Moet de Europese Unie meer geld hebben om alle uitdagingen aan te kunnen, of kan Europa het ook met evenveel of minder geld? Dat wordt de komende weken dé discussie binnen de Europese politiek. Terwijl het Europees Parlement het EU-budget met 10 procent wil verhogen, willen veel lidstaten daar absoluut niet van weten. Nog een twistpunt: zijn er Europese belastingen nodig om een stuk van de uitgaven te betalen, of niet?
Hoger, lager of net genoeg: heeft de Europese Unie voldoende aan begroting van 2.000 miljard euro?
Het Europese budget, wat gebeurt daarmee?
Wat hebben Aalter in Oost-Vlaanderen en Wiesloch in Baden-Württemberg (Duitsland) met elkaar gemeen? Toevallig was ik dit voorjaar op beide plekken, en wat bleek: ze hebben allebei een gratis publiek wifinetwerk met de naam WIFI4EU.
Als EU-nerd wist ik meteen: dit netwerk is enkele jaren geleden geïnstalleerd met geld uit de EU-begroting. Gemeenten in heel de EU konden een aanvraag indienen voor een subsidie van 15.000 euro, om daarmee de burger gratis wifi te bezorgen. Het idee kwam van Europees Commissievoorzitter Jean-Claude Juncker.
Wie goed oplet op vakantie in Europa, of in eigen land, ziet wel vaker projecten die met Europees geld gefinancierd zijn. Vaak hangt er ergens een bordje waarop dan staat “medegefinancierd door de Europese Unie” (die publiciteit is een van de subsidievoorwaarden).
Een nieuwe grote snelweg in Polen, een toeristenboot op de Douro-rivier in Portugal, een anti-erosieproject op een akker in Landen (Vlaams-Brabant), de fietsparking onder het Martelarenplein in Leuven, het zijn er maar een paar die ik me voor de geest kan halen. Nog eentje: het klaverblad in Lummen, betaald met “de Europese Faciliteit voor Verbindingen”.
Ook universiteiten betalen veel onderzoeksprojecten met Europees geld. De meest bekende uitgavenpost zijn natuurlijk de landbouwsubsidies. Goed voor ruim een derde van het totale EU-budget. Zonder subsidies zou bijvoorbeeld de rundveesector moeilijk kunnen overleven.
Er zijn vele duizenden kleine en grote projecten met Europees geld. Niet al dat geld wordt volgens de regels besteed. De Europese Rekenkamer heeft er elk jaar bedenkingen bij.
Fraude is er ook, waarbij Europees geld in de zakken van handige oplichters belandt. Er is een Europees parket opgericht om die corruptie op te sporen en te vervolgen.
Elke 7 jaar deze discussie
Een begrotingsdiscussie, Vlaams, federaal of Europees, gaat altijd hierover: hoeveel geld is er om uit te geven, waaraan geven we het uit, en waar halen we het geld vandaan?
Om te vermijden dat er elk jaar zo’n begrotingsdiscussie gevoerd moet worden, werkt Europa met een : de lidstaten leggen om de 7 jaar het budgettaire kader vast.
De huidige periode 2021-2027 loopt op zijn einde, de komende maanden gaat de discussie over de Europese meerjarenbegroting 2028-2034 naar zijn hoogtepunt.
De begroting moet unaniem worden goedgekeurd, alle 27 landen moeten het eens zijn. Haal de popcorn maar boven, want het belooft nog een pittige discussie te worden.
Discussie over 2.000 miljard
De heeft de discussie vorig jaar geopend met een voorstel.
Europees Commissievoorzitter Ursula von der Leyen kondigde het aan met een mooi rond en duizelingwekkend getal: 2.000 miljard euro voor zeven jaar (zowat 285 miljard per jaar), zoveel geld heeft Europa volgens haar nodig.
Dat klinkt als een enorm bedrag: maar eigenlijk beschikken alle Belgische overheden samen over meer geld dan Europa: bijna 350 miljard euro per jaar.
Die 2.000 miljard komen overeen met 1,26 procent van het Europese ( meegerekend). Een deel van het Europese budget (0,11 procent van het Europese BBP) moet in het Commissievoorstel dienen om de lening terug te betalen die de voorbije jaren is aangegaan voor het coronaherstelfonds (daarover later meer).
