Nieuwjaarsdag was de eerste werkdag van de Belgische professor Fysica Ellen Moons als nieuwe secretaris-generaal van de Zweedse Koninklijke Academie voor Wetenschappen, die elk jaar maar liefst 3 Nobelprijzen mag toewijzen. Ze is de eerste vrouw in die rol: "Misschien is het een klein beetje eigenaardig dat het zo lang heeft geduurd."
Maak kennis met Ellen Moons, de Belgische professor die vanaf dit jaar Nobelprijzen mag uitreiken
We spreken Ellen Moons op de vooravond van een lange, tweedaagse autorit naar Zweden. Daar woont de topwetenschapster al 25 jaar. Ze is professor Fysica aan de Universiteit van Karlstad en zetelt sinds een jaar in de Zweedse Wetenschapsraad, die de overheid adviseert over wetenschappelijk onderzoek. En dan is er ook nog die nieuwe topfunctie aan het hoofd van de KVA, natuurlijk.
Ze mag dan intussen misschien een halve Zweedse zijn, ze is uit het West-Vlaamse Wulpen afkomstig en heeft nog altijd de Belgische nationaliteit. Haar nieuwe aanstelling haalde deze week dan ook de Belgische media. Het spreekt dan ook tot de verbeelding: een landgenoot die de laureaten van 3 Nobelprijzen mag opbellen, om hen te vertellen dat ze hebben gewonnen.
Bovendien is ze niet alleen de eerste Belgische, maar ook de eerste vrouwelijke secretaris-generaal van de KVA. Maar of ze dat nu zelf een mijlpaal vindt? "Ik zou enigszins ja zeggen. Het krijgt nu veel aandacht, maar misschien is het niet zo groot als het klinkt", antwoordt ze aarzelend. "De KVA heeft ook al 4 vrouwelijke voorzitters gehad. Ik ben gewoon de eerste secretaris-generaal."
Typisch vrouwelijk, zouden sommigen zeggen, om jezelf zo weg te cijferen. Moons lacht. "Dat zijn gewoon de feiten. Maar oké, het is een klein beetje eigenaardig dat het zo lang geduurd heeft, een vrouw als secretaris. Misschien is het dus toch wel een mijlpaal."
IJsbreker
Nochtans is de geschiedenis van de KVA gezegend met enkele absolute vrouwelijke kleppers. De Zweedse agronoom Eva Ekeblad werd in 1748 het allereerste vrouwelijke lid van de KVA. Zij ontdekte hoe je bloem kan maken van aardappelen en redde zo heel wat landgenoten van de hongersnood.
Later volgden onder anderen Marie Curie, de ontdekster van radium en polonium, en Lise Meitner, die kernsplijting ontdekte.
Toch blijven die vrouwelijke leden tot vandaag veruit in de minderheid. Slechts 20 procent van de leden is een vrouw. "De Academie was lang een afspiegeling van de academische wereld", zo verklaart Moons de genderkloof. "In Zweden is 30 procent van de professoren een vrouw. Maar er is een snelle verandering op gang gekomen. Van alle nieuwe leden die de voorbije 5 jaar verkozen zijn, is 45 procent een vrouw."
Ik wil het ijs breken voor jonge vrouwen die denken dat de deuren voor hen gesloten zullen blijven
Ellen Moons, secretaris-generaal van de Koninklijke Zweedse Academie voor Wetenschappen
Vrouw zijn in een mannenwereld, voor Moons is het niets nieuws. "Als vrouw in de fysica ben ik altijd in de minderheid geweest. In deze functie is het misschien wat zichtbaarder dan als professor, maar ik ben het gewoon om de eerste te moeten zijn om bijvoorbeeld grotere aanvragen te doen voor onderzoek."
"De pioniersrol is altijd een beetje lastig, een beetje spannend. Maar als het lukt, is het dan weer heel leuk."
"Zo zie ik mijn rol nu: het ijs breken voor andere jonge vrouwen die misschien denken dat de deuren voor hen gesloten zullen blijven. Hoe meer voorbeelden er zijn van jonge mensen die het toch voor elkaar krijgen, hoe meer vertrouwen dat schept."
