maar komen met dit soort tellingen naar boven.”
Daarnaast vinden mensen ook de weg naar crisisopvang of tijdelijke opvanginitiatieven of slapen ze in een ruimte die daar niet voor geschikt is, zoals een auto, woonwagen, garage of kraakpand. 'Slechts' vijf procent van alle dak- en thuislozen overleeft op straat.
Sofasurfers blijven vaak onzichtbaar, maar komen met dit soort tellingen naar boven
Professor Koen Hermans, KU Leuven
Een opvallende groep van 13 procent verblijft langer dan nodig in een instelling omdat ze geen woonoplossing hebben. Het gaat dan om mensen in bijvoorbeeld een ziekenhuis, psychiatrisch centrum, de bijzondere jeugdzorg of een gevangenis. “Dat betekent dat wanneer je minder mensen kunt laten uitstromen, er ook minder bedden voorhanden zijn voor nieuwe mensen", zegt Hermans.
Kijken we naar de steden Antwerpen, Gent en Leuven dan is iets minder dan de helft van de dak- en thuisloze mensen geboren in België. Van alle dak- en thuislozen heeft 15 à 20 procent geen wettig verblijfsstatuut. "Migratie is een belangrijke aanleiding van dak- en thuisloosheid maar niet de belangrijkste", duidt Hermans.
Mentale gezondheidsproblemen en verslavingsproblematiek
Meer dan 7 op de 10 dak- of thuislozen heeft vermoedelijk gezondheidsproblemen. Dat ziet Westin (50)* ook in zijn omgeving. Hij heeft vijf jaar op straat gewoond nadat co-housen met een vriendin was foutgelopen. Ook zijn tijdelijk arbeidscontract was vlak voor de coronapandemie afgelopen. Al die tijd bleef hij wel een dokter bezoeken. Maar hij kwam verschillende mensen tegen met kapotte voeten en schimmels, te beschaamd om naar de dokter te gaan.
Meer dan een kwart van dak- of thuislozen kampt met een verslavingsproblematiek. Ook Westin is regelmatig in de val van alcohol getrapt: "Je dag gaat sneller voorbij en je denkt dat je beter zal slapen, al is dat niet het geval. Leven op straat is ook vechten tegen verveling. Ik probeerde die verveling tegen te gaan in de bib of door te wandelen. Er is nood aan een ruimte waar je overdag terecht kan om je bezig te houden."
Sinds een maand gaat het beter met Westin. Hij woont met hulp van het CAW in een appartement en krijgt psychologische begeleiding voor trauma's uit het verleden waar op straat geen ruimte voor was om ze te verwerken.
Situatie in Wallonië
Ook in Wallonië hebben organisaties eind vorig jaar het aantal dak- en thuislozen geteld. Daar gaat het naar schatting om 19.055 mensen, waarvan 4.713 kinderen. Het zijn gelijkaardige cijfers, terwijl Wallonië een pak minder inwoners kent. "De armoedeproblematiek in Wallonië is groter", zegt Hermans. "We zien ook dat er meer dak- en thuislozen voorkomen in de kleine Waalse gemeenten dan in de kleinere Vlaamse gemeenten."
We zien dat er meer dak-en thuisloze mensen voorkomen in de kleine Waalse gemeenten dan in de kleinere Vlaamse gemeenten
Professor Koen Hermans, KU Leuven
De afgelopen vier jaar konden de tellingen plaatsvinden met steun van de Koning Boudewijnstichting. Vanaf dit jaar nemen de Vlaamse en Waalse overheid de tellingen over. In dit artikel zijn geen cijfers over Brussel opgenomen, daar wordt op een andere manier geteld.
*De echte naam van Westin is bekend bij de redactie, hij verkiest anoniem te blijven



