Vandaag wordt het officiële startschot gegeven van het voorzitterschap van België bij de Europese Unie. Het komende half jaar leidt ons land de Raad van de EU. Maar wat betekent dat in de praktijk? Hoe belangrijk is dat? En waarom wordt er zoveel van ons land verwacht? Vijf vragen en antwoorden.
België is de komende zes maanden voorzitter bij de Europese Unie, wat houdt dat precies in?
Officieel begon het al maandag, maar vandaag wordt in Brussel de echte aftrap gegeven van het Belgische EU-voorzitterschap. Dat gebeurt met een bezoek van Europees Commissievoorzitster Ursula von der Leyen aan een Belgische delegatie onder leiding van premier Alexander De Croo. Het begin van zes goedgevulde maanden.
1. Van wat worden we precies voorzitter?
Ursula von der Leyen, Charles Michel, Roberta Metsola... Het zijn stuk voor stuk namen die we eigenlijk al associëren met voorzitterschap en de EU. Elk zijn ze de vaste voorzitter van een belangrijk EU-orgaan: Von der Leyen bij de Europese Commissie, Michel bij de Europese Raad en Metsola bij het Europees Parlement.
Ons land wordt voorzitter van de vierde belangrijke EU-instelling: de Raad van de Europese Unie. Dat is het orgaan waarin de ministers van de 27 EU-lidstaten zitten. Om het half jaar is een ander land voorzitter van die Raad. België neemt het stokje over van Spanje.
De Raad van de EU wordt vaak verward met de Europese Raad, die geleid wordt door Charles Michel. In dat orgaan beslissen de regeringsleiders van alle lidstaten over de algemene beleidslijnen en prioriteiten van de EU. In de Raad van de EU, daarentegen, zitten de ministers van de lidstaten, elk voor hun vakgebied.
De Raad van de EU speelt vooral een belangrijke rol in het maken van Europese wetten. Het land dat voorzitter is, heeft daarbij twee taken. Allereerst moet het alle lidstaten op één lijn krijgen rond wetsvoorstellen die van de Europese Commissie komen, door een compromis te vinden waarmee een meerderheid akkoord is.
Vervolgens onderhandelt de voorzitter namens alle 27 lidstaten met het Europees Parlement, waarin Europese politici zitten die rechtstreeks verkozen zijn door het Europese volk. Wanneer bij die onderhandelingen een definitief akkoord gevonden wordt, heb je een Europese wet.
Zo gaat het althans in 80 procent van de gevallen. Want de bevoegdheden van de Raad van de EU gaan verder. Als het gaat om gevoelige materies komt het parlement niet tussenbeide. Bijvoorbeeld bij sancties tegen Rusland, maar ook akkoorden over belastingen, begroting, defensie of buitenlands beleid is het de Raad die beslist.
2. Wat betekent dat in de praktijk?
Concreet betekent het dat de verschillende ministerraden van de Raad van de EU de komende zes maanden geleid worden door de Belgische ministers. Daarnaast zijn het ook Belgische diplomaten en ambtenaren die de voorbereidende vergaderingen leiden.
De Belgen moeten daarbij als onpartijdig bemiddelaar zoeken naar compromissen tussen de verschillende standpunten van de lidstaten. Op die manier moeten ze vooral proberen om zoveel mogelijk wetgeving af te ronden.
EU-voorzitterschap op z'n Belgisch
Door onze complexe staatsstructuur zitten de bevoegdheden die in de Europese ministerraden behandeld worden, verspreid over verschillende regeringen. België maakt daarom als enig land gebruik van een regeltje in het Verdrag van Maastricht dat bepaalt dat ook ministers van deelstaten in de Raad van de EU kunnen zitten.
