Belgische woningen dreigen massaal oververhit te raken als gevolg van de klimaatopwarming. Dat is de conclusie van onderzoekers van de KU Leuven over hoe hittebestendig onze woningen zijn - veel te weinig dus. De oplossing? We moeten de zogenoemde 'ladder van koeling' volgen - en het installeren van airco is daarbij slechts de laatste stap. "Er is een mindshift nodig."
Belgische woningen dreigen massaal oververhit te raken bij verdere klimaatopwarming: welke keuzes kunnen we maken?
In het kort:
De Belgische woningen zijn niet goed voorbereid op de verdere klimaatopwarming.
Nochtans zullen ze steeds meer worden blootgesteld aan hogere temperaturen.
Het gaat soms al verkeerd bij de inrichting van dorpen of steden, maar ook bij keuzes in onze woningen kan het nog beter.
Veel mensen denken het installeren van een aircosysteem, maar dat zou eigenlijk maar de laatste stap mogen zijn, zeggen experts. Ze noemen een resem andere opties.
Voor een goed gevulde zaal op bouwbeurs Batibouw begint klimaatwetenschapper Nicole van Lipzig haar presentatie met een vraag: "Als mensen sterven door extreem weer zoals droogte, overstromingen of hitte, hoeveel procent zou daarbij omkomen door de hitte?" Het blijkt om maar liefst 90 procent te gaan.
Hittedoden zijn vaak minder zichtbaar, waardoor het probleem (letterlijk) minder in beeld komt dan bijvoorbeeld zware overstromingen. Hittegolven, die vaker zullen voorkomen, worden daarom ook wel silent killers (stille doders) genoemd.
"De hittegolf van 2003 betekende een kantelpunt in ons denken", vertelt Van Lipzig. "Er waren toen 70.000 extra overlijdens in 16 Europese landen, met 6,6 procent oversterfte in België."
Tijdens erg warme periodes durven we wel eens onze woning in vluchten tijdens het warmste moment van de dag. Maar hoe hittebestendig zijn de plekken waar we wonen eigenlijk?
Steeds meer blootstelling aan warme dagen
De universiteit van Leuven bekeek verschillende klimaatscenario's voor de toekomst en berekende aan hoeveel warme dagen (en nachten) onze woningen en appartementen in de toekomst blootgesteld zullen worden.
Het gaat snel met de klimaatopwarming, en het zal je niet verbazen dat de cijfers duidelijk zijn. "De hittebelasting op woningen neemt niet geleidelijk maar wel steeds sneller toe naarmate de aarde verder opwarmt", zegt onderzoeker Jozefien Schoofs, hoofdauteur van de studie.
Delen van Limburg, Henegouwen en Luxemburg lijken de meeste impact te gaan ondervinden, maar ook elders is de impact heel uitgesproken.
Vandaag worden woningen in België nog maar zelden meer dan 40 dagen per jaar blootgesteld aan buitentemperaturen boven de 25 graden Celsius.
Maar bij een wereldwijde opwarming van 2 graden gaat het om enkele honderdduizenden woningen en appartementen - waarbij 700.000 mensen een impact gaan voelen. Dat scenario zou al in 2039 bereikt kunnen worden. Bij 3 graden extra groeit dat aantal spectaculair, al zijn we zo ver nog niet. Ook het aantal hittegolfdagen (zie grafiek) stijgt.
"Elk tiende van een graad extra doet ertoe", benadrukt klimaatwetenschapper Nicole van Lipzig. Bij ongewijzigd beleid stevent de wereld effectief af op 3 graden extra, maar afdoende maatregelen om minder fossiele brandstoffen te gebruiken kunnen dat nog vermijden. Daarbij moeten zowel beleidsmakers als burgers proberen de juiste keuzes maken om de uitstoot door fossiele brandstoffen te verkleinen.
Ook de nachten tellen
De studie keek niet enkel naar de warme dagen, maar ook naar de nachten. Want ook die bepalen in grote mate hoe ons lichaam een warme periode verteert. 's Nachts kan ons lichaam recupereren, maar als het te weinig afkoelt, lukt dat niet (of te weinig) en stapelt de impact zich op.