Vrijheid van wetenschap
Moons zal in haar nieuwe functie niet alleen Nobelprijswinnaars mogen aankondigen. De KVA doet nog heel wat andere dingen. Het is een onafhankelijke instelling met leden uit verschillende onderzoeksinstituten. Ze doet aan wetenschapscommunicatie naar de brede Zweedse samenleving, maar zal evengoed beleidsvragen van politici beantwoorden.
Die "sterke, onafhankelijke stem" vindt Moons erg belangrijk. Het schept immers vertrouwen. De Zweed weet dat wanneer de KVA spreekt, dat niet de stem is van één (politieke) partij, of één enkele onderzoeker.
"Nochtans wordt de vrijheid van wetenschap vandaag overal ter wereld ingeperkt", waarschuwt Moons. "Denk aan de VS, waar bijvoorbeeld genderwetenschap verboden wordt. Wetenschappers moeten er woorden zoals diversiteit of polarisatie schrappen uit hun onderzoeksaanvragen. En ook in het onderzoek naar klimaat en energie moeit de Amerikaanse overheid zich."
"Dat is ernstig. Wetenschappers willen feiten achterhalen, te weten komen hoe iets werkt. Als je alleen maar bepaalde dingen mag onderzoeken, krijg je een steeds schever beeld. Dan eindig je met een samenleving die meningen verspreidt in plaats van feiten. Als die 2 vermengd raken, wordt het zeer moeilijk. Want op basis waarvan discussieer je dan nog met elkaar?"
"Onderzoek verloopt, in tegenstelling tot opinies, via een zeer strikt patroon. Wetenschappers checken zichzelf de hele tijd via het proces van peer review. Andere wetenschappers bekijken je resultaten nog voor ze gepubliceerd mogen worden. Ze worden grondig onderzocht, soms wordt onderzoek zelfs opnieuw gedaan. Wanneer er dan resultaten bevestigd en gepubliceerd worden, dan weet je ook dat er verschillende wetenschappers en onderzoekers achter staan."
"Maar misschien weten niet genoeg mensen dat wetenschap zo werkt?"
Alles begint met experimenteren
Waar komt die passie voor de wetenschap eigenlijk vandaan? "Van een heel competente fysicaleraar in het atheneum van Veurne", herinnert Moons zich. "Hij demonstreerde heel veel in de klas, experimenten met spoelen en magnetisme, met licht en spectra. En we mochten allemaal meedoen. Dat vond ik heel spannend. Het is ook de richting die ik later uit gegaan ben, dat experimentele."
"Hij kon ook heel ingewikkelde fenomenen vatten in eenvoudige formules. De samenhang tonen. Als je dit verandert, wat verandert er dan? En als je het ene vermenigvuldigt met 2, wordt het resultaat 4 keer groter, wow! Dat soort dingen. Volgens mij is dat heel goed om de interesse in wetenschap aan te wakkeren, om te geloven dat je het zelf ook kan."
"Dat is volgens mij het probleem bij veel mensen die schrik hebben van wiskunde, of wetenschap in het algemeen. Eenvoud vinden in het ingewikkelde, dat is de sleutel."
Moons doet tegenwoordig onderzoek naar flexibele, organische zonnecellen. Vandaag worden zonnepanelen nog gemaakt met silicium, maar dat vergt hoge temperaturen en dus veel energie. Met organische zonnecellen zou je de energiekost van silicium kunnen schrappen. Bovendien zouden zulke flexibele zonnepanelen op een heleboel plekken aangebracht kunnen worden, bijvoorbeeld op autodaken of de mouwen van je jas.
De experimenten die ze in het middelbaar zo leuk vond, daar geniet Moons vandaag nog altijd het meest van. "Al doe ik het niet meer zelf. Ik heb er de tijd niet meer voor. Maar als doctoraatsstudenten de tijd krijgen om metingen te doen in de synchotron in Lund (waar onderzoekers met UV- en X-stralen materialen kunnen bestuderen tot op het niveau van de atomen, red.), dan zal ik altijd mee gaan."
"Al zal ook dat misschien nu niet meer lukken", lacht ze.
Regionaal nieuws uit West-Vlaanderen




