Een land in puin, energieprijzen die de lucht in schieten en een welles-nietesspelletje over onderhandelingen. Een onzichtbare leider in Iran en intussen blijft Israël verder bombarderen. En toch lijkt er na een maand oorlog in Iran nog niet veel bereikt. Hoe moet het verder en is er nog een diplomatieke uitweg?
Een maand oorlog met Iran: wie wint, wie verliest en is er nog een uitweg?
Samenvatting:
Na een maand oorlog tussen Israël, de VS en Iran zijn de energieprijzen wereldwijd met 50 procent gestegen.
Iran controleert de Straat van Hormuz en valt energie-installaties van Golfstaten aan, waardoor ook gewone mensen wereldwijd meer betalen voor brandstof en verwarming.
Het Iraanse nucleaire programma en de militaire infrastructuur zijn zwaar beschadigd en topfiguren van het regime zijn uitgeschakeld. Toch is Iran niet verslagen: het vuurt nog steeds raketten af en houdt de hele Golfregio in zijn greep.
De VS en Iran onderhandelen, maar zonder resultaat: Trump legde een 15-puntenplan op tafel, Iran verwierp dat en stelde eigen eisen.
Zolang de bombardementen blijven duren en het onduidelijk is welke fractie in Iran de leiding heeft, lijkt een akkoord ver weg.
Waarom werd Iran ook weer aangevallen door de VS en Israël?
De oorlog tegen Iran is voor de VS en Israël met duidelijke doelstellingen begonnen. Wat Israël betreft moesten alle Iraanse bouwstenen die kunnen leiden tot een atoomwapen worden vernietigd. Tegelijk moesten topfiguren van het regime, zoals de geestelijke opperleider Ali Khamenei, zijn zoon en sterkhouders als de voorzitter van de Iraanse nationale veiligheidsraad Ali Larinjani worden uitgeschakeld.
Snel zou de Iraanse bevolking op straat komen “en de klus afmaken”. Een nieuw pro-westers en democratisch Iran zou opstaan. De Israëlische premier Netanyahu kan in het najaar de verkiezingscampagne starten met het wapenfeit dat hij en hij alleen Israëls aartsvijand Iran heeft verslagen.
Een snelle overwinning zou ook afstralen op de Amerikaanse president, die meteen controle verwerft over de Iraanse olie- en gasproductie die nu richting uitdager China vloeit. Een snelle cleane oorlog zou het worden. Dat werd het niet.
Wie zijn de grote winnaars?
Israël is voorlopig de grootste - tijdelijke- winnaar van deze oorlog. Israël vergelijkt vooral met de situatie voor de zomer. Iran had vele kilo’s hoogverrijkt uranium, werkte aan ballistische langeafstandsraketten en steunde en sponsorde pro-Iraanse bewegingen zoals om het op te nemen tegen Israël.
Het nucleaire programma (verrijking, raketproductie, testcentra, wetenschappers …) is voor een groot deel vernietigd, vooral wat sites betreft. Maar evengoed zijn verschillende topwetenschappers gedood door Israël.
Verschillende topfiguren van het Iraanse regime zijn uitgeschakeld. Wie de bombardementen overleeft, moet ondergronds schuilen en kan moeilijker dan ooit leiding en controle uitoefenen. Infrastructuur van de Islamitische Revolutionaire Garde en het Iraanse leger is grotendeels, maar niet volledig vernietigd.
Voor de VS was Iran geen directe militaire bedreiging, al geeft Washington helemaal niet om het verdwijnen van Iran als sponsor van anti-Amerikaanse groeperingen in het Midden-Oosten. Amerikaanse bondgenoten in de regio, zoals de , vrezen instabiliteit, maar zijn blij dat onruststoker Iran gepacificeerd zou worden. De oorlog verloopt grilliger dan voorzien, maar Iran is niet langer die bedreiging voor de regio die het 6 maanden geleden nog was.
