De deal tussen de Verenigde Staten en de andere NAVO-lidstaten om broodnodige Patriot-luchtafweersystemen te leveren aan Oekraïne vertoont de eerste barsten. Door lange levertijden willen sommige NAVO-lidstaten extra garanties. Duitsland bijvoorbeeld zal wel 2 systemen leveren, maar vraagt de VS om snel nieuwe Patriots te leveren, zodat het land zelf niet zonder komt te zitten.
Eerste barsten in deal over levering Amerikaanse luchtafweersystemen aan Oekraïne door lange levertijden
In totaal zijn er op dit moment 6 Europese NAVO-landen die gebruikmaken van het Patriot-luchtafweersysteem: Duitsland, Griekenland, Nederland, Polen, Roemenië en Spanje. Samen zouden de landen er een 25-tal ter beschikking hebben, maar door de leveringen aan Oekraïne komt die voorraad onder druk te staan.
Sinds de escalatie van de oorlog in Oekraïne in 2022 heeft Kiev 6 operationele Patriot-systemen ontvangen van de VS, Duitsland, Roemenië en Nederland. Maar vorige week zei de Oekraïense president Volodymyr Zelensky dat hij hoopte om in de nabije toekomst nog eens 10 systemen te ontvangen.
Wat zijn Patriots?
Patriot-systemen zijn een van de meest geavanceerde luchtafweersystemen ter wereld. Ze zijn essentieel voor Oekraïne, omdat ze de enige systemen zijn die in staat zijn om de snel bewegende en ballistische raketten van Rusland effectief te onderscheppen. Zonder voldoende Patriot-systemen is Oekraïne veel kwetsbaarder voor Russische aanvallen op steden en kritieke infrastructuur.
Lange levertijden
Oekraïne heeft dus dringend meer Patriot-luchtafweersystemen nodig om zich te verdedigen tegen de aanhoudende en zware Russische raket- en droneaanvallen. De deal die na de NAVO-top in Den Haag gesloten werd, voorziet in de aankoop van nieuwe systemen door de VS, die vervolgens door de VS aan de Europese NAVO-landen worden verkocht.
Deze Europese landen doneren vervolgens hun eigen (oudere) Patriot-systemen aan Oekraïne, wetende dat hun eigen voorraden snel weer worden aangevuld met de zojuist gekochte nieuwe systemen.
Maar door de eerdere leveringen aan Oekraïne zijn de Europese voorraden uitgedund. Daarbovenop is er bij de verschillende NAVO-landen ook onzekerheid over de leveringstermijn van de nieuwe Patriot-systemen die de VS heeft beloofd. De wereldwijde vraag om die systemen is veel groter dan het aanbod, waardoor landen soms jarenlang moeten wachten op hun bestelling. Veel landen vrezen dus dat ze zonder performante luchtafweer zullen komen te zitten.
Duitsland eist waterdichte garanties
Dat is ook het geval in Duitsland, dat naar schatting zo'n 12 Patriots heeft. Het land heeft 3 systemen aan Oekraïne gedoneerd, 2 systemen staan in Polen, en eentje wordt uitsluitend gebruikt voor trainingsdoeleinden. Duitsland zet nu het licht op groen voor opnieuw een levering van 2 Patriots aan Oekraïne, maar wil wel extra garanties van de VS over de toekomstige leveringen, zodat het niet zonder luchtafweer komt te zitten.
"De levering van deze systemen toont aan dat Duitsland de belangrijkste bondgenoot is van Oekraïne als het op luchtafweer aankomt", zei de Duitse minister van Defensie Boris Pistorius afgelopen vrijdag. Duitsland heeft de VS (de leverancier van de systemen) wel gevraagd om "waterdichte garanties" dat ze de nieuwe systemen binnen de 8 maanden geleverd krijgen, voor nog meer Patriots richting Oekraïne gestuurd worden.
Het Amerikaanse ministerie van Defensie zou Duitsland hebben beloofd dat ze nu absolute prioriteit krijgen bij de levering van toekomstige systemen. Dat betekent dat Zwitserland, dat in 2022 een bestelling heeft geplaatst, nog eventjes zal moeten wachten op de beloofde systemen.
Ongerustheid blijft
Een tijdelijke oplossing, die de angst voor een mogelijk tekort voorlopig niet volledig wegwerkt.
Aan Euractiv vertelt een hooggeplaatste Europese diplomaat dat de levering van Patriots aan Oekraïne "beangstigend" is. "Je doet het voor Oekraïne, omdat ze ons verdedigen", klinkt het. Pierre Vandier, opperbevelhebber verantwoordelijk voor de toekomst en vernieuwing van de NAVO-strijdkrachten, schat dat de levertermijn van Patriot-systemen op dit moment zo'n 7 jaar bedraagt.
De Amerikaanse wapenfabrikanten Lockheed Martin en Raytheon doen er ondertussen alles aan om de productie op te schroeven.
Raytheon gaat de productie van een nieuw type raket, de GEM-T, flink opvoeren: 150 procent meer tegen 2028. Dit doen ze omdat de vraag naar deze raketten erg groot is.
Het bedrijf investeert ook bijna 1 miljard dollar om voldoende onderdelen en materialen te kunnen kopen en om meer radars te bouwen. Toch hebben ze problemen, net als andere fabrieken. Vooral het vinden van genoeg explosieve stoffen (zoals kruit) is lastig.
Wat betekent dit voor België?
Voor ons land hebben de leveringsproblemen weinig grote gevolgen. België wil ook luchtafweersystemen aankopen, maar kijkt daarvoor eerder richting de Noorse NASAMS-luchtafweersystemen. Dat heeft chef Defensie Frederik Vansina eerder bevestigd.
Ons land plant om samen met Luxemburg via Nederland 10 luchtafweersystemen, waarvan 9 bedoeld voor ons land, aan te kopen voor zo'n 2,5 miljard euro. Het kernkabinet bereikte daarover eind juni een overeenkomst. Volgens legertopman Frederik Vansina wordt daarvoor gekeken naar het Noorse systeem van het type NASAMS.
Het Noorse NASAMS-luchtafweersysteem is performant, maar duur. Volgens rapporten zou het tot 94 procent van de inkomende projectielen succesvol uit de lucht halen. De performantie van NASAMS komt wel tegen een aanzienlijk prijskaartje, al is het systeem wel nog steeds een stuk goedkoper dan de Amerikaanse Patriots.
NASAMS is een geavanceerd, modulair systeem met meerdere componenten (radars, commandoposten, lanceerinstallaties, communicatiesystemen). Elk van deze onderdelen is technologisch geavanceerd en erg duur om te ontwikkelen en te produceren.
Ook de (Amerikaanse) raketten zelf zijn zeer duur. Een enkele raket kan al snel honderdduizenden tot meer dan een miljoen euro kosten, afhankelijk van de variant. Wanneer je bedenkt dat een lanceerinstallatie 6 raketten kan bevatten en er meerdere installaties per batterij zijn, lopen de munitiekosten snel op.
Voor de NASAMS-systemen betalen België en Luxemburg 250 miljoen euro per batterij, in totaal dus 2,5 miljard euro, maar daar zijn de dure raketten dus nog niet bij inbegrepen.


