29 leerkrachten zijn onlangs afgestudeerd als master basisonderwijs, maar een passend statuut en loon hebben ze nog niet. Ze worden betaald als bachelors, terwijl ze in de praktijk extra taken opnemen. In een open brief waarschuwen ze samen met scholen en onderwijsexperts voor een mogelijke 'brain drain': net de leerkrachten die zich specialiseren, dreigen het basisonderwijs te verlaten voor een beter betaalde job. Dit zeggen Giel, Ines en Lisa.
"Het voelt niet eerlijk": Giel, Ines en Lisa studeerden af als master basisonderwijs, maar wachten nog op correct loon
Samenvatting:
Een 30-tal studenten studeerde onlangs af aan de nieuwe masteropleiding basisonderwijs, maar in de praktijk worden ze nog betaald volgens de bachelorbarema's, ook al nemen ze vaker extra taken op.
Scholen, leerkrachten en experts vrezen daarom een 'brain drain': zonder correcte verloning dreigen afgestudeerde masters het basisonderwijs te verlaten voor beter betaalde functies elders.
Het kabinet van minister Zuhal Demir zegt dat de verloning deel uitmaakt van de lopende onderhandelingen over het onderwijspact, maar geeft geen concrete timing.
De masteropleiding in het basisonderwijs is een nieuwe opleiding aan de Vlaamse universiteiten. Ze kwam er in 2023 en was een belangrijke pijler voor toenmalig Vlaams minister van Onderwijs Ben Weyts (N-VA), die hoopte dat het basisonderwijs zo extra expertise zou krijgen. "Het is een vervolgopleiding waarin leerkrachten zich didactisch kunnen verdiepen", zegt Els Consuegra van de VUB.
Hoeveel studenten hebben de master voltooid?
1 jaar na de start van de nieuwe masteropleiding zijn in totaal 29 studenten afgestudeerd over alle Vlaamse universiteiten die de opleiding aanbieden
UAntwerpen: 6
UGent: 5
UHasselt: 10
VUB: 7
KU Leuven: 1
We polsten ook naar het aantal inschrijvingen voor de masteropleiding vorig en dit academiejaar. Maar daarover konden sommige universiteiten geen actuele cijfers geven. Het aantal inschrijvingen ligt wel in dezelfde lijn, klinkt het bij alle universiteiten.
In 2023 gaf Weyts groen licht aan de Vlaamse universiteiten voor de masteropleiding, hoewel er toen nog veel onduidelijk was over de invulling ervan en het perspectief voor de studenten. Toch klonk de studie voor heel wat leerkrachten aantrekkelijk: in 2024 werd het van 1 jaar opgestart en daar schreven zich meteen tientallen studenten op in.
Wie het schakelprogramma afrondde, kon vorig academiejaar beginnen aan de master zelf. Die groep studeerde enkele weken geleden af. Ook Giel Maes uit Aarschot. Hij werkte al 6 jaar als leerkracht toen hij aan de masteropleiding aan de UHasselt begon. "Het was een kans om te kunnen doen wat ik graag doe, en tegelijk kon ik mezelf opnieuw uitdagen en academisch verdiepen", zegt hij.
"In plaats van beslissingen te nemen op basis van wat we denken of op basis van wat we gehoord hebben, heb ik nu de mogelijkheid om naar de wetenschap te kijken, artikelen te doorgronden, daar de juiste informatie te zoeken en die te vertalen naar de klas, collega's en de school waar ik elke dag aan de slag ben."
Ook Lisa Newman, aan de slag in een basisschool in Pajottegem, is nu master basisonderwijs. "Wij kunnen met data en resultaten van digitale toetsen omgaan, daar analyses uit trekken en omzetten naar de praktijk", vertelt ze. "Hetzelfde met een leerlijn ontwikkelen over de school heen, de vertalen naar de praktijk en collega's bijstaan."
Ze kijken met een frisse, kritische blik naar onderwijsontwikkeling
Carolien Vandenbosch, coördinerend directeur basisonderwijs GO! scholengroep Wijs
"De masters hebben een sterke analytische en onderzoekende houding, en dat is een meerwaarde", zegt ook Carolien Vandenbosch, coördinerend directeur basisonderwijs van GO! scholengroep Wijs, in een open brief. Ze zijn een soort tussenpersoon tussen de wetenschap en de praktijk, klinkt het. "Ze vertalen als onderwijsprofessional wetenschappelijke inzichten naar het werkveld en omgekeerd."