Rusland ziet zijn gas- en olie-inkomsten ongezien stijgen. Tegelijk wordt binnenskamers in Europese hoofdsteden de discussie gevoerd of toch niet opnieuw bekeken moet worden of er opnieuw, al is het maar tijdelijk Russische energie moet worden aangekocht. Amerikaanse afweerraketten die met honderden per week worden ingezet door Israël en de Golfstaten kunnen niet meer worden afgeschoten door Oekraïne.
China zet zichzelf in de -markt, in tegenstelling tot de VS, als rustige voorspelbare geopolitieke speler die van landen wél respecteert. China kiest er diplomatiek voor om zich niet te mengen in het conflict, en vooral af te wachten met wie het in de toekomst nieuwe olie- en gascontracten zal afsluiten. China neemt deels de rol over van de VS als bewaker van internationale stabiliteit.
Wie zijn de verliezers?
De Iraanse burgers. Na tientallen jaren een hard en repressief regime te hebben doorstaan, worden Iraanse steden en infrastructuur vernietigd. Voorlopig zonder zicht op werkelijke politieke verandering. De Iraanse bevolking verarmt nu nog sneller dan in voorgaande jaren. Er vallen burgerslachtoffers die wellicht hun eigen regime verachtten.
Het Iraanse regime krijgt zeer zware klappen: topfiguren zijn gedood, de commando- en controlestructuur is erg verzwakt. Het Iraanse regime heeft altijd verschillende vleugels (de geestelijken, het leger, de Revolutionaire Garde, het parlement …) gekend, maar al die visies werden bijeengehouden door de geestelijke leider Ali Khamenei.
De onduidelijke signalen die Teheran de voorbije weken uitstuurt (wel of niet onderhandelen?) hebben hoogstwaarschijnlijk met het gebrek aan centrale sturing te maken, waardoor tegenstrijdige fracties elk andere signalen uitzenden.
Kanttekening: het regime is niet uitgeschakeld. het slaagt erin om nog steeds salvo’s van raketten en drones af te vuren op de omliggende landen. Ook heeft Iran op een maand tijd de controle verworven over de . Het zet daarbij een tolsysteem op waarbij het naar eigen goeddunken reders laat betalen voor een veilige doortocht. Tegelijk houdt het de hele Golfregio in de greep omdat het energie-installaties van Golfstaten kan en durft aan te vallen. In die zin controleert Iran, voor nu, de wereldwijde energieprijzen.
De Golflanden zoals Qatar, Saudi-Arabië en de Verenigde Emiraten verliezen netto. De voorbije jaren waren de koele relaties met Iran wat ontdooid, maar door de nietsontziende aanvallen op hun energie-infrastructuur koos Iran, vreemd genoeg, voor een regionaal isolement. De steenrijke Golfstaten ondergaan dit conflict en slagen er niet in om te wegen op beslissingen.
De wereldeconomie bloedt door de hoge energieprijzen. Beurzen kleuren rood en wereldwijd is tanken, verwarmen en koken op gas plots duurder. Alleen landen met een eigen energieproductie kunnen die prijsstijgingen deels opvangen. Een groot deel van de wereldwijde meststoffenproductie gebeurt in het Midden-Oosten en ligt nu stil.
De hoge energieprijzen zullen doorsijpelen in de productiekosten. Vooral in grote bevolkingsrijke landen in het zuiden zoals India, Bangladesh, Pakistan, Egypte … kan het armere deel van de bevolking in echte hongersnood komen.
Hoe moet het nu verder?
De Amerikaanse president Trump heeft Iran een 15 puntenplan bezorgd als basis voor onderhandelingen. Samengevat moet Iran zijn raketprogramma opgeven, alles waarmee een kernwapen kan worden gebouwd afbouwen en stoppen met het steunen van gewapende groepen in de regio zoals Hezbollah en de Houthi-rebellen. In ruil stopt de oorlog en worden economische sancties opgeheven.
