Het hoofd van de Amerikaanse Landmacht Dan Driscoll heeft zijn ontslag ingediend bij president Donald Trump. Dat is bevestigd door het Witte Huis. Driscoll lag al maanden overhoop met minister van Defensie Pete Hegseth, die in april Driscolls stafchef Randy George met vervroegd pensioen had gestuurd.
Hoofd van Amerikaanse Landmacht neemt ontslag, na maanden van onmin met minister van Defensie Hegseth
Net als de meeste moderne legers is het Amerikaanse leger opgedeeld in verschillende branches. Zo is Pete Hegseth de Amerikaanse minister van Defensie, maar heeft hij ook een hoofd van de Landmacht, een hoofd van de Marine en een hoofd van de Luchtmacht onder zich.
Het hoofd van de Amerikaanse Landmacht Dan Driscoll heeft nu beslist om op te stappen. Hij heeft zijn ontslag ingediend bij de Amerikaanse president Donald Trump. Het Witte Huis bevestigt zijn vertrek.
"Secretaris Driscoll heeft zeer efficiënt gewerkt om de agenda van de president om Amerika opnieuw sterk te maken, uit te voeren", klinkt het in een statement van het Witte Huis. "Dat deed hij met bewonderenswaardig leiderschap tijdens historische militaire missies, met een focus op het herstel van paraatheid en daadkracht, zijn hulp in de onderhandelingen tussen Oekraïne en Rusland en veel meer."
Onmin met Hegseth
Een reden voor zijn vertrek geeft Driscoll niet. Volgens Amerikaanse media kan hij het echter al maanden niet meer vinden met zijn baas, de minister van Defensie Pete Hegseth.
Hegseth wil het personeelsbestand van het Pentagon flink omlaag halen. Vooral het aantal generaals en admiraals moet met 10 procent dalen en het aantal militairen met 4 sterren op de schouder moet zelfs met 20 procent naar beneden.
In april moest onder meer Discrolls stafchef Randy George vervroegd met pensioen. George en Driscoll konden het heel goed met elkaar vinden: ze werkten samen aan een programma om het Amerikaanse dronearsenaal te moderniseren en de technologie van drones verder te ontwikkelen. Op die manier moeten de Verenigde Staten zich voorbereiden op een nieuwe manier van oorlogsvoering, zoals te zien is in de oorlog tussen Oekraïne en Rusland.
Het vertrek van George viel dan ook moeilijk. Tijdens een getuigenis in het Congres zei Driscoll dat "niemand anders meer respect heeft voor generaal George, zijn 42 jaar dienst en zijn familie". Georges opvolger heeft het droneprogramma bovendien stopgezet: een legereenheid in Europa - die de opdracht had gekregen om eigen drones te leren maken - is opnieuw omgeschakeld naar een traditioneel infanteriebataljon.
George is niet de enige hooggeplaatste militair die moest vertrekken. Ook het hoofd van de Marine John Phelan heeft zijn positie moeten opgeven. Daarnaast heeft Hegseth verschillende promoties voor carrièremilitairen tegengehouden, wat ook bij heel wat Amerikaanse politici in het verkeerde keelgat is geschoten.
Driscoll heeft alleszins een belangrijke invloed op de regering-Trump. Hij is een oud-klasgenoot van J.D. Vance en kan het ook goed vinden met president Trump. Volgens een anonieme bron bij nieuwsmedium NBC News zou Driscoll zijn zorgen over de paraatheid van het leger en Hegseths beslissingen ook hebben aangekaart bij de president. Mogelijk was Hegseth niet te spreken over Driscolls mogelijkheid om niet aan hem, maar rechtstreeks aan Vance en Trump te rapporteren.
Vertrek op moment van oorlog
Het vertrek van Driscoll komt op een moment dat het Amerikaanse leger in moeilijke papieren zit. Vooral de aanslepende oorlog met Iran bezorgt de regering-Trump kopzorgen: gisteren hebben de Amerikanen nog aanvallen uitgevoerd op het eiland Larak, waarna Iran drones en raketten afvuurde op Jordanië en de Verenigde Arabische Emiraten.
Daarnaast ziet het Pentagon zijn munitievoorraden verder slinken. Er zouden al nijpende tekorten zijn aan luchtafweerraketten en andere belangrijke precisiewapens, vanwege het intense gebruik in het Midden-Oosten. Het Witte Huis treft dan ook maatregelen om die voorraden zo snel mogelijk aan te vullen.
De tekorten veroorzaken ook onzekerheid in andere delen van de wereld. Onder meer Taiwan (vanwege de Chinese dreiging) en Zuid-Korea (vanwege de Noord-Koreaanse dreiging) vrezen dat de Amerikaanse tekorten verregaande gevolgen kan hebben voor hun militaire paraatheid. Ook Oekraïne kampt met ernstige tekorten aan Patriot-luchtafweerraketten in de oorlog met Rusland.