"Met name die nacht wordt tot nu toe onderschat", vertelt Harm Valk van Nieman Raadgevende Ingenieurs, die verwijst naar een eerdere Nederlandse studie.
Ook het aantal warme nachten zal snel toenemen, en al zeker in stedelijke gebieden die als hitte-eilanden gelden - met hun vele beton en asfalt die overdag warmte opslorpen en die 's nachts weer afgeven. In steden is een betere ruimtelijke inrichting dus heel wenselijk.
Vroeger maakte men betere keuzes in koloniale steden
Joost Declercq
Dat laatste kan verder gaan dan meer groen, meer ontharding en meer waterpartijen. "Al bij het stedenbouwkundig plan moet je eigenlijk rekening houden met het creëren van microklimaten. Denk aan het toelaten van windstromingen doorheen het stedenbouwkundig weefsel," vertelt Joost Declercq, directeur Onderzoek bij Archipelago Architects.
"Vroeger kende men dat wel goed. Sommige koloniale steden waren erop gericht om de windstroom vanaf de zee toe te laten om de gebouwen te laten afkoelen. Nu wordt daar compleet geen rekening mee gehouden."
"We moeten anders gaan denken"
De opwarming is één ding, maar hoe goed zijn Belgische woningen erop voorbereid? Niet bijster goed, zo blijkt. Er wordt nog veel gedacht in termen van isolatie voor warmtebehoud in koude periodes - wat goed is - maar te weinig in de omgekeerde richting.
"Onze huidige benadering gaat nog te veel uit van wintercomfort en te weinig van zomercomfort", zegt Joost Declercq. "Daardoor krijgen we gebouwen die veel te veel zonnewinsten toelaten, met te grote glaspartijen en gebrek aan zonnewering."
Mensen die bouwen, denken misschien wel aan mogelijke hitte, maar dan in de eerste plaats aan het installeren van een aircosysteem. Terwijl dat nu net de laatste optie moet zijn (zie onder), onderstrepen experts.
Ook bij de bevolking is een mind shift nodig, vult klimaatwetenschapper Niels Souverijns (VITO-EnergyVille) aan. "Wij zijn het niet gewend om om te gaan met de hitte. We moeten anders gaan denken."
De onderzoekers willen dat de overheid in de toekomst beter rekening houdt met hittebestendigheid bij de berekening van de energiescore (epc's en epb's) van woningen.
De 'ladder van koeling': airco pas als laatste redmiddel
Om het probleem van hittedruk op woningen aan te pakken, verwijst burgerlijk ingenieur Joost Declercq van Archipelago Architects naar de zogenoemde 'ladder van koeling'. De steden en gemeenten kunnen iets doen, maar burgers zelf zeker ook.
Eerst moet je maken dat de omgeving zo koel mogelijk blijft. Dat kan door bomen en groen aan te planten en met waterpartijen. Verharding moet vermeden worden. "Mensen houden nog veel te weinig rekening met groen", zegt Joost Declercq.
Een tweede stap bestaat erin de warmte zoveel mogelijk uit je woning te weren. Dat kan door zonnewering, het best aan de buitenkant. Het kan ook eenvoudig, met textiel dat wordt opgehangen. Witte dakpannen zijn ook een optie. Binnenzonnewering is minder efficiënt, maar er bestaan intussen zogenoemde hoog-reflectieve zonneweringen (met een aluminium coating) die de zon gaan terugkaatsen in korte golven door het raam.
Een derde stap is om het gebouw passief te gaan koelen, bij voorkeur door een goede verluchting 's nachts. Het is best om daar al bij de bouw van een woning rekening mee te houden (denk aan een beveiligd luik). Zorg ervoor dat de koelere lucht zich optimaal kan verspreiden, bijvoorbeeld via de trappenhal met verluchting beneden en boven zodat je een schoorsteeneffect verkrijgt.
Actief koelen zoals met een aircosysteem is pas de laatste stap (een warmtepomp met een vloerkoeling is uiteraard ook een optie). Airco's vergroten het warmteprobleem in de steden, waardoor passief koelen de voorkeur geniet. "We zien dat bewoners en bouwers te snel de eerste 3 stappen overslaan en gelijk naar de airco gaan als een soort quick fix (snelle oplossing)", zegt Harm Valk.