Combinatie met lesgeven
En daarvoor krijgen ze ook de ruimte binnen de school. "Wij staan met dat nieuwe diploma voor de klas, maar krijgen ook een aantal beleidsuren toegewezen. In die tijd kunnen we onze inzichten verwerken", vervolgt Giel. "Zo heb ik sinds de start van het nieuwe schooljaar al een didactische sessie gegeven aan mijn collega's en ook een pedagogische studiedag uitgewerkt."
De masters nemen binnen de schoolmuren dus vaker taken op die verder gaan dan lesgeven. Maar hoe die taken zijn afgebakend, en hoe die taken precies moeten worden ingevuld, gebeurt niet overal op dezelfde manier. "Het ontbreekt aan een duidelijk vanuit de hogere overheid", zegt Adinda Top, die al enkele jaren leerkracht is, maar onlangs afstudeerde als master in het basisonderwijs.
Scholen bepalen daarom intern hoe ze die functie invullen. "Dat werkt wel, want binnen het onderwijs is vrijheid belangrijk", benadrukt Ines Van de Gucht, die onlangs als master afstudeerde, nu voltijds voor de klas staat en daarbovenop extra beleidsuren opneemt. "Alleen word ik voor die extra uren en taken niet betaald", zegt ze.
Niet dat ik gedemotiveerd ben, maar er zijn natuurlijk genoeg sectoren waarin je als master wel correct betaald kan worden
Ines Van de Gucht
En daar wringt het schoentje: vandaag zijn er in het basisonderwijs wel voor bachelors, maar niet voor masters. Geen apart of wettelijk kader betekent dus ook geen loon volgens je diploma. "En dat voelt niet helemaal eerlijk", zeggen Giel en Ines.
"Het is demotiverend", gaat Ines verder. "Niet dat ik gedemotiveerd ben, maar er zijn natuurlijk genoeg sectoren waarin je als master wel correct betaald kan worden. Je steekt zoveel energie en tijd in dat diploma en op de werkvloer neem je er extra taken bij, zonder dat je daarvoor beloond wordt."
Voor de duidelijkheid: geen enkele afgestudeerde leraar vertelt ons dat ze door het gebrek aan een correcte verloning twijfelen over hun job. "Wij doen onze job heel graag", zeggen ze. "Als je in het onderwijs staat, moet je passie hebben", vult Lisa aan.
"Maar als we meer uren moeten presteren zonder dat we daarvoor verloond worden, denk ik dat sommigen zullen nadenken over een andere optie, bijvoorbeeld bij een onderwijskoepel waar ze wel correct worden betaald. En dat is logisch."
"Geen loopbaanperspectief"
Studenten, leerkrachten, schooldirecteuren en experts vrezen daarom voor een zogenoemde ''. "En dat kunnen we ons niet permitteren", schrijven ze in een open brief die al door bijna 200 mensen is ondertekend. "Wie vandaag als leraar intellectuele verdieping en professionele groei zoekt, kan wel een master volgen, maar vindt voor die bijkomende expertise nauwelijks een loopbaanperspectief binnen de basisschool."
Deze zomer ontvingen de eerste Masters in het Basisonderwijs hun diploma. Alleen is er voor hen nog altijd geen passend loopbaanperspectief in de basisschool: voor leraren in het kleuter- en lager onderwijs bestaat vandaag geen masterbarema. Vlaanderen richtte dus een masteropleiding in, maar het statuut dat die masters hun expertise moet erkennen, ontbreekt nog altijd. Zonder perspectief op een correcte verloning dreigen deze masters de basisscholen te verlaten. Die brain drain kan ons basisonderwijs zich niet permitteren.
Jarenlang is het basisonderwijs géén voorwerp van beleidsdiscussie geweest. Er wordt nu veel van hen verwacht. De pas afgestudeerden van de gloednieuwe opleidingen master in het basisonderwijs kunnen de scholen versterken bij de implementatie van hervormingen zoals de nieuwe minimumdoelen, taalheldklassen, gedragsexperts, inclusie en scholen voor iedereen, kennisrijke curricula en evidence-informed didactiek.
De masteropleiding is een vervolgopleiding en verdiept de expertise van leraren zowel op het niveau van de klas via bv. recente inzichten rond effectieve didactiek, en op het niveau van de school met expertise rond innovatieprocessen en schoolontwikkeling. Zo kunnen masters naast hun lesopdracht klasoverstijgende taken opnemen: startende leraren en ongekwalificeerde zij-instromers op de klasvloer coachen, complexe gegevens zoals de resultaten van de KOALA- en Vlaamse toetsen zorgvuldig analyseren en interpreteren, wetenschappelijke inzichten over effectieve didactiek vertalen naar de klaspraktijk, de nieuwe minimumdoelen verwerken in samenhangende leerlijnen en verantwoord beleid rond generatieve AI mee ontwikkelen. Samen met hun collega’s kunnen ze zo onderbouwde antwoorden uitwerken op de uitdagingen waar hun school voor staat.
