Moordpogingen of aanslagen op presidenten zijn een constante in de geschiedenis van de VS. Dat zeggen Amerika-kenners Björn Soenens en Frank Albers na een nieuwe verijdelde aanslag op Donald Trump. Dat hij al de 3e keer het doelwit is, heeft hij volgens hen deels aan zichzelf te danken: "Hij hanteert zelf een uitermate gewelddadige retoriek."
Na 3e keer Donald Trump als doelwit: hoe uitzonderlijk zijn aanslagen op presidenten van de VS?
Wie er Wikipedia op naslaat, vindt meteen het antwoord: er zijn in totaal 4 Amerikaanse presidenten gedood bij aanslagen: Abraham Lincoln in 1865, James A. Garfield in 1881, William McKinley in 1901 en uiteraard John F. Kennedy in 1963.
Is dat nu veel of weinig?
"4 presidenten van de 45 die er tot nu toe geweest zijn, dat komt neer op zo’n 8 procent die gedood is", rekent Amerika-kenner Björn Soenens. In dat opzicht gaat het over een aanzienlijk cijfer. Tegelijk spreken we over een periode van enkele honderden jaren.
"Het hangt ervan af waarmee je het vergelijkt", zegt Frank Albers, professor Amerikaanse cultuur aan de Universiteit Antwerpen. "Er zijn natuurlijk veel meer Amerikaanse presidenten vermoord dan Belgische premiers bijvoorbeeld. Maar het is ook niet zo dat er om de haverklap een president wordt doodgeschoten."
Cultuur van geweld
Naast dodelijke aanslagen zijn er in de Amerikaanse geschiedenis heel wat voorbeelden van moordpogingen, waarbij zittende of voormalige presidenten al dan niet gewond zijn geraakt, en nog veel talrijker zijn de moordcomplotten die verijdeld werden voor er iets kon gebeuren.
"Het is helaas een deel van de politieke cultuur in de VS om discussies te beslechten met geweld, altijd geweest", zegt Soenens.
Ook Frank Albers staat stil bij de rol van geweld in de Amerikaanse cultuur. "Geweld is eigenlijk even oud als de Verenigde Staten zelf. Het land is ontstaan uit een daad van rebellie tegen een koning. De onafhankelijkheidsverklaring van de VS leest als een oorlogsverklaring aan Engeland."
"Het idee dat als je onrecht wordt aangedaan, je je daar ook gewelddadig tegen mag verzetten, die gedachte heeft in Amerika veel meer aanhang dan in Europa."
Geweld gaat ook gepaard met wapens. Die zijn er in de VS in overvloed, en ze zijn makkelijk te verkrijgen. "De VS is het land met de meeste wapens ter wereld, in verhouding tot het bevolkingsaantal", vervolgt Soenens.
"Met zoveel wapens in de omloop is het ook niet verwonderlijk dat mensen conflicten proberen te beslechten met geweld. Niet omdat Amerikanen gewelddadiger zijn, maar omdat ze meer toegang hebben tot dodelijke wapens."
Figuur van Trump
Dat Trump voor de 3e keer in relatief korte tijd het doelwit is van een moordpoging, is wél opvallend.
Op een campagnerally in Pennsylvania in juli 2024 scheerde een kogel rakelings langs zijn oor. Het beeld van Trump die met een bebloed gezicht zijn vuist in de lucht stak, werd op slag iconisch.
Een 2e aanslag werd verijdeld op een golfterrein in Florida in september 2024. Een man verstopte zich urenlang in de struiken met een geweer gericht op Trump, die op dat moment nog altijd geen president was. Maar de dader werd opgemerkt voor hij een schot kon lossen.
En dan was er vorige week het incident waarbij een man het vuur opende op een diner met journalisten, waar Trump ook aanwezig was.
"3 keer is uitzonderlijk veel, maar hij is ook een uitzonderlijke president", vindt Soenens.
Trump zal volgens hem de geschiedenis ingaan als de meest polariserende president ooit. "Dus dat er meer politiek geweld is, mag ons niet verwonderen in zo’n zwart-witklimaat, met een regeringsleider die zo veel reacties opwekt, van afkeer tot adoratie. Dat creëert natuurlijk spanningen."
Ook Albers ziet in de communicatie van Trump een van de redenen waarom hij zo vaak het doelwit is van geweld: "Als de president mag zeggen dat hij op een zaterdagavond van plan is om een hele beschaving uit te roeien, zoals hij deed over Iran, wat voor een voorbeeld of inspiratie is dat dan voor andere mensen?"
In eigen voordeel
Voor Trump was de aanslag op de rally in Pennsylvania zijn ticket naar het Witte Huis. Zijn strijdkreet: 'Fight! Fight! Fight!' op het podium waar hij net was beschoten, werd een campagne-instrument. Net als zijn – lichte – verwonding aan het oor.
"Een dag later verscheen Trump op de Republikeinse Partijconventie met een grote plakker op zijn oor, dat was PR in het kwadraat", stelt Soenens. "Ook al leek er weinig aan de hand te zijn, en is er ook nooit een medisch bulletin verschenen met meer informatie over de verwonding."
Frank Albers ziet ook hoe Trump nu politiek munt lijkt te willen slaan uit de verijdelde aanslag op het journalistendiner: "Het was een mogelijkheid om de balzaal in het Witte Huis nog eens aan te prijzen." Die is in aanbouw en erg omstreden, maar zou volgens Trump een veiligere locatie zijn voor events.
Een levensbedreigende situatie in je eigen voordeel proberen te gebruiken, hebben een aantal Amerikaanse politici Trump wel al voorgedaan.
Ronald Reagan raakte in 1981 gewond bij een aanslag, overigens in hetzelfde hotel waar de laatste moordpoging op Trump verijdeld werd. Een paar jaar later, tijdens een andere toespraak, knapte plots een ballon. Het geluid leek op een geweerschot, waarop Reagan prompt grapte: "Dat was mis!"
Maar het verhaal van Theodore Roosevelt is misschien wel het spectaculairste.
Hij nam als oud-president opnieuw deel aan de verkiezingen van 1912, en had daarvoor een nieuwe partij opgericht: de progressieve partij, bijgenaamd ‘de elandenpartij’.
Roosevelt werd in de borstkas geschoten tijdens een campagne-event, maar de papieren van zijn dubbelgevouwen speech en een metalen brillendoos vertraagden de kogel. Roosevelt had zelf veel kennis van anatomie, en besloot dat hij geen gevaar liep, omdat hij geen bloed ophoestte.
Hij maakte zijn speech af – die nog bijna anderhalf uur duurde – voor hij medische hulp wou aanvaarden. Die begon met de woorden: "Dames en heren, ik weet niet of u beseft dat ik net ben beschoten, maar het vergt meer dan dat om een eland te doden."
Roosevelt won uiteindelijk zijn verkiezingen niet. De kogel bleef wel in zijn lichaam zitten tot het einde van zijn leven.


