Vlaamse tienerjongens scoren minder goed in leesvaardigheid dan meisjes, en die kloof is de voorbije 10 jaar gegroeid. Dat is een van de opmerkelijke bevindingen van het nieuwe PISA-onderzoek dat de kennis en vaardigheden van 15-jarigen test in 91 landen. Naast verschillen tussen jongens en meisjes speelt ook een veranderende schoolcultuur mee. Maar of het te maken heeft met meer vrouwen voor de klas? "Hold your horses."
Vlaamse jongens lezen almaar slechter dan meisjes: hoe komt dat? En wat kunnen we eraan doen?
Eerst even dit: de dalende leesvaardigheid is geen uniek Vlaams probleem. Hun scores daalden de voorbije 4 jaar dan wel stelselmatig, maar dat geldt voor de meeste onderzochte landen. "Welkom in het tijdperk van niet-lezen", titelt het Nederlandse webmagazine De Correspondent vandaag zelfs.
De Vlaamse jongens én meisjes lezen volgens de PISA-uitslagen bovendien nog altijd beter dan het Europese gemiddelde.
Toch valt het op dat de leesvaardigheid van de Vlaamse jongens sneller achteruitgaat dan die van de meisjes in hun klas. De kloof tussen de geslachten is de voorbije 10 jaar verdubbeld. Bedroeg die in 2015 nog 16 punten, dan zijn het vandaag al 32 punten.
Hoe komt dat dan? "Er is geen smoking gun", zegt professor Onderwijseconomie Kristof De Witte in VRT NWS De Wereld Vandaag.
Wiskunde- en leesvaardigheden van Vlaamse scholieren gaan achteruit: "We dagen jongeren niet genoeg uit"
Dat beamen enkele van zijn vakgenoten tijdens een belronde: er is niet zomaar 1 verklaring. Maar uit onderzoek blijkt wel dat er verschillende zaken spelen.
Jongens lezen nu eenmaal minder graag dan meisjes
Je zal sneller een meisje met de neus in de boeken zien dan een jongen, en dat is wereldwijd zo. Jongens lezen over het algemeen minder graag, maar dat fenomeen dreigt zichzelf te versterken.
"Op veel plaatsen, ook in Vlaanderen, is het aanbod van leesmateriaal veel kleiner voor jongens dan voor meisjes", zegt Pedro De Bruyckere, pedagoog en directeur van Leerpunt Vlaanderen. "Dat kan tot een vicieuze cirkel leiden." Minder boeken voor jongens betekent minder lezende jongens, enzovoort.
Boeken krijgen ook concurrentie van games. Jongens gamen over het algemeen vaker dan meisjes.
Het onderwijs wordt vrouwelijker
Hoe jonger je bent, hoe kleiner de kans dat er een man voor je klas staat. In de 2de en 3de graad van het middelbaar onderwijs is 63 procent van de leerkrachten een vrouw. In het lager loopt dat zelfs op tot 87 procent.
Volgens cognitief psycholoog Wouter Duyck zit daar een belangrijk deel van de verklaring. "De aanpak van het onderwijs, en zeker die van vrouwelijke leerkrachten, gaat iets meer naar zorg en leernoden. Meisjes gedijen beter in dat klimaat, terwijl veel jongens net externe druk nodig hebben."
"En dan nog, iets delicater: we hebben migratiegolven gehad, en er zijn culturen die wat minder vrouwvriendelijk zijn dan de onze. Dat heeft invloed op het respect voor leerkrachten, zeker in grootsteden. Al is het onderzoek dat daarnaar gedaan is, niet groot genoeg om harde bewijzen te zien."
Toch blijft het moeilijk om de link tussen vrouwen voor de klas en slechter presterende jongens hard te maken. In 2024 zag het TALIS-onderwijsonderzoek hoogstens een "gering" effect, zo blijkt uit een analyse van de VUB.
"Alle evidentie wijst erop dat het niet veel uitmaakt", zegt professor Onderwijseconomie Kristof De Witte. "Hold your horses", zegt ook De Bruyckere. Hij wijst erop dat "in andere delen van de wereld, bijvoorbeeld de Angelsaksische landen, het onderwijs al vroeger is vervrouwelijkt. "En daar is toen geen verslechtering gebeurd."
Mannelijke én vrouwelijke leerkrachten schetsen een klassiek vrouwelijk beeld van de ideale leerling: stil zijn, luisteren, volgzaam zijn
Els Consuegra, professor Onderwijskunde
Maar misschien gaat het niet meteen om wie voor de klas staat, maar eerder om de hele schoolcultuur die vervrouwelijkt is. Dat denkt ook professor Onderwijskunde Els Consuegra (VUB). "Als je vraagt hoe de ideale leerling eruitziet, dan zullen mannelijke én vrouwelijke leerkrachten een klassiek feminien beeld schetsen: stil zijn, luisteren, volgzaam zijn. Er is weinig ruimte voor creativiteit, ondernemerschap, initiatief, enthousiasme of fysiek bewegen."
"Bovendien zijn er steeds meer kinderen die afwijken van de ideale norm. Als dat dan jongens zijn die bijvoorbeeld thuis geen Nederlands spreken of in zware kansarmoede opgroeien, dan zullen ze het nog moeilijker krijgen."
Jongens vinden het cool om niet goed te zijn in "vrouwelijke" vakken
Pubers ontwikkelen volop hun identiteit, en laten die sterk afhangen van wat hun leeftijdsgenoten denken. Dat wordt mee bepaald door stereotypen. Als puberjongen kan het je status opleveren om goed te zijn in een traditioneel mannelijk vak als wiskunde of sport. Dat geldt minder voor traditioneel vrouwelijke vakken als taal.
Het kan ook stoer bevonden worden als de leraar je openlijk terechtwijst in de klas. "Onder jongens kan er competitie in het negatieve ontstaan", zegt De Bruyckere. "Jongens die niet willen opvallen door het goed te doen, maar net door het slecht te doen."
Consuegra ziet daarnaast ook de opkomst van een "antischoolse subculturen". "Die komen vaker voor bij jongensgroepen dan bij meisjes. En ik denk dat de manosfeer, bepaalde vormen van schadelijke mannelijkheid die vandaag in opmars zijn, ook invloed heeft."
Wat kunnen we daaraan doen?
Hoe krijgen we jongens opnieuw aan het lezen?
De Bruyckere verwijst graag naar de totaalaanpak voor begrijpend lezen in Ierland. "Daar hebben ze niet enkel gekeken naar het onderwijs, maar naar de hele samenleving. Als de ouders niet graag lezen en de gemeente bespaart op bibliotheken, zal het ook niet lukken om jongens te doen lezen."
Consuegra ziet verschillende oplossingen. "Zorg voor een diverser lerarenkorps met meer mannelijke rolmodellen. Pak die antischoolse subculturen aan, en werk op school expliciet rond gender, mannelijkheid en vrouwelijkheid. Daag de machocultuur uit. En versterk de schoolteams zodat ze met de diversiteit van kinderen kunnen omgaan. De vraag vanuit het werkveld is daar heel duidelijk: ze hebben meer ruimte nodig."
Volgens Duyck hoeft het dan weer "niet altijd rocket science te zijn." "Stop met die beweging naar de brede school, waar het onderwijs steeds meer zorgtaken op zich moet nemen zoals boterhammen smeren. Zet opnieuw in op basisvaardigheden. Dat is wat jongens nodig hebben."