Vandaag kunnen basisscholen in theorie al masters aanstellen, maar voor veel scholen is de beschikbare enveloppe personeelsmiddelen er te klein voor en de masters staan dan niet in lerarenuren maar in een ander, minder gunstig, statuut. Ondanks wat sommige kwatongen beweren, is de master basisonderwijs geen bevlieging. De opleiding is het resultaat van een beleidskeuze die jarenlang werd voorbereid en onderbouwd. Al in 2017 bracht de Vlaamse Onderwijsraad (VLOR) een advies uit waarin ze mogelijkheden zag voor masters om schoolteams collectief te versterken. Niet door alle leraren tot master op te leiden, maar door masters en bachelors complementair te laten samenwerken. Ook onderzoek uit 2018 van het Steunpunt Onderwijs Onderzoek (SONO) wees in dezelfde richting.
De rapporten halen verschillende voordelen aan: een breder en diverser profiel van leraren aantrekken, doorgroeimogelijkheden creëren voor bachelorleraren, professioneel leren tussen collega’s stimuleren, en het rechtstreeks verbinden van basisscholen met universiteiten om meer wetenschappelijk onderzoek naar het basisonderwijs te brengen.
De aanwezigheid van masters in het basisonderwijs is internationaal zeker niet uitzonderlijk. Onderwijssystemen maken daarin verschillende keuzes. In landen als Finland en Duitsland is een master zelfs de vereiste kwalificatie om als leraar in het lager onderwijs aan de slag te gaan; in andere regio’s zoals Engeland volstaat een bachelor, maar werken eveneens masters voor de klas die ook als dusdanig vergoed worden.
Vlaanderen hoeft die buitenlandse modellen niet zomaar te kopiëren. Een masterdiploma maakt iemand immers niet automatisch tot een betere leraar en een algemene vermastering kan de toegang tot een knelpuntberoep bovendien verhogen. Maar dat is ook niet wat door de VLOR en SONO-rapporten werd voorgesteld. De keuze is niet tussen een basisschool met uitsluitend bachelors of uitsluitend masters. De vraag is of er binnen een schoolteam plaats mag zijn voor beide.
"De grote meerwaarde van een master op de werkvloer ligt voor mij in de sterke analytische en onderzoekende houding. Ze kijken met een frisse, kritische blik naar onderwijsontwikkeling en weten wetenschappelijke inzichten te vertalen naar de dagelijkse praktijk op school. Ze kunnen bijdragen aan visieontwikkeling, collega’s inspireren met nieuwe inzichten en vernieuwingsprojecten mee vormgeven. Een master in de school brengt zo nieuwe dynamiek en verdiept niet alleen het professionele handelen, maar ook de onderwijskwaliteit van de hele school." - Carolien Vandenbosch (coördinerend directeur basisonderwijs van GO! scholengroep Wijs)
Vlakke loopbaan doorbreken
Wie vandaag als leraar intellectuele verdieping en professionele groei zoekt, kan wel een master volgen, maar vindt voor die bijkomende expertise nauwelijks een loopbaanperspectief binnen de basisschool. Leraren die bijvoorbeeld onderwijskunde of psychologie verder studeren, stromen geregeld door naar pedagogische begeleidingsdiensten, scholengemeenschappen, , leersteuncentra of inspectie. Het basisonderwijs financiert als het ware zijn eigen brain drain: precies de mensen die zich verder professionaliseren, krijgen elders meer mogelijkheden om die expertise te benutten. Dankzij een master die expliciet op het basisonderwijs gericht is, hoeven leraren voor verdere academische ontwikkeling niet langer automatisch een opleiding te kiezen die hen uit de basisschool wegleidt.
