Niets lijkt een verhoging van de NAVO-norm naar 5 procent nog in de weg te staan. Dat betekent dat ook ons land op termijn miljarden per jaar extra zal moeten uitgeven aan defensie. Al hoopt de regering die aartsmoeilijke budgettaire oefening door te schuiven naar de volgende legislatuur.
Waarom is die NAVO-norm zo belangrijk?
Aan alle leden van het militaire bondgenootschap wordt gevraagd om een deel van hun bruto binnenlands product – de totale waarde van de economie van een land - te investeren in defensie. Het gaat om een afgesproken percentage, zodat elk land relatief gezien een gelijkaardige inspanning levert.
Vandaag ligt die norm op 2 procent. Dat is zo’n 20 jaar geleden afgesproken. Maar niet alle landen houden zich daar aan. Vorig jaar haalde 23 van de 32 leden de norm. België is met ongeveer 1,3 procent vorig jaar de op één na slechtste leerling van de klas.
Onze regering heeft beslist om nog dit jaar extra miljarden te investeren in defensie om zo snel de 2 procent te halen. Dat is geen toeval: de druk om meer te investeren in defensie is groot. De geopolitieke situatie is veel gevaarlijker dan enkele jaren geleden en de Amerikanen eisen dat Europa veel meer voor zijn eigen veiligheid gaat instaan. Daarom ligt nu ook een nieuwe NAVO-norm op tafel.
Staat het vast dat die naar 5 procent gaat?
Eigenlijk wel. De beslissing valt officieel pas eind juni tijdens de grote NAVO-top in Den Haag. Maar op een voorbereidende bijeenkomst in Brussel afgelopen week is duidelijk geworden dat de goedkeuring eigenlijk een formaliteit is. In een persbericht schrijft NAVO