De diamanthandel in Antwerpen kampt met heel wat uitdagingen, maar hoe is de diamant eeuwen geleden eigenlijk in de Scheldestad beland? VRT NWS kreeg een historische rondleiding in de diamantwijk van gids Maarten Gillis.
Samenvatting:
De diamanthandel in Antwerpen ontstond in de 14e tot 16e eeuw toen Joodse handelaars vanuit Spanje, Italië en Frankrijk naar onze contreien kwamen en handel dreven in luxegoederen zoals diamant.
De diamantwijk vestigde zich rond het Centraal Station omdat diamanthandelaars in de 19e eeuw met de trein vanuit Amsterdam naar Antwerpen kwamen om er bekwame diamantslijpers te vinden. Ze maakten afspraken in cafés vlakbij het station.
Diamond Office in de Hoveniersstraat werd opgericht in september 1944 en controleert elke diamant die ons land binnenkomt en verlaat, voor miljarden dollars per jaar.
Starten doen we in de beurszaal van de Beurs voor Diamanthandel, die je misschien kent van de tv-reeks 'Rough Diamonds' met Kevin Janssens in de hoofdrol. "Het gebouw dateert van het einde van de 19e eeuw en is van dezelfde architect als het Centraal Station", vertelt Maarten Gillis.
De Beurs voor Diamanthandel is de oudste beurszaal ter wereld.
"Vroeger stonden hier grote, lange tafels opgesteld. Met aan de ene kant diamantairs die diamanten wilden verkopen, en aan de andere kant mogelijke klanten. Stel het je voor als een hele drukke refter van een hele levendige school met veel geroezemoes, waar een-op-een werd onderhandeld over de prijs van diamanten."
Niet toevallig heeft de zaal grote ramen die naar het noorden zijn gericht, om de kleur van de diamanten op elk moment van de dag te kunnen beoordelen, zonder direct zonlicht. Intussen heeft de handel zich verplaatst naar de honderden privé-kantoortjes op de verdiepingen boven de grote zaal.
In deze beurszaal komt iedereen samen. Misschien komt er een klant, misschien een verkoper, elke dag hetzelfde scenario
Salomon 'Shuli' Lerner, diamantmakelaar
Voor diamantmakelaar Salomon 'Shuli' Lerner is die beurszaal zijn 2e thuis. "Hier komt iedereen samen. Je babbelt, hoort nieuwtjes en nadien gaat iedereen terug naar kantoor. Behalve dan wie geen kantoor heeft, zoals ik: wij blijven hier tot het einde van de dag. Misschien komt er een klant, misschien een verkoper, elke dag hetzelfde scenario."
Als we rondwandelen in de diamantwijk valt het op dat er veel Indiërs rondlopen en heel wat Joodse mensen. Is de diamanthandel in Antwerpen destijds gestart vanuit de Joodse gemeenschap?
"De Joodse gemeenschap heeft er veel mee te maken, maar het waren niet uitsluitend Joden. In 1492 is Amerika ontdekt, maar dat is ook het jaar waarin Joden en moslims in Spanje zich verplicht moesten bekeren tot het christendom. Veel Joden zijn toen vanuit Spanje, maar ook vanuit Italië en Frankrijk, naar onze contreien gekomen. Zij dreven in de 14e, 15e en 16e eeuw handel in luxegoederen, dus ook in diamant."
Intussen zijn we aangekomen in de Pelikaanstraat, aan de zijkant van het Centraal Station. "Het station is de reden waarom de diamantwijk hier ligt", vertelt Gillis. "In 1835 werd een spoorlijn aangelegd tussen Brussel en Mechelen, een jaar later ging die al tot in Antwerpen. 10 jaar later kon je met de trein vanuit Brussel naar Amsterdam, in die tijd de wereldhoofdstad van de diamanthandel."
Diamanthandelaars spraken met elkaar af op café, in de buurt van het Centraal Station, om te onderhandelen over de prijs
Maarten Gillis
"Probleem was dat er te weinig bekwame diamantslijpers waren in Amsterdam. Daarom kwamen de diamanthandelaars met de trein naar Antwerpen, waar heel wat arbeiders woonden. De handelaars spraken met elkaar af op café, in de buurt van het station, om te onderhandelen over de prijs van diamanten. Maar na verloop van tijd wilden ze liever in een veiliger omgeving afspreken, dat werden dan de achterafzaaltjes van de cafés. Later werden er aparte gebouwen voor opgericht."
Na de bouw van het Centraal Station, op het einde van de 19e eeuw, begonnen de eerste diamantbedrijfjes zich te vestigen in de wijk. "Toen was dit nog platteland", zegt Gillis. "De straatnamen verwijzen daar nog naar: de Rijfstraat, de Hoveniersstraat en de Schupstraat. Dit waren tuintjes van de mensen uit de stad. Die zijn dan volgebouwd met kantoorgebouwen ten dienste van de diamanthandel."
Douanekantoor voor diamant
In de Hoveniersstraat bevindt zich Diamond Office, een douanekantoor speciaal voor diamant. "Het is opgericht in september 1944, toen Antwerpen bevrijd werd van de Duitse overheersing tijdens de Tweede Wereldoorlog."
"Heel wat Joodse handelaars hadden de oorlog niet overleefd of zijn tijdens de oorlogsjaren uitgeweken naar overal ter wereld, Groot-Brittannië, Cuba, de Verenigde Staten. Na de oorlog is een soort van postkantoor opgericht, speciaal om diamanten op te sturen. Daar werd gecontroleerd of je bestemmeling nog in leven was. Zo wist je dat je stenen in goede handen waren."
Elke diamant die ons land binnenkomt en weer verlaat, passeert door de deur van Diamond Office
Maarten Gillis
"Elke diamant die ons land binnenkomt en weer verlaat, gaat door die deur. Daar passeert dus voor ettelijke miljarden dollar aan diamant per jaar. Er wordt onder meer gecontroleerd of het certificaat echt is, en het dus geen conflictdiamanten zijn, maar ook of de aangegeven waarde overeenkomt met de werkelijke waarde. Dat gebeurt allemaal door ervaren ex-diamantslijpers."
In de diamantwijk staat een kleine synagoge.
In de wijk staat ook een kleine synagoge, waar een plaat hangt om de bomaanslag van oktober 1981 te herdenken. Daarbij vielen 3 doden en meer dan 100 gewonden.
"Er is toen een bomauto tot ontploffing gebracht, de daders zijn nooit gevonden. Men vermoedt dat de aanslag gelinkt is aan activisten voor de Palestijnse zaak, maar dat is nooit opgehelderd. Sindsdien is hier geen autoverkeer meer toegelaten, tenzij je 24 uur op voorhand toestemming vraagt aan de politie."
Oudgrieks woord 'karaat'
Maarten Gillis wil de rondleiding graag eindigen met een weetje. "Het gewicht van diamant wordt uitgedrukt in karaat - 1 karaat is 0,2 gram - en het woord komt van een oud Grieks woord, kerátion. Dat is het gedroogde pitje van de peulvrucht van de johannesbroodboom."
"Wie al eens op reis is geweest naar Kreta, Egypte of Jordanië, is die vruchten zeker al tegengekomen. Je kan het vergelijken met een bruine, gedroogde peulvrucht waar een soort erwten in zitten. Die erwten werden in de oudheid gebruikt om het gewicht van edelstenen te wegen. Ze wogen niet allemaal exact hetzelfde, maar 100 jaar geleden heeft men beslist: 0,2 gram is het vaste gewicht voor 1 karaat."
Regionaal nieuws uit Antwerpen