"Ik wilde na mijn bachelor altijd al verder studeren. Door het lerarentekort ben ik meteen beginnen werken, maar toen ik hoorde dat deze master ook toegankelijk was voor werkstudenten, heb ik geen seconde getwijfeld." - Alumna Valerie Oppong (leraar 5de leerjaar Gemeentelijke basisschool Paloke)
"Ik voelde al een tijdje de behoefte om me verder te verdiepen in onderwijs. Ik wilde niet alleen mijn kennis over didactiek verbreden, maar ook beter begrijpen wat wetenschappelijk onderzoek ons kan leren over goed onderwijs." - Alumna Lynn Pessendorffer (directeur gemeentelijke basisschool Prinses Paola)
"Ik was heel blij dat er eindelijk een masteropleiding kwam waardoor ik me verder kon ontwikkelen. In de bachelor leerde ik veel over didactiek en lesgeven, maar ik zocht meer verdieping. Ik wilde beter begrijpen hoe ik uitdagingen in de klas kan aanpakken en hoe ik leerlingen met specifieke noden nog beter kan ondersteunen. Nu vertrek ik vanuit data van mijn leerlingen of de school en wetenschappelijke inzichten. Ik analyseer eerst waar een probleem zit en zoek vervolgens naar onderbouwde oplossingen vanuit data en literatuur die passen binnen mijn eigen klascontext." - Alumna Nel Leirens, leraar 5de leerjaar Sint Paulus De Wonderboom
Nieuwe profielen aantrekken
Maar de master moet niet alleen ervaren leraren behouden; hij kan ook nieuwe profielen naar het basisonderwijs trekken. Al jaren maken opleidingen zich zorgen over het instapniveau van kandidaat-studenten in de educatieve bacheloropleidingen. Via instaptoetsen en remediëring werken hogescholen tekorten in essentiële basisvaardigheden weg. Maar we moeten het beroep tegelijk ook aantrekkelijker maken voor jongeren voor wie een academisch perspectief meespeelt in hun studiekeuze.
Hoe bepalend dat perspectief is, blijkt uit een ontmoeting die docent Roos Van Gasse (KU Leuven) had met een geïnteresseerde achttienjarige. De jongere was enthousiast over het idee van een bachelor aan de hogeschool gevolgd door de nieuwe master basisonderwijs. Toen bleek dat ze na die opleiding niet als master verloond zou kunnen worden in de basisschool, sloeg de stemming om. “Ga maar een andere opleiding kiezen, meisje”, luidde het advies van haar ouders.
Ook bij zij-instromers laat Vlaanderen vandaag talent liggen. Els Consuegra, voorzitter van de lerarenopleidingen aan de VUB, ziet jaarlijks masterprofielen die na een eerste carrière in de industrie of privésector naar het basisonderwijs willen overstappen. “Inspirerende figuren, maar als ze horen dat ze alleen op bachelorniveau vergoed kunnen worden, is de teleurstelling groot en zoeken ze andere carrières.”
Precies daarom adviseerde ook de Commissie van Wijzen in 2023 om een echte leerladder voor leraren te creëren. Onder leiding van Dirk Van Damme pleitte de commissie ervoor om in het basisonderwijs ruimte te maken voor verschillende opleidingsniveaus. Teams van gegradueerden, bachelors en masters zouden complementair kunnen werken, elk vanuit hun eigen expertise. Zo ontstaan doorgroeimogelijkheden, kunnen onderwijskundige taken beter worden verdeeld en krijgen scholen meer ruimte voor innovatie.
Aan het einde van de vorige legislatuur werd die gedachte concreet. In 2023 ondertekenden de hogescholen en universiteiten samen met toenmalig minister van onderwijs Ben Weyts een engagementsverklaring ter versterking van de onderwijskwaliteit. De nieuwe masters in het basisonderwijs maakten daarvan deel uit.
Uniek aan deze opleidingen was dat de decreetgever er extra strenge vereisten aan oplegde: ze moesten ontwikkeld worden in co-creatie met het werkveld en ze moesten ontworpen en verzorgd worden door hogescholen en universiteiten sámen. Dit verzekerde dat de curricula van bachelor en master mooi op elkaar aansluiten en dat de opleiding relevant is voor de praktijk, bijvoorbeeld door te focussen op thema’s en opdrachten die vertrekken vanuit actuele vraagstukken waarmee scholen worstelen.
"Ik onderzocht voor mijn masterproef welke strategieën effectief zijn om rekenautomatisering te versterken bij leerlingen van het tweede leerjaar. Samen met de school gingen we op zoek naar strategieën die wetenschappelijk onderbouwd zijn. We testten verschillende aanpakken uit en gebruikten deze resultaten om verder te bouwen aan een schoolbrede leerlijn. De school zal daar dit jaar nog steeds verder mee werken." - Alumna Nel Leirens, leraar 5de leerjaar Sint Paulus De Wonderboom
Een passend statuut ontbreekt
De opleidingen trokken al zo’n 100-tal studenten in het eerste jaar. Voor zij die afstudeerden ontbreekt echter op dit moment nog altijd één essentieel onderdeel: een passend statuut en bijbehorende verloning. Studenten begonnen aan de opleiding terwijl ze wisten dat het barema voor masters nog niet geregeld was. Ze vertrouwden erop dat daar tegen hun afstuderen duidelijkheid over zou bestaan. Die duidelijkheid is er vandaag nog altijd niet.
