Het Belgische chemiebedrijf Syensqo, een afsplitsing van Solvay, verhoogt de productie van de stoffen PVDF en PFPE. Dat zijn zogenoemde forever chemicals of PFAS, chemische stoffen die niet afgebroken worden in het milieu en daar opstapelen. Ze worden onder andere gebruikt om datacentra te koelen, in halfgeleiders en in batterijen. Wereldwijd schroeven grote PFAS-producenten hun productie op, in de hoop een graantje mee te pikken van de AI-boom.
PFAS voor datacentra en AI: ook Belgisch chemiebedrijf Syensqo schroeft productie van 'forever chemicals' op
Hoe staat het eigenlijk met de wereldwijde PFAS-productie? Werpen jarenlange campagnes tegen de milieuvervuiling hun vruchten af, of worden er integendeel nog meer geproduceerd dan vroeger? Dat vroeg de Zweedse actiegroep ChemSec zich af. Die ijvert tegen chemische vervuiling en wordt onder andere gefinancierd met fondsen van de Zweedse overheid.
ChemSec dook daarom in de plannen van de 10 grootste PFAS-producerende bedrijven ter wereld. En daar zit ook 1 Belgische multinational tussen: Syensqo. Die spin-off splitste zich in 2023 af van het chemiebedrijf Solvay en kreeg toen een groot deel van de PFAS-productie mee.
Syensqo heeft grote plannen met verschillende van die stoffen uit de PFAS-familie.
In de fabriek in het Franse Tavaux wordt de productie van de stof PVDF bijvoorbeeld opgeschroefd, voor gebruik in batterijen van elektrische en hybride wagens. In 2022 mikte Syensqo op een verdrievoudiging van de verkoop tegen 2030. Tegenwoordig houdt het bedrijf het bij "geleidelijke opschaling, waarbij de timing en het tempo zorgvuldig worden afgestemd op de vraag van onze klanten", zo laat het weten aan VRT NWS.
Maar Syensqo ziet ook een grootse toekomst voor PVDF in AI-chips. Zo kan de stof, die vermarkt wordt onder de naam Solef, gebruikt worden bij de productie van halfgeleiders.
Correctie (21 september 2026)
In een eerdere versie van dit artikel stond dat Syensqo een nieuwe PVDF-fabriek plant in de Amerikaanse staat Georgia, die in 2027 geopend zou worden. Het bedrijf laat echter weten dat de plannen daarvoor herzien zijn omdat de vraag vanuit de markt voor elektrische voertuigen zich trager heeft ontwikkeld dan verwacht. Syensqo ging niet verder in op de vraag of en wanneer de fabriek er nog zou komen.
Naast PVDF produceert Syensqo ook een andere PFAS-stof, PFPE, die gebruikt kan worden om servers te koelen. Dompel je die in PFPE in plaats van water, dan bespaart dat heel wat water en energie. Het kookpunt ligt immers lager.
Wanneer PFPE verdampt, wordt het gas afgevangen en afgekoeld tot het opnieuw als koelvloeistof gebruikt kan worden. Dat gebeurt in een gesloten systeem. In principe komt de stof dus niet terecht in het milieu.
Nog aan VRT NWS laat Syensqo weten dat het inderdaad geïnvesteerd heeft in de productie van PFPE-stoffen, en dat in de fabriek in het Italiaanse Spinetta Marengo. Tegelijk merkt het bedrijf op dat het de voorbije jaren geïnnoveerd heeft door PFAS in sommige productieprocessen uit te faseren - waarvoor het overigens ook een pluim krijgt van de actiegroep ChemSec.
Nieuw tijdperk van AI
Syensqo is maar een van de vele PFAS-producerende bedrijven die hun productie vergroten voor AI-infrastructuur en datacentra, halfgeleiders en lithium-ionbatterijen, ziet ChemSec. Naast het Belgische bedrijf gaat het onder andere om het Japanse Daikin, dat zijn PFAS-productie tegen 2027 wil verdrievoudigen.
Het Amerikaanse Chemours, de grootste PFAS-producent ter wereld, heeft dan weer Opteon 2P50 ontwikkeld, een nieuwe PFAS die "het nieuwe tijdperk van rekenkracht, voortgestuwd door AI" mee moet helpen "revolutioneren".
Chemours hoopt dat de stof versneld goedgekeurd wordt door de Amerikaanse milieuwaakhond EPA. De Amerikaanse president Donald Trump heeft immers per decreet zo'n spoedbehandeling voorzien voor chemische stoffen die gebruikt worden voor AI en datacentra.
Maar in juli tekenden 17 milieuverenigingen bezwaar aan tegen zo'n voorkeursbehandeling voor Opteon 2P50. "De datacenterindustrie weet dat ze onder vuur ligt wegens het enorme watergebruik", zei Lenny Siegel, bestuurder van Chips Communities United in de krant The Guardian.
"Daarom proberen bedrijven zichzelf af te schilderen als de goeien door alternatieve vormen van koeling te gebruiken. Maar ze vertellen het publiek niet dat ze gevaarlijke chemicaliën gebruiken. Sommige zijn toxisch, sommige zijn broeikasgassen en sommige zijn beide."
In gasvorm kunnen die stoffen immers wel degelijk voor problemen zorgen. Zo zijn lekken in koelkasten en airco's een belangrijke bron van zogenoemde HFK-gassen, die bijdragen aan de klimaatopwarming. En als ze in vloeibare vorm terechtkomen in het milieu, bijvoorbeeld wanneer zo'n koelcircuit niet naar behoren wordt ontmanteld, breken PFAS zeer traag af.
Toch zijn er ook bedrijven die afstappen van PFAS. Zo faseert het Duitse BASF alle PFAS-productie uit tegen 2028 en werkt het Zwitserse Archroma aan PFAS-vrije alternatieven. En 3M, dat onder andere in ons land voor de rechtbank werd gedaagd vanwege PFAS-vervuiling, zette eind 2025 alle PFAS-productie stop.



