2026 staat in Duitsland opnieuw in de agenda's als belangrijk politiek jaar. Vorig jaar waren er nationale verkiezingen, dit jaar trekken maar liefst 5 deelstaten naar de stembus. En dat is meteen een grote test voor de regering van kanselier Friedrich Merz: nationale sentimenten sijpelen altijd sterk door. Vandaag is de eerste test.
'Superverkiezingsjaar' start in Duitsland: vandaag eerste grote test voor kanselier Merz
In een aantal oostelijke deelstaten trekken ze in het najaar naar de stembus, over 14 dagen is Rijnland-Palts aan de beurt en vandaag trapt Baden-Württemberg af, met 11 miljoen inwoners een van de grootste Duitse deelstaten. Deelstaatverkiezingen lokken altijd veel kiezers naar de stembus. Het is dan ook het niveau dicht bij de mensen, met veel bevoegdheden rond onderwijs, mobiliteit en zorg.
Daarnaast is het ook hét uitgelezen moment om een signaal te sturen over de nationale politiek. Zie het als een soort 'midterms', om de vergelijking met de VS te maken, maar dan wel verspreid in de tijd. De verkiezingen in Baden-Württemberg zijn in die zin extra speciaal omdat het de eerste keer is dat de Duitsers gaan stemmen sinds het aantreden van de regering-Merz, een klein jaar geleden.
Overwinning die voelt als nederlaag
Vrijdag was kanselier Merz nog te gast in Ravensburg, de gezelschapsspelletjes-stad in het zuiden van Baden-Württemberg, om de plaatselijke CDU-kandidaat Manuel Hagel een hart onder de riem te steken. Die plaatselijke kandidaat doet het vrij goed: de CDU zou opnieuw de grootste kunnen worden in de deelstaat en dat is natuurlijk heel belangrijk.
Al moet je dat toch wel in perspectief plaatsen. Baden-Württemberg is het thuisland van de CDU. Hier haalden ze ooit vlot 40 procent of meer. Ze waren er tot begin deze eeuw ook altijd zeer uitgesproken de grootste.
Maar toen hebben de Groenen het leiderschap overgenomen, met Winfried Kretschmann. Die groene overname lag enkel en alleen aan Kretschmann zelf: hij is binnen de Groenen een buitenbeentje, zeer realo, zeer conservatief ook. Zo zei hij ooit: "Uiteraard ben ik voor groene auto's. Ik heb een groene Mercedes." Hij is een soort CDU'er bij de Groenen. Hij gaat nu met pensioen en wordt vervangen door een oud-kopstuk uit de nationale politiek, Cem Özdemir.
Waarom Baden-Württemberg een belangrijke test wordt voor Merz
Slechtste resultaat ooit?
Als reactie daarop werd verwacht dat de CDU opnieuw zou pieken. Maar dat zal het dus niet worden: volgens de laatste polls worden de christendemocraten nipt de grootste met een dikke 25 procent. Dat is onder de verwachtingen en waarschijnlijk het op 1 na slechtste resultaat ooit. Oprecht heel tevreden zullen ze bij de CDU dus niet kunnen zijn.
En bij de nationale coalitiepartner, de socialisten van de SPD, ziet het er nog slechter uit. Die zouden zelfs onder de 10 procent kunnen zakken en dat zou hun slechtste resultaat ooit zijn. Dat de beide landelijke bestuurspartijen het in Baden-Württemberg dus slecht doen, zegt veel over de populariteit van de regering-Merz: die is niet goed.
Hoe doet AfD het?
Nog veel meer dan het resultaat van de CDU en de SPD zelf, zal het in Duitsland dit jaar gaan over de resultaten van de radicaal-rechtse AfD. Die worden met argusogen en vooral toegeknepen billen gevolgd. De grote test volgt in het najaar, in het oosten. Daar zou een historisch moment kunnen plaatsvinden.
In Mecklenburg-Voorpommeren en Saksen-Anhalt staat de partij heel hoog in de peilingen, met scores tot 35 procent of meer. Dat ze de grootste zouden worden, is in het oosten niet uitzonderlijk. Maar wel dat ze daarbij bijna afstevenen op een absolute meerderheid. Het zou de eerste keer sinds de Tweede Wereldoorlog zijn dat extreemrechts (want in het oosten zijn ze echt extreem) op democratische wijze de macht zou grijpen.
Zo'n vlucht zal het in Baden-Württemberg niet nemen. Het zuidwesten is niet het oosten. Maar een hoge vlucht volgens de peilingen wel: de partij zou zo'n 20 procent halen, een verdubbeling vergeleken met 5 jaar geleden. Dat de partij zo'n resultaat zou optekenen in een van de welvarendste deelstaten en de meest multiculturele van Duitsland, een klein jaar na de verkiezing van Merz, had niemand verwacht.
Vooral ontevredenheid speelt daarbij een grote rol. We hadden de voorbije jaren ook al goede scores voor de AfD, maar toen had je migratie als verklaring en de verschillende aanslagen die Duitsland teisterden, speelden zeker ook mee. Op dat vlak is het nu veel rustiger: migratie is nauwelijks nog een thema, de regering-Merz heeft ook wel geleverd – om het zo te zeggen – met grenscontroles, bijvoorbeeld.
Merz beloofde te veel
Maar er werd heel veel verwacht van Merz. Hij zou de algemene malaise, zeker economisch, aanpakken. Het probleem: het gebeurt nu nog niet echt. Het gaat simpelweg veel trager dan de Duitsers verwacht hadden.
Merz had een herfst van hervormingen beloofd, maar daar is weinig van in huis gekomen. Zelfs als dat gelukt was, hadden de Duitsers daar heel weinig van gemerkt, want hervormingen hebben hun tijd nodig om ze echt aan den lijve te ondervinden. Bovendien speelt ook de geopolitieke situatie niet mee: voor je een probleem kan aanpakken, is er een nieuwe crisis opgedoken.
Net dat is het probleem van Merz: de man kan niet waarmaken wat hij beloofde. Door zichzelf uit te roepen als "de laatste dam tegen een extreemrechtse overwinning", haalde hij zichzelf veel druk op de schouders. Die schouders hebben zich nog niet gerecht, waardoor die dam voorlopig maar een kinderlijke zandkasteeltje is, en daar zullen we vandaag de eerste resultaten van zien.



