Naar hoofdinhoud
De verkoop van de club is het einde van een tijdperk voor Antwerp.

Hoe Paul Gheysens een stervende club deed herrijzen, kampioen maakte en noodgedwongen moest verkopen

Artikel luisteren
14min
Meer info

Met de verkoop van Royal Antwerp FC komt er een einde aan een tijdperk. Paul Gheysens geeft noodgedwongen de fakkel door. Onder zijn bewind veranderde stamnummer 1 van een wegkwijnende tweedeklasser in een landskampioen en bekerwinnaar. Maar de sportieve successen werden de voorbije jaren steeds meer overschaduwd door financiële problemen en groeiende onrust bij de achterban. Hoe is het zover kunnen komen?

Dylan Van Rooy
Gepubliceerd:

De overname door het consortium rond Wouter Vandenhaute, Jacques Vandermeiren en Toby Alderweireld maakt een einde aan maanden van onzekerheid op de Bosuil. Met de exit van Gheysens, verdwijnt ook één van de meest spraakmakende en kleurrijke figuren uit het Belgische voetbal.

In 2015 was Antwerp nog vooral een slapende reus. De oudste club van het land zat al meer dan tien jaar vast in tweede klasse, kampte met zware schulden, vocht voor haar licentie en beschikte over een iconisch maar aftands stadion. De club leefde op haar rijke verleden en had een (gedecimeerde) trouwe achterban, maar sportief en financieel was de situatie precair.

Door die problemen werd het voor de club steeds moeilijker om een licentie voor het profvoetbal te houden. Het voortbestaan van de club hing aan een zijden draadje, Antwerp leek voortbestemd om een stille dood te sterven.

Het iconische Bosuilstadion was volledig uitgeleefd.

Het was in die omstandigheden dat ondernemer Patrick Decuyper, met een verleden bij Zulte-Waregem, op het voorplan dook en een reddingsoperatie opstartte. Hij werd het publieke gezicht van de heropstanding van Antwerp. Miljoenen werden geïnvesteerd, en het was vanaf de start duidelijk dat het project bij rood-wit hyperambitieus was.

Patrick Decuyper was de grote man, maar het was al snel duidelijk dat er een kapitaalkrachtigere ondernemer achter de schermen zat. Wie, dat was een groot mysterie.

Patrick Decuyper was in het begin het gezicht van de Antwerprevival.

De promotie naar eerste klasse

De tijd van huurspelers, onbekende buitenlandse voetballers zonder adelbrieven en has-beens was voorbij. Antwerp trok voor 2de klasse ronkende namen aan, die vaak voor een mooi loon met plezier in een lagere reeks kwamen voetballen. Symbooltransfer daarvan was Tuur Dierckx, een veelbelovende speler die overkwam van Club Brugge die Antwerp verkoos boven enkele eersteklassers.

In het eerste seizoen miste Antwerp op een haar na de promotie naar eerste klasse. Het tweede seizoen was het wel prijs voor Antwerp. In een spannend seizoen vol plotwendingen en trainerwissels promoveerde coach Wim De Decker (het jaar voordien nog speler bij rood-wit) naar eerste. Het einde van 13 jaar kommer en kwel voor de oudste club van het land.

De promotie naar eerste klasse was het einde van jaren kommer en kwel voor de Antwerpfans.

Gelijklopend met het succes werd ook de naam van de onbekende investeerder bekendgemaakt: vastgoedmagnaat Paul Gheysens van Ghelamco bleek de geheime redder van Antwerp te zijn. Een man met een enorm vermogen, en met een goeddraaiend internationaal vastgoedbedrijf. Eerder bouwde hij al de Ghelamco-arena in Gent, en wilde maar al te graag dat succes etaleren door een succesvolle voetbalploeg uit te bouwen. 

Het was een match made in heaven. Des te meer omdat het geliefde maar afbrokkelende Bosuilstadion niet meer voldeed aan de strengere eisen voor eersteklassevoetbal.

Paul de bouwer

Dat Paul Gheysens van aanpakken weet, werd in Deurne-Noord al snel duidelijk. De lege flessen champagne om de promotie te vieren waren nauwelijks in de glascontainers gedeponeerd, of de oude hoofdtribune werd platgegooid.

In de plaats moest een fonkelende nieuwe hoofdtribune verschijnen, en die kwam er sneller dan verwacht. In amper 20 weken tijd pootte Gheysens een nieuwe hoofdtribune neer met 5.600 zitplaatsen, een restaurant en 18 loges.

Tijdens de eerste wedstrijden van de club in eerste klasse, werd er naarstig werk gemaakt van de hoofdtribune.

Voor de Antwerpsupporters was de opening van de tribune een ware cultuurshock. In enkele weken tijd gingen de fans van mobiele toiletten en betonrot naar fine dining, obers in duurbetaalde loges en alle andere luxe van een moderne voetbaltribune. Ook de meer gematigde voetbalfans vonden (opnieuw) hun weg naar de Bosuil.

Zoveel pracht en praal trok ook de aandacht van nieuwe sponsors en het bedrijfsleven. Antwerp - en met name de hoofdtribune - werd steeds meer een plek waar naast comfortabele voetbalbeleving ook na de uren zaken gedaan konden worden. 

De Bosuil transformeerde naar een modern voetbalstadion.

Met wat vertraging door de coronajaren opende Gheysens in 2021 ook tribune 4, een plek waar de meer modale voetbalsupporters in alle comfort naar wedstrijden van hun geliefde club konden kijken. In het stadion kreeg ook de heropgewaarde jeugdopleiding van de club een plek. Want ook die begon na jaren van vrijwilligerswerk op professioneel niveau te draaien.

Steeds meer jeugdspelers zetten de stap naar Antwerp, mede door de mooie resultaten van de eerste ploeg.

De gloriejaren

Naast de snelle infrastructurele uitbouw van de club, groeide Antwerp ook sportief in sneltempo uit tot een stevige (sub)topclub in het Belgische voetbal.

Naast enkele jonge talenten werden steeds meer grote namen naar de Bosuil gehaald. Ex-Rode Duivels als Kevin Mirallas, Steven Defour, Jordan Lukaku en Radja Nainggolan werden met veel egards binnengehaald. Erg succesvol waren hun doortochten niet, maar het onderstreepte wel de financiële slagkracht en ambitie bij Antwerp. In de zoektocht naar talent troefde Antwerp steeds meer andere Belgische topclubs af, zo werd de veelbelovende Michel-Ange Balikwisha voor een recordbedrag weggekaapt voor de neus van grote rivaal Club Brugge.

In coronajaar 2020 won het nog onverhoopt de Beker van België tegen grote rivaal Club Brugge. Het was de eerste prijs in 28 jaar. Toch was de honger naar succes en prijzen van Gheysens daarmee niet gestild.

De grote droom was om van Antwerp voor het eerst sinds 1957 een landstitel te bezorgen. Maar dat Gheysens een sterk karakter had, werd in die periode duidelijk. Hij kreeg de naam ongeduldig te zijn en met veel temperament te regeren. Na een matige prestatie tegen stadsrivaal Beerschot vertoonde hij zich tijdens de rust plots in de kleedkamer van de spelers. 

De eerste prijs voor Gheysens was de Beker van België van 2020.

Naast de dure topspelers verraste Gheysens vriend en vijand met de aanstelling van Marc Overmars als nieuwe sportief directeur. Overmars is een icoon in het mondiale voetbal. Eerst als speler, daarna als architect van het succes van Ajax. Dat Overmars kort daarvoor in opspraak was gekomen bij de Nederlandse recordclub door grensoverschrijdend gedrag, deerde Gheysens niet. 

Met zijn voetbalkennis en groot contactenboekje wist Overmars een erg competitieve ploeg samen te stellen. De meest spraakmakende was Toby Alderweireld. De in Ekeren opgegroeide Rode Duivel hunkerde naar succes in zijn eigen geliefde koekenstad, en Antwerp was bereid om daarvoor diep in de buidel te tasten.

In het eerste seizoen was het meteen raak voor kapitein Alderweireld. Na de bekerwinst tegen KV Mechelen trapte uitgerekend hij in de allerlaatste minuten van het kampioenschap de winnende treffer in de Genkse winkelhaak. Antwerp en Gheysens kregen de historische dubbel waar ze naar snakten. 

In 2023 werd Antwerp landskampioen.

De ambities kenden geen grenzen en alles leek mogelijk, Antwerp leek door te groeien naar een stabiele topclub. Maar zoals Icarus te dicht bij de zon kwam en neerstortte, botste ook Antwerp uiteindelijk op de grenzen van een financieel model dat steeds moeilijker houdbaar bleek.

Het kwaad oog en de vastgoedproblemen

De historische dubbel van 2023 vormde het absolute hoogtepunt van het tijdperk-Gheysens, maar tegelijk werd toen ook duidelijk dat de grenzen van het model in zicht kwamen.

Het aanslepende dossier rond de uitbreiding van de Bosuil, waarbij hij botste met grondeigenaar Tania Mintjens over de stadiongronden, werd een frustrerende krachtmeting. Net als bij het mislukte Eurostadion in Brussel bleken ook hier de juridische en praktische hindernissen taaier dan verwacht.

Tijdens de feestelijke kampioenenhuldiging op het stadhuis zei Gheysens zelfs dat hij "met een kwaad oog naar de burgemeester keek". Achter de sportieve triomfen gingen steeds meer financiële en structurele uitdagingen schuil. 

Tijdens de kampioenenhuldiging in het stadhuis keek Gheysens "met een kwaad oog" naar toenmalig burgemeester Bart De Wever (N-VA).

Het succes van Antwerp had immers jarenlang een prijskaartje. De club moest fors investeren in al die spelers, infrastructuur en groei en schreef daarbij jaar na jaar dieprode cijfers. Zolang Paul Gheysens die verliezen kon opvangen, vormde dat geen acuut probleem.