Dat is meer dan een loonkwestie. Het gaat over de vraag of Vlaanderen de expertise die het zelf heeft gecreëerd ook daadwerkelijk in zijn basisscholen wil inzetten of er vrede mee neemt dat die expertise elders in het onderwijsveld ingezet wordt (zoals o.a. in pedagogische begeleidingsdiensten, inspectie, hogescholen).
De geschiedenis van de master basisonderwijs leest, wanneer je de adviezen, onderzoeken en beleidsbeslissingen naast elkaar legt, opvallend logisch. Jarenlang werd gepleit voor het aantrekken van meer diverse profielen naar het beroep, meer doorgroeimogelijkheden, een sterkere verbinding tussen onderzoek en praktijk en een leerladder die talent aantrekt én behoudt. Vervolgens werd de opleiding daadwerkelijk opgericht.
Nu ontbreekt nog één puzzelstuk: ervoor zorgen dat wie als master voor het basisonderwijs wordt opgeleid, daar ook als master kan werken. Aan de onderhandelaars van het loopbaanpact vragen we daarom om verder te kijken dan de begroting van morgen. Grijp deze kans aan om een duurzaam systeem te bouwen waarin op elk onderwijsniveau ruimte bestaat voor complementaire profielen.
De eerste masters basisonderwijs staan klaar. De vraag is nu of Vlaanderen hen ook erkent zodat ze in onze basisscholen blijven.
"Leraren die bijvoorbeeld onderwijskunde of psychologie verder studeren, stromen geregeld door naar pedagogische begeleidingsdiensten, scholengemeenschappen, CLB, leersteuncentra of inspectie", leest de brief. "Het basisonderwijs financiert als het ware haar eigen 'brain drain': precies de mensen die zich verder professionaliseren, krijgen elders meer mogelijkheden om die expertise te benutten."
Ze hekelen vooral het getalm van het Onderwijskabinet rond de verloning, zowel van toenmalig minister Weyts als huidig minister Demir. "In 2017 is het 1e voorstel voor de master basisonderwijs aan de kabinetten overgemaakt, 2 jaar geleden is het schakelprogramma opgestart", zegt Lisa. "Er is genoeg tijd geweest om aan de slag te gaan, maar het bleef stil. Het lijkt alsof politici dat onderwerp ontwijken."
"We wisten natuurlijk dat er nog heel wat onduidelijkheid was over de opleiding zelf, het takenpakket en de verloning toen we aan de opleiding begonnen", zegt Giel, die benadrukt dat dat normaal is. "Maar ik had wel verwacht dat er tegen het einde van mijn opleiding, 2 jaar later dus, wel duidelijkheid zou zijn over mijn toekomst."
Uiteindelijk willen we die waardering terugzien in concrete arbeidsvoorwaarden, ze hebben nu half werk geleverd en dat is jammer
Axel Callens, masterstudent basisonderwijs aan de KU Leuven en leerkracht in De Klimrank in Poperinge
"Je kunt natuurlijk wel zeggen dat onderwijs belangrijk is en dat leerkrachten belangrijk zijn, en dat je voor de kwaliteit van het onderwijs die master opricht", vult Axel Callens, student aan de KU Leuven en leerkracht in De Klimrank in Poperinge, aan. "Maar uiteindelijk willen we ook die waardering terugzien in concrete arbeidsvoorwaarden. Ze hebben nu half werk geleverd en dat is jammer."
Onderhandelingen over kader en verloning lopen, zegt kabinet van Demir
VRT NWS vroeg aan het kabinet van Onderwijsminister Zuhal Demir ook een reactie en een stand van zaken. "De verloning maakt deel uit van de onderhandelingen over het ", klinkt het daar. "Die onderhandelingen zijn volop aan de gang, daarin zitten een honderdtal dossiers."
Op specifieke dossiers, zoals de verloning van masters in het basisonderwijs, wil de minister en haar kabinet niet reageren. "Dit onderwijspact is misschien wel de belangrijkste in jaren, daarbinnen is het kader en een correcte verloning van de masters een terechte vraag", zegt Demirs woordvoerder Olivier Van Raemdonck.
Toch zijn de leerkrachten en scholen er niet helemaal gerust in, dat bewijst ook de open brief die niet toevallig nu wordt gedeeld, net wanneer die onderhandelingen bezig zijn. "De combinatie van de besparingen de voorbije jaren in het onderwijs en het idee dat we de kwaliteit moeten versterken? Ja, daar maak ik mij zorgen om", zegt Lisa nog.


