In de Landcommanderij van Alden Biesen in Bilzen-Hoeselt verzamelen vandaag zo'n 270 gasten voor de 50e verjaardag van de Euregio Maas-Rijn (EMR). Wat in 1976 begon als een kleinschalige samenwerking op het vlak van noodhulp en politie, is 5 decennia later uitgegroeid tot een gestructureerd netwerk rond onderwijs, gezondheidszorg, veiligheid en grote wetenschappelijke projecten.
50 jaar Euregio Maas-Rijn: 270 gasten vieren halve eeuw grensoverschrijdende samenwerking in Alden Biesen
De Euregio Maas-Rijn verbindt de Belgische provincies Limburg en Luik, de Duitstalige Gemeenschap in België, Nederlands Limburg en de Duitse regio Aken. "De EMR is eigenlijk de enige plaats waar de aaneengrenzende provincies en landen elkaar ontmoeten", zegt EMR-voorzitter en Limburgs gouverneur Jos Lantmeeters. "De nationale politiek kijkt altijd naar het interne, maar wij kijken naar het grensoverschrijdende. Zo kunnen we gemeenschappelijke problemen ook gemeenschappelijk aanpakken."
Samenwerking op verschillende terreinen
In het dagelijks leven uit die samenwerking zich op heel uiteenlopende terreinen: van GrensInfoPunten voor pendelaars tot samenwerking tussen ziekenhuizen en scholen. Ook tijdens crisissituaties bewijst het netwerk zijn nut, zoals de snelle invoer van het Pendelaarsvignet tijdens de corona-lockdowns, en het inzetten van grensoverschrijdende hulpverlening bij de overstromingen in 2021 en bij de recente brand in de Hoge Venen.
Feest en overleg
De bijeenkomst in Alden Biesen vandaag is meer dan alleen een nostalgische terugblik. Beslissingsnemers en wetenschappers uit de 3 landen benutten de bijeenkomst om te netwerken en voor inhoudelijk overleg.
"Wat we vandaag doen is niet alleen symbolisch, het is ook concreet werken en tegelijkertijd het jubileum vieren", besluit Lantmeeters. "50 jaar over de grenzen heen op een heel goede manier samenwerken heeft al heel wat successen opgeleverd. Dat mag dus gevierd worden."
Grenzenloze samenwerking
Dat het behoud van die grenzeloze samenwerking geen vanzelfsprekendheid is, benadrukt ook EMR-directeur Michael Dejozé. "Het is mooi om vast te stellen dat we in tijden van oorlog met 3 verschillende landen en regio’s toch heel goed kunnen blijven samenwerken. Mensen moeten grenzeloos kunnen leven in Europa, maar daarvoor moet de achterliggende samenwerking tussen overheden wel op orde zijn."
Die samenwerking bewijst vooral op crisismomenten haar nut, zoals bij de grensregelingen tijdens de pandemie, de overstromingen van 2021 en meest recent de bosbrand in de Hoge Venen afgelopen zomer. "Daar heeft het zogeheten EMRIC-mechanisme rechtstreeks zijn diensten bewezen", legt Dejozé uit. "Dat zijn allemaal kleine dingen die we in onze dagelijkse praktijk wel beleven, maar waarvan velen niet weten hoeveel werk er op de achtergrond voor nodig is."
Einsteintelescoop
Naast de dagelijkse diensten zoals de GrensInfoPunten en grensoverschrijdend onderwijs, richt de regio haar blik op de toekomst en de wetenschappelijke top. De Euregio ondersteunt de kandidatuur om de prestigieuze Einsteintelescoop naar de grensstreek te halen.
"Het is een project dat ons laat dromen over het ontstaan van de wereld, maar het heeft ook een enorme economische impact," stelt Dejozé. "Bedrijven, bijvoorbeeld uit Belgisch Limburg, kunnen hierdoor meebouwen aan 1 van de grootste high-techprojecten ter wereld en zich zo internationaal op de kaart zetten."
Dat de grensregio überhaupt in de race zit voor het megaproject, is een rechtstreeks resultaat van 50 jaar EMR. "Één land alleen zou dit nooit voor elkaar krijgen. Omdat we na 50 jaar zo’n sterk ecosysteem hebben opgebouwd, kunnen we dit samen aan. Ik ben heel optimistisch dat het gaat lukken om dit project naar onze regio te halen."
Regionaal nieuws uit Limburg