Blijft over: 1,15 van het bbp voor het “gewone” EU-budget. Ze wil dat budget ook aanpassen aan de woelige wereld waarin Europa is terechtgekomen: de klassieke uitgaven (voor landbouw, voor het sociaal fonds, voor arme regio’s) stijgen niet of dalen in sommige gevallen.
Hierdoor komt er meer geld vrij voor de nieuwe uitdagingen: defensie, technologie, innovatie, energie.
Waar geld vandaan halen?
Zodra de Europese Commissie haar voorstel presenteert, halen ambtenaren op de ministeries van Financiën in alle 27 lidstaten hun rekenmachine boven.
De Europese schatkist wordt namelijk voornamelijk gespijsd met “bijdragen” of “afdrachten” uit de nationale schatkisten. Dus ook met Belgisch belastinggeld van u en mij, uit de federale begroting van de regering-De Wever.
Een andere inkomstenbron (zowat 20 procent van de totale inkomsten) zijn de invoerrechten die douaniers innen op producten van buiten de EU. Dat zijn tot nu toe zowat de enige "Europese belastingen".
De Europese Commissie wil een groter deel van die koek naar de EU-begroting doorsluizen. Nu mogen de lidstaten nog 25 procent voor zich houden, dat zou in de toekomst maar 10 procent worden. Dit zou de EU 16 miljard euro per jaar moeten opleveren (maar zal de lidstaten dus minder opbrengen).
De jaarlijkse Belgische bijdrage bedroeg de voorbije jaren ongeveer 4 à 4,5 miljard euro. Die zou in de toekomst kunnen stijgen, met wel 2 miljard per jaar of meer.
Premier Bart De Wever (N-VA) had het in het parlement onlangs zelfs over een stijging met 5 miljard euro per jaar, al is niet meteen duidelijk waarop dat cijfer gebaseerd is.
60 miljard euro Europese belastingen?
De Europese Commissie weet dat landen krap bij kas zitten. Daarom is ze op zoek gegaan naar nieuwe “eigen inkomsten” voor de EU. Geld dat niet uit de nationale schatkisten komt, maar van elders.
Een taks op elektronisch afval zou 17 miljard moeten opbrengen. Een Europese taks op tabak: 12 miljard euro. Een deel van de uitstootrechten die grote vervuilers moeten betalen: 11 miljard euro. Een taks op grote bedrijven: 7 miljard euro. Alles samen wil de Europese Commissie 60 miljard euro halen uit zulke (oude en nieuwe) “Europese belastingen”.
Lidstaten zijn niet happig
Op de informele Europese top in Cyprus hebben de regeringsleiders vorige week voor het eerst gediscussieerd over het voorstel. Cyprus is tot eind juni EU-voorzitter, en gaat nu tegen juni zelf met een becijferd voorstel komen, dat dan de basis moet vormen voor onderhandelingen tussen de lidstaten de komende maanden.
Zoals altijd liggen de standpunten ver uit elkaar. Frankrijk en Polen willen meer geld voor landbouw. Landen uit Centraal- en Oost-Europa willen de steun voor arme regio’s behouden.
De “zuinige landen” Nederland en Duitsland willen het totale budget omlaag. Minder geld voor de klassieke posten zoals landbouw, meer naar uitgaven om de “concurrentiekracht” te versterken.
Tegelijk wil niemand weten van een taks op grote bedrijven, want die staan al onder zware druk. “De Europese Commissie heeft naar de maan gemikt”, zei premier De Wever na afloop van de bijeenkomst in Cyprus. Het totale bedrag moet omlaag, volgens De Wever.
Wat ook speelt: elk land wil zoveel mogelijk Europese subsidies binnenhalen, en zo weinig mogelijk bijdragen aan het EU-budget. Landen die rijker zijn, moeten normaal gezien meer bijdragen dan arme landen, terwijl die dan weer meer subsidies ontvangen dan rijke landen.
Extra geld en extra taksen?
Een meerderheid in het wil een totaal andere richting uitgaan. Vier fracties (christendemocraten, sociaaldemocraten, liberalen en groenen) willen een budget dat 10 procent hoger ligt dan wat de Commissie voorstelt.