Iran verwerpt het Amerikaanse voorstel en legt een eigen lijstje voorwaarden op tafel. Het eist veiligheidsgaranties, en het recht om tol te vragen aan schepen die door de Straat van Hormuz varen. Volgens de Amerikaanse president Trump wordt er goed gepraat, Iran ontkent. Israël voert de vernietigende bombardementen nog op, ‘nu het nog kan’, aldus Tel Aviv.
Zowel de VS als Iran voeren de druk met dreigementen verder op. Een fase die onderhandelingen vaak voorafgaat. Vanuit de VS stomen oorlogsschepen met mariniers en parachutisten op naar de kust van Iran. De Amerikaanse aantallen zijn niet groot genoeg voor een grondinvasie; de oppervlakte van Iran is groter dan de gezamenlijke oppervlakte van België, Nederland, Frankrijk én Duitsland samen. Ze zijn wel groot genoeg voor de inname van een strategisch Iraans eiland, bv. het energie-overslageiland Kharg, of een aanval op commandocentra in Teheran.
Iran dreigt er dan weer mee om de pro-Iraanse Houthi-rebellen de opdracht te geven om schepen voor de zeestraat Bab-el-Mandeb te beschieten. Dat zou de transportstromen van Azië naar Europa en de VS ontwrichten.
Grootste druk ligt op Trump
De druk vanuit industrielanden overal ter wereld neemt intussen toe op de VS, Israël en Iran om het conflict te de-escaleren. De grootste druk om de oorlog te beëindigen ligt nu bij de Amerikaanse president Trump, die zowel in de VS als daarbuiten wordt aangesproken op het roekeloze en schijnbaar uitzichtloze conflict.
President Trump beloofde zijn kiezers de prijs aan de pomp te halveren; sinds het conflict kwam er 50 procent bij in de VS. Wat de Amerikaanse minister van Defensie Pete Hegseth betreft zijn de militaire doelstellingen (vernietiging kernprogramma, Iraanse marine, raketproductie) behaald.
Iraanse diplomaten staan geboekstaafd als harde en slimme onderhandelaars die gedetailleerde en allesomvattende akkoorden eisen. De geldende aanpak van Amerikaanse onderhandelaars zoals Steve Witkoff en Jared Kushner is dan weer omgekeerd: ze werken met een (snel) politiek akkoord waarmee hun president kan uitpakken. Dat gaat niet werken.
Willen onderhandelingen slagen zullen neutrale landen met een voldoende groot gewicht moeten instappen; vooral India lijkt daar geknipt voor. Een akkoord dat Iran zeker 10 jaar in het Nonproliferatieverdrag blijft in ruil voor een gedeeltelijke opheffing van sancties kan vertrouwen doen groeien. Ongetwijfeld zal de export en ‘vrijgave’ van de Straat van Hormuz op tafel komen. Het principe van tol kan worden gehandhaafd, mits beperkt in de tijd en controle.
Ten slotte, als de onderhandelingen al lukken, kan er worden gesproken over een brede veiligheidsarchitectuur met garanties voor Iran én Israël. Op die manier kan de VS zich (wat) terugtrekken uit de regio. Een eis van Iran, een wens van de VS.
Grote onbekenden zijn de positie van de Israëlische premier Netanyahu; zolang die uit is op een volledige - ongecontroleerde - en blijft doordoen, zullen ook de VS geen akkoord met Iran uit de oliebrand kunnen slepen. Evengoed is niet duidelijk welke fractie in Iran het voor het zeggen heeft. Als er al een akkoord komt, is het maar de vraag of het gedragen wordt door voldoende groepen. De kans is niet onbestaande dat hardliners binnen bijvoorbeeld de Iraanse Revolutionaire Garde alsnog een aanval uitvoeren, met als doel een akkoord te torpederen.