Vlaams minister van Welzijn Caroline Gennez (Vooruit), gaat 2,25 miljoen euro extra investeren in de Centra voor Ontwikkelingsstoornissen (COS). Die extra middelen moeten ervoor zorgen dat de Vlaamse centra 1.272 extra onderzoeken kunnen uitvoeren. Zo krijgen meer baby's en peuters sneller duidelijkheid over een mogelijke ontwikkelingsstoornis en kunnen ouders sneller de juiste oplossing vinden om deze aan te pakken.
Minister Gennez investeert 2,25 miljoen euro extra in snellere diagnoses voor jonge kinderen: "Tijd maakt wereld van verschil"
De Centra voor Ontwikkelingsstoornissen (COS) voeren gespecialiseerde multidisciplinaire onderzoeken uit bij baby's en jonge kinderen wanneer er zorgen zijn over hun ontwikkeling. Denk daarbij aan ASS, AD(H)D, problemen op het vlak van neurologische en motorische ontwikkeling, of ernstige stoornissen in spraak- en taalontwikkeling.
In die centra stellen ze diagnoses, geven ze advies over verdere begeleiding en verwijzen ze gezinnen eventueel door naar de gepaste hulpverlening. De 4 Vlaamse centra krijgen nu 2,25 miljoen euro extra middelen. Daardoor stijgt de jaarlijkse capaciteit van de centra van 5.770 naar 7.042 onderzoeken, een uitbreiding met 22 procent.
Extra capaciteit in 4 Vlaamse centra:
COS Antwerpen: 350 extra onderzoeken
COS Brussel: 64 extra onderzoeken
COS Gent: 510 extra onderzoeken
COS Leuven: 348 extra onderzoeken
"Voor jonge kinderen maakt tijd een wereld van verschil. Hoe sneller een ontwikkelingsstoornis wordt vastgesteld, hoe sneller een kind en zijn ouders op zoek kunnen naar een goede oplossing", zegt minister Gennez.
"Tegelijk willen we beter begrijpen waarom de vraag naar diagnostiek de voorbije jaren zo sterk is gestegen. Ook daarop moeten we een antwoord bieden."
Wachttijden aanpakken
De vraag naar diagnostisch onderzoek is de voorbije jaren sterk toegenomen. Daardoor lopen de wachttijden op. Te lange wachttijden betekenen dat kinderen kostbare tijd verliezen in een cruciale fase van hun ontwikkeling.
Met deze investering wil de Vlaamse regering de druk op de centra verlichten en ervoor zorgen dat gezinnen sneller duidelijkheid krijgen over eventuele ondersteuning die hun kind nodig heeft.
De wachttijden volledig wegwerken, wordt een moeilijke uitdaging. En wanneer er een diagnose wordt vastgesteld, is het vaak ook wachten op de juiste hulpverlening.
"Ook de vervolghulp willen we extra uitbreiden en sneller organiseren, via rechtstreekse toegankelijke hulp en door de hulpverlening in de Huizen van het Kind te versterken", aldus Gennez.
Onderzoek naar stijgende vraag
Naast de capaciteitsuitbreiding loopt er momenteel een onderzoek, op vraag van het agentschap Opgroeien, naar de oorzaken van de sterk stijgende vraag naar diagnostiek. Dat onderzoek - dat in 2027 klaar zal zijn - moet ook leiden tot een beter en uniformer zicht op de wachttijden en de werking van de verschillende centra.
In afwachting van de resultaten worden afspraken gemaakt over een meer uniforme rapportering van wachtlijsten en prestaties, een betere afstemming van de doelgroep en een duidelijkere afbakening van de werkingsgebieden van de centra.