Bijna alle ministers in ons land zullen betrokken zijn bij het voorzitterschap. Bij de vakgroepen rond Industrie of Sociale Zaken is dat in een beurtrol tussen federale, Vlaamse, Waalse en Brusselse ministers. Eén vakgroep wordt enkel voorgezeten door een Vlaamse minister: Visserij, waarvan Hilde Crevits voorzitter wordt.
Premier Alexander De Croo heeft geen officiële rol. Als regeringsleider zit hij immers niet in de Raad van de EU, maar in de Europese Raad, en daar is met Charles Michel een andere landgenoot vaste voorzitter. Al zal De Croo in de praktijk wel het gezicht zijn van het voorzitterschap van ons land. Ook bij onderhandelingen achter de schermen zal hij een belangrijke rol spelen.
3. Wat kunnen we verwachten?
Het wordt een bijzonder belangrijk voorzitterschap, want in juni vinden er Europese verkiezingen plaats. Dat betekent dat het in de eerste maanden voor ons land vooral zaak wordt om nog zoveel mogelijk akkoorden af te sluiten met het Europese Parlement. De deadline daarvoor ligt eigenlijk al in februari, zodat alles tijdig juridisch rond geraakt vóór de ontbinding van het parlement in april.
Ongeveer 140 wetgevende dossiers liggen nog op tafel. België hoopt om er de komende twee maanden nog 60 te kunnen doen landen. Ter vergelijking: Spanje rondde er als voorzitter 70 af, maar dan wel over een volledige termijn van zes maanden.
Van migratie tot luchtvervuiling en rijbewijzen
Een bekend en belangrijk dossier is bijvoorbeeld het Migratiepact. Spanje slaagde er als voorzitter al in om een akkoord te bereiken met het Europees Parlement, een pluim die ons land graag op zijn hoed had gestoken. Maar er is nog heel wat deelwetgeving die afgerond en goedgekeurd moet worden door de lidstaten.
Een ander akkoord dat ons land graag wil afronden, is de Net-Zero Industry Act. Die moet ervoor zorgen dat de fabricatie van belangrijke technologieën, zoals zonnepanelen en warmtepompen, meer in Europa gebeurt, om zo minder afhankelijk te zijn van import uit landen zoals China.
Ook over strengere Europese normen voor luchtvervuiling hoopt ons land een akkoord te kunnen vinden. Verder zijn er bijvoorbeeld nog initiatieven rond nieuwe regels voor rijbewijzen of overtollig verpakkingsafval.
België vanaf 1 januari voorzitter van Europa: wat kunnen we verwachten?
Koers voor de komende jaren
Heel anders wordt het tweede deel van het Belgische voorzitterschap. Dat zal vooral in het teken staan van de strategische agenda die de Europese Raad in juni wil afkloppen. Die moet de koers en doelstellingen van de EU voor de komende vijf jaar bepalen. Ook daarvoor zal ons land het voorbereidende werk doen.
Een belangrijk agendapunt wordt bijvoorbeeld de verdere uitbreiding van de EU, met de hangende lidmaatschapsaanvragen van Oekraïne en de landen van de Westelijke Balkan. Andere hete hangijzers zijn de gezamenlijke veiligheid en Europese defensie, en eventuele aanpassingen in de werking van de EU.
4. Hoe belangrijk is dat voorzitterschap?
De rol van België is er in de eerste plaats een van onpartijdige en neutrale bemiddelaar. Toch proberen landen die voorzitter zijn ook steeds eigen accenten te leggen. Zo kunnen ze proberen om ideeën op de Europese agenda te krijgen en de nadruk te leggen op thema's die op termijn moeten resulteren in wetgeving.
Ons land kondigde al aan dat het vooral wil werken aan versterking van de Europese economie en concurrentiekracht. Ook het steunen van de Europese industrie bij de uitvoering van de Green Deal zal premier De Croo bovenaan het prioriteitenlijstje proberen schuiven bij het uittekenen van de strategische agenda.
