Het aantal Nederlandse tieners (tussen 11 en 16 jaar) dat positief staat tegenover homoseksualiteit is fors gedaald. Dat schrijven Nederlandse media op basis van een nieuw onderzoek. "We zien een zorgwekkende trendbreuk", zegt hoofdonderzoeker Gonneke Stevens.
Nederlandse tieners minder positief tegenover homoseksualiteit dan 4 jaar geleden: "Zorgwekkende trendbreuk"
Jarenlang stonden steeds meer Nederlandse jongeren positief tegenover homoseksualiteit, maar die tolerantie is de voorbije 4 jaar fors gedaald. Dat blijkt uit een groot onderzoek van de Universiteit Utrecht en het Nederlandse Trimbos-instituut.
In 2021 keek 78 procent van de meisjes op de middelbare school (tot en met 16 jaar) nog positief naar homoseksualiteit. In 2025 was dat nog maar 51 procent.
Jongens waren altijd al negatiever. In 2021 had 40 procent van hen geen probleem met homoseksualiteit. In 2025 was dat cijfer bijna gehalveerd naar 22 procent.
In het middelbaar vinden meer dan 4 op de 10 scholieren het vies als 2 mensen van hetzelfde geslacht elkaar kussen. 4 op de 10 willen geen homoseksuele vrienden.
Ook is het aantal leerlingen dat denkt dat hun homoseksuele klasgenoten op school open kunnen praten over hun seksuele geaardheid sterk gedaald van 60 naar 45 procent. "Dat wijst erop dat het sociale klimaat op school voor deze leerlingen minder inclusief en veilig is geworden", schrijven de onderzoekers.
Dit onderzoek bevestigt opnieuw dat jongeren over alle leeftijdsgroepen heen, zowel jongens als meisjes, als jongeren met of zonder een migratieachtergrond, minder tolerant worden tegenover homoseksualiteit
Alexis Dewael, professor UGent
Jongeren met een migratieachtergrond hebben minder vaak een positieve houding tegenover homoseksualiteit. Het inkomen en vermogen van een gezin waaruit jongeren komen, blijkt geen verschil te maken in hoe er wordt gedacht over homoseksualiteit.
Zorgwekkende evolutie
Bij de Nederlandse openbare omroep NOS noemt hoofdonderzoeker Gonneke Stevens (Universiteit Utrecht) de resultaten "een zorgwekkende trendbreuk".
Ook professor Alexis Dewaele (UGent), die al jaren onderzoek doet naar homohaat, spreekt over een "verontrustende evolutie".
"Ik ben lang voorzichtig geweest om het zo stellig te verwoorden, omdat ik wilde wachten op harde cijfers. Maar dit onderzoek bevestigt opnieuw dat jongeren over alle leeftijdsgroepen heen, zowel jongens als meisjes, als jongeren met of zonder een migratieachtergrond, minder tolerant worden tegenover homoseksualiteit."
Ook in Vlaanderen is de tolerantie van jongeren tegenover homoseksualiteit gedaald de voorbije jaren.
Uit een onderzoek van het Vlaams Jeugdonderzoeksplatform uit april 2025 bleek dat bijna 1 op de 5 leerlingen tussen 16 en 18 jaar agressie tegen homo's aanvaardbaar vindt. In 2018 ging het nog om minder dan 1 op de 10.
Pubergedrag
"De vraag hoe dat komt, is niet eenvoudig te beantwoorden", zegt professor Dewaele. "Er wordt vaak gewezen naar sociale media en de , ook in dit onderzoek. Maar eigenlijk weten we dat niet zeker."
"Je hebt de algoritmes van sociale media die homofobie kunnen versterken. Maar ook de eigen vriendengroep kan dat."
Pubers gebruiken homofobie soms om bij de groep te horen
Alexis Dewaele, professor psychologie,
"Het is typisch pubergedrag om erbij te willen horen. Bij jongens kan homofobie dan soms gebruikt worden als manier om zich in de groep te profileren als 'echte' man. We weten dat zoiets vaker gebeurt in vriendengroepen die uitsluitend uit jongens bestaan."
"Maar ook de schoolsituatie kan meespelen. Uit dit onderzoek, maar ook andere onderzoeken, blijkt nog maar eens dat het hele schoolklimaat achteruitgaat. Er wordt meer gepest, leerlingen voelen zich minder veilig op school en ervaren school als minder leuk. Ook dat kan ertoe leiden dat jongeren zich minder durven te uiten."
"Maar het kan ook een tegenreactie zijn op de zichtbaarheid en de aandacht voor de LGBTQI+-gemeenschap."
"Er is dus geen eenvoudige oplossing. Maar het is in elk geval belangrijk dat leerkrachten voldoende worden opgeleid om hierover in gesprek te kunnen gaan met hun leerlingen. En dat scholen blijven inzetten op een antipestbeleid. Scholen die investeren in een veilig klimaat zien ook intolerantie tegen homoseksualiteit dalen."
Hoe is het onderzoek uitgevoerd?
Bijna 8.000 leerlingen uit het 6e leerjaar (groep 8 in Nederland) en het secundair onderwijs (voortgezet onderwijs in Nederland) tot en met 16 jaar werden bevraagd over hun gezondheid en welzijn.
Hoe positief ze staan tegenover homoseksualiteit werd berekend aan de hand van de mate waarin ze akkoord zijn met 4 stellingen:
Homoseksuele jongens/meisjes mogen mijn vrienden zijn
Ik vind het vies als 2 jongens met elkaar zoenen
Ik vind het vies als 2 meisjes met elkaar zoenen
Als een jongen of een meisje op jouw school homoseksueel of lesbisch is, denk je dan dat diegene dat op school eerlijk zou kunnen vertellen?
Het onderzoek maakt deel uit van de Health Behaviour in School-aged Children (HBSC), een internationale bevraging die in opdracht van de Wereldgezondheidsorganisatie (WHO) om de 4 jaar wordt uitgevoerd bij jongeren uit 50 Europese landen.
De Belgische resultaten worden in het voorjaar van 2027 verwacht, maar in tegenstelling tot in Nederland is er in België niet gevraagd naar de houding van jongeren ten opzichte van homoseksualiteit.



