Er is een eerste mogelijk geval van het westnijlvirus bij een paard in België vastgesteld. Dat meldt de Waalse dierenartsenvereniging UPV. Volgens het FAVV is die besmetting nog niet bevestigd en zijn er nog bijkomende stalen afgenomen.
Eerste mogelijke geval van westnijlvirus bij een paard vastgesteld in België: "Waarschuwing dat virus circuleert"
Afgelopen dinsdag werd een paard in de omgeving van Brussel geëuthanaseerd, nadat het ernstige neurologische symptomen had vertoond. Uit onderzoek is gebleken dat het dier mogelijk besmet was met het westnijlvirus.
"Dit geval is niet ontdekt via een bewakingssysteem, maar door een dierenarts die het zieke paard zag en de juiste diagnose stelde", benadrukt Pierre Paindaveine, voorzitter van de paardensectie van de UPV.
Het FAVV benadrukt dat die besmetting nog niet bevestigd is. Er zijn daarom bijkomende stalen genomen.
Wat is het westnijlvirus?
Het westnijlvirus circuleert normaal gesproken vooral tussen muggen en vogels. Muggen worden drager van het virus wanneer ze een besmette vogel steken. Daarna kan het insect het virus overdragen op andere soorten, waaronder paarden en mensen. Paarden en mensen kunnen wel geen andere dieren of mensen besmetten.
Het westnijlvirus circuleert al in Europa sinds de jaren 50, maar pas in 1996 werd een grote uitbraak ontdekt, in Roemenië. Daar raakten toen 393 mensen besmet. In België testten in 2025 3 kraaien positief. Het virus werd in mei en juli 2026 ook bij vogels aangetroffen.
Bij de mens blijft een infectie in ongeveer 4 op de 5 gevallen zonder symptomen, meestal zijn dat griepachtige verschijnselen. In 1 procent van de gevallen treedt een neurologische vorm op, voornamelijk bij ouderen of mensen met een verzwakt immuunsysteem. Er is geen vaccin voor mensen, daarom blijft het vermijden van muggenbeten de enige bescherming.
"Waarschuwing dat virus circuleert"
Dat nu een paard in ons land mogelijk positief test, is volgens de UPV een vroegtijdige waarschuwing dat het virus hier circuleert. Paarden vertonen vaker duidelijke symptomen dan mensen en worden nauw opgevolgd door dierenartsen. Daardoor worden besmettingen bij de dieren vaak eerder ontdekt dan bij mensen in dezelfde regio.
Paardeneigenaren hoeven geen noodmaatregelen te treffen, stelt de UPV gerust. De aanbevelingen tegen muggen blijven dus ongewijzigd. Zo moeten eigenaren stilstaand water rond de stallen best verwijderen, toegestane insecticiden gebruiken en een dierenarts raadplegen bij tekenen van zwakte of coördinatiestoornissen.
Wél een vaccin voor paarden
Er bestaat wel een vaccin om paarden tegen het virus te beschermen. "Of dat zinvol is, moet met de behandelende dierenarts worden besproken, rekening houdend met de termijn van enkele weken die nodig is om immuniteit op te bouwen", aldus de dierenartsenvereniging.