Daarnaast zullen ook veel ministers informele bijeenkomsten organiseren met hun Europese collega's. Zo zal Vlaams minister van Leefmilieu Zuhal Demir proberen om de coalitie voor een verbod op PFAS te versterken met een tweedaags congres in Antwerpen.
Belgisch EU-voorzitterschap: "Vooral de uitbreiding van de EU zal een belangrijk thema worden"
Het voorzitterschap is voor landen alleszins een kans om zich te tonen. Vlaanderen ziet het zelf ook als een manier om zich meer op de kaart te zetten als "sterke regio in Europa". Bovendien zien de verschillende overheden het als een kans om het "verre Europa" dichter bij de burger te brengen en het debat over de EU levendiger te maken.
5. Hoe bracht ons land het er vorige keren vanaf?
België was al 4 keer voorzitter van de Raad van de EU in zijn huidige vorm, en zelfs al 13 keer sinds de Europese eenmaking. Sterker nog: zowel bij de start van de Europese Economische Gemeenschap in 1958, als bij de start van de huidige Europese Unie in 1993 was ons land de eerste voorzitter.
Als klein landje speelden we dan ook al vaak een belangrijke rol. De Belgische diplomatie wordt traditioneel geroemd voor zijn vermogen om compromissen te smeden. Onder meer het laatste Belgische voorzitterschap in 2010 werd bestempeld als een succes.
Dat is opmerkelijk, want ons land ging op dat moment door een diepe crisis, met een regering in lopende zaken tijdens de langste regeringsvorming ooit. Maar net het feit dat de regering in lopende zaken was, zorgde ervoor dat ministers meer tijd hadden om zich te focussen op Europese thema's.
Er wordt nu gehoopt op een soortgelijk effect, aangezien de regeringen in eigen land stilaan in verkiezingsmodus zijn in aanloop naar de verkiezingen in juni. Bovendien volgt vanaf juli het Hongarije van Viktor Orbán als voorzitter, waar door het Hongaarse euroscepticisme niet meteen veel van verwacht wordt.
De Belgische diplomatie wordt traditioneel geroemd voor zijn vermogen om compromissen te smeden, dus de verwachtingen zijn hooggespannen
"Het vooruitzicht is niet bepaald veelbelovend, dus in Europa hoopt men dat de Belgen hun huiswerk goed doen en nog een aantal grote knopen kunnen doorhakken, zodanig dat de EU er over zes maanden sterker voorstaat", aldus professor Europese Politiek Steven Van Hecke (KUL).
Al leren eerdere voorzitterschappen van ons land ook dat de internationale actualiteit vaak de agenda bepaalt. Zo vonden tijdens het Belgisch voorzitterschap in 2001 de aanslagen van 9/11 plaats. In 2010 woedde de Griekse schuldencrisis.
België als raadsvoorzitter van de Europese Unie: "Het is altijd de actualiteit die je voorzitterschap bepaalt"
Vandaag is er het conflict tussen Hamas en Israël, maar ook de oorlog in Oekraïne blijft de aandacht van Europa opeisen. De vraag is wat de komende maanden zullen brengen.
Het Belgische EU-voorzitterschap in cijfers:
100 miljoen euro: dat is het budget dat de federale overheid uitgetrokken heeft, onder meer voor beveiligingspersoneel en extra ambtenaren. Daarbij komen nog de facturen van de deelstaten. Voor Vlaanderen bedraagt die 25 miljoen euro.
360 medewerkers zijn door de federale overheid aangeworven voor de voorbereiding van het voorzitterschap, die bijna twee jaar geduurd heeft. Ook de gewesten hebben hiervoor extra personeel aangeworven.
250 Europese werkgroepen worden de komende maanden voorgezeten door Belgische ambtenaren. Daarin wordt de Europese wetgeving voorbereid.
2.000 formele en meer dan 530 informele bijeenkomsten zullen plaatsvinden onder het Belgische voorzitterschap, op tal van niveaus.





