Het wetenschappelijk onderzoekscomité om gendergerelateerd geweld beter te bestuderen en aan te pakken in België, is officieel voorgesteld. Het zal femicides en gendergerelateerde moorden analyseren, om op basis daarvan voorstellen te doen over wat beter kan. "We willen de dynamieken achter femicide beter begrijpen", vertelt voorzitter Sarah Van Praet.
"Dynamieken achter femicide beter begrijpen": onderzoekscomité tegen gendergerelateerd geweld schiet uit de startblokken
In de 'femicidewet' die sinds 2023 van kracht is, voluit de 'Wet voor de preventie en de bestrijding van femicides en gendergerelateerde dodingen', was de oprichting van dit comité al opgenomen. Vandaag werd het nieuwe onderzoekscomité officieel voorgesteld.
"Femicide is het doden van een vrouw omdat ze een vrouw is. Dat is de wetenschappelijke definitie, maar die moorden hebben ook veel te maken met de genderpatronen in onze patriarchale maatschappij", vertelt criminoloog Sarah Van Praet. Zij is verbonden aan het Nationaal Instituut voor Criminalistiek en Criminologie (NICC) en kersvers voorzitter van het nieuwe comité.
"Er is een structureel onevenwicht tussen mannen en vrouwen in onze maatschappij. Daardoor hebben we andere normen en verwachtingen in functie van gender."
Dit probleem is niet nieuw, maar we zijn het sinds kort anders gaan bekijken
Sarah Van Praet, voorzitter van het comité voor de analyses van femicides en gendergerelateerde moorden
"Door die structuur stellen we op bepaalde momenten vast dat een vrouw gedood wordt omdat een man vindt dat zij hem niet mag verlaten, omdat iemands eer gekrenkt is, door seksueel geweld, door sekswerk... Die zaken gaan verder dan de dader, maar zijn terug te brengen tot op een maatschappelijk niveau."
"Dit probleem is niet nieuw, maar we zijn het sinds kort anders gaan bekijken", aldus Van Praet. "Vroeger hadden we het vaak over een passionele moord in plaats van over femicide. Dat was in grote mate hetzelfde, maar we hebben pas recentelijk oog voor die genderstructuren."
Aanbevelingen over aanpak van femicide
Het comité moet ertoe bijdragen dat dit gendergerelateerde geweld in de toekomst beter bestreden kan worden. De Hoge Raad voor Justitie, het College van procureurs-generaal, het Instituut voor de Gelijkheid van Vrouwen en Mannen, de federale politie, de lokale politie en het NICC zitten rond de tafel.
"Het is onze opdracht om de dynamieken achter femicide in ons land beter te leren begrijpen", vertelt Van Praet. "Anderzijds bekijken we hoe de maatschappij op deze misdrijven reageert. Hoe reageren politie, hulpverlening en justitie bijvoorbeeld?"
Beluister het volledige gesprek met Van Praet in De Wereld Vandaag
Die analyses zal het wetenschappelijk comité maken op basis van concrete gerechtelijke dossiers. "We willen in eerste instantie recent afgesloten zaken aan bod laten komen en dus niet kijken naar oude zaken. Het beleid is sindsdien ook veranderd. Daarnaast is het door het geheim van onderzoek eenvoudiger om te starten met dossiers die gerechtelijk afgesloten zijn."
"Op basis van kwalitatieve en retrospectieve analyses van die concrete gevallen, zullen we aanbevelingen doen. Die kunnen zowel over de politiek gaan, als over strafrechtelijk beleid of over het functioneren van de politie. Het kan alle richtingen opgaan. Als comité zullen we ook opvolgen wat er met onze aanbevelingen wordt gedaan."
Eerste aanbevelingen over 2 jaar
Hoeveel tijd het comité nodig zal hebben om verandering teweeg te brengen? "We moeten realistisch blijven. We zullen met kleine stapjes vooruitgaan", stelt Van Praet.
"In de wet staat dat het doel is om femicide te voorkomen, maar daar zullen we de komende jaren zeker niet in slagen. Dit is zo'n complex en wijdverspreid probleem", vertelt ze. "Om in kaart te brengen hoe groot het probleem precies is, verzamelt het Instituut voor Gelijkheid van Mannen en Vrouwen nu data." Die organisatie komt vanaf 2026 met een jaarlijks rapport.
"Ik verwacht dat de eerste aanbevelingen van ons comité pas over 2 jaar klaar zullen zijn. We willen dit echt zo grondig mogelijk doen", besluit ze. "Bovendien moeten we deze methode van samen analyseren nog op punt stellen. Een samenwerking tussen justitie, politie en wetenschap is dan ook echt wel innovatief."