In geopolitiek woelige tijden moet Europa net versterkt worden, vinden ze. Er mag niet bespaard worden op het Europees Sociaal Fonds, dat al sinds 1957 bestaat, of op klimaat- en milieusubsidies.
Ook het budget voor landbouw moet beschermd worden. Defensie en andere nieuwe domeinen krijgen dan weer meer geld dan wat de Commissie wou. Ook voor Erasmusbeurzen moet het budget omhoog.
Het Europees Parlement wil in totaal 1,38 procent van het Europese bbp besteden: 1,27 procent voor het EU-budget, en 0,11 procent voor de terugbetaling van het coronaherstelfonds. De 4 fracties willen niet dat die terugbetaling de rest van het budget in gevaar brengt.
Als de lidstaten bepaalde nieuwe belastingen zouden verwerpen, dan heeft het parlement alvast een lijstje met andere mogelijke Europese belastingen: een taks op cryptomunten, of een taks op online gokken en - extra gevoelig voor de Amerikaanse techbedrijven - een taks op digitale diensten.
De erfenis van Charles Michel
Dat de terugbetaling van het coronaherstelfonds een budgettair probleem zou worden, stond in de sterren geschreven.
Toen het fonds er kwam, was dat een gigantische politieke bocht van Duits bondskanselier Angela Merkel. Voor het eerst ging de Europese Unie op grote schaal geld lenen op de financiële markten om investeringen in lidstaten te bekostigen.
De Europese top waarop die beslissing viel, in de zomer van 2020, duurde 4 dagen en 4 nachten, onder leiding van Charles Michel, die toen voorzitter van de was. Ook toen wisten de regeringsleiders dat de lening vanaf 2028 moest terugbetaald worden, en dat nog vele jaren lang.
"We hebben beslist dat er nieuwe inkomsten zullen komen" (of nieuwe Europese belastingen), klonk het. De Europese Commissie deed hierover al verschillende voorstellen, maar de lidstaten wilden er niet van weten, of waren verdeeld.
Er is nog een alternatieve oplossing: opnieuw geld lenen, om de oude schuld af te lossen. Op die manier moeten alleen interesten betaald worden. De schuld blijft bestaan. Exact wat lidstaten doen. Premier De Wever hintte vorige week in de Kamer erop dat dit misschien ook wel met de Europese schuld gaat gebeuren.
Deadline december
António Costa, de opvolger van Charles Michel, mikt op een akkoord tussen de 27 regeringsleiders in december dit jaar.
De Franse presidentsverkiezingen in 2027 komen eraan. Ook in Italië, Polen en Spanje zijn er verkiezingen. In een verkiezingsjaar kan een regeringsleider zich weinig toegevingen veroorloven.
De Franse president Macron is sowieso aan zijn laatste termijn bezig. Wie hem zal opvolgen is onvoorspelbaar. Op een onderhandeling met Jordan Bardella of Marine Le Pen (stel dat een van hen president wordt) zit niemand te wachten.
De rol van het Europees Parlement in dit alles? Normaal gezien eerder beperkt. Het parlement moet op het einde van de onderhandelingen kiezen: instemmen met het compromis van de lidstaten, of het verwerpen?
Met hun rapport van vandaag proberen de parlementsleden nu al een plek aan de onderhandelingstafel te krijgen. “Als de regeringsleiders besparen op het budget, zullen we het compromis verwerpen”, zei een onderhandelaar van het Europees Parlement vorige week. Het maakt de puzzel er niet eenvoudiger op.
De hele discussie draait om een marge van 'maar' 0,11 procent van het Europese bbp. Peanuts zou je denken. Maar het gaat ook over principes en taboes.
Mag Europa wel eigen belastingen hebben? Mag Europa schulden aangaan? Moet er solidariteit zijn tussen arme en rijke landen? Moeten we landbouw subsidiëren of investeren we beter in AI? Moeten lidstaten meer zeg krijgen over het budget, of net niet?
Het zijn politieke twistpunten die debatten vaak emotioneel en irrationeel maken. Er wachten diplomaten, parlementsleden en politici drukke maanden en mogelijk ook slapeloze nachten.