Maar toen zijn vastgoedgroep Ghelamco door hoge schulden, stijgende rentevoeten en een moeilijke vastgoedmarkt zelf onder zware financiële druk kwam te staan, werd dat model onhoudbaar. Antwerp moest besparen, spelers verkopen en op zoek naar een financieel duurzamere toekomst.

De implosie en supportersprotesten

Tegelijk kreeg Antwerp af te rekenen met de strengere financiële regels van het Belgische en Europese voetbal. De club kon verliezen niet langer onbeperkt opstapelen en moest op zoek naar een duurzamer model. De voorbije jaren werden daarom sterkhouders aan recordbedragen verkocht, werd er bespaard op transfers en nam ook de sportieve kwaliteit af.

Achter de schermen bleef de schuldenberg echter een grote uitdaging. Antwerp bleef kampen met verliezen en naast de spelerslonen bleken ook de betalingen voor die fonkelende nieuwe tribunes zwaar door te wegen op het budget. Wat ooit een verhaal van ongebreidelde groei was geweest, werd steeds meer een zoektocht naar financiële stabiliteit. 

De verhalen over cashflowproblemen namen steeds meer toe. Om het tij te doen keren werd vorig jaar besloten dat de nieuwe tribune voor de harde kern in eigen beheer (en dus niet door Ghelamco) zou gebouwd worden. Om de kosten te drukken sprak men over een tijdelijke tribune . Het verschil met de schitterende hoofdtribune met alle pracht en praal kon haast niet groter zijn. Om de tribune en cashflowproblemen te financieren, werd een lening aangegaan bij het hefboomfonds Fasanara. 

De aanhoudende berichten over financiële moeilijkheden en een verzwakte ploeg deden supportersprotesten aanwakkeren.

Intussen was al lang duidelijk geworden dat Antwerp niet meer kon wedijveren voor de titel. Afgelopen seizoen zakte de ploeg weg in de rechterkolom van het klassement. De wankele financiële situatie en interne strubbelingen kwamen steeds meer naar buiten. Steve Van Den Kerkhof, eerder door Gheysens nog binnengebracht om financiële orde op zaken te stellen, stapte op na supportersprotesten. Ook bij een deel van de medewerkers binnen de club bleek hij erg onpopulair.

De gepassioneerde en fiere supporters zagen het met lede ogen aan. Rond de jaarwisseling van dit jaar verschenen de spandoeken 'Stop de Gheyseling' tot 'Exit Popol'. Een deel van het publiek lustte Gheysens niet meer , al wordt hij door zijn verdiensten nog altijd door velen op handen gedragen.

Het einde

Bij de publicatie van de jaarrekening van Antwerp werd duidelijk dat Gheysens openstond voor externe investeerders. Ook een volledige verkoop van de club werd almaar realistischer. Met de investeerdersgroep rond Wouter Vandenhaute, Jacques Vandermeiren, Toby Alderweireld en tientallen andere ondernemers werd die piste in juli uiteindelijk werkelijkheid.

De verdiensten van Paul Gheysens voor Antwerp vallen moeilijk te overschatten. Hij nam in 2015 een club over die op sportief, financieel en infrastructureel vlak aan het wegzakken was en loodste The Great Old naar een van de succesvolste periodes uit zijn moderne geschiedenis. Tegelijk liet hij een club achter die financieel op haar limieten was gebotst. 

In die zin sluit het tijdperk-Gheysens aan bij dat van één van zijn voorgangers Eddy Wauters. Twee voorzitters die elk op hun manier Antwerp kleur gaven, de club successen bezorgden, maar haar ook achterlieten met financiële uitdagingen voor hun opvolgers.

Ook Eddy Wauters was een flamboyante en eigenzinnige voorzitter.

Met ex-havenbaas Jacques Vandermeiren krijgt Antwerp nu een ander type voorzitter. Minder flamboyant dan zijn voorgangers, maar met een stevige reputatie in de Antwerpse bedrijfswereld. Na een decennium waarin de club werd getekend door de persoonlijkheid van één man, begint op de Bosuil een nieuw hoofdstuk.

De grote vraag is nu of de nieuwe eigenaarsgroep erin slaagt de sportieve ambities van Antwerp te verzoenen met de financiële stabiliteit waar de club zo nadrukkelijk naar op zoek is.

LUISTER

Regionaal nieuws uit Antwerpen

Radio 2
Gepubliceerd:
3min

Meer weten over

Meest gelezen

  • 1
  • 2
  • 3
  • 4
  • 5

Maak van VRT NWS jouw voorkeursbron op Google

Google heeft een nieuwe functie gelanceerd waarmee je zelf kunt kiezen welke bronnen je eerst ziet wanneer je zoekt. Zo mis je nooit meer het laatste nieuws van VRT NWS.

Lees ook

  • general.player.loading"
  • general.player.loading"
  • general.player.loading"
  • general.player.loading"
  • general.player.loading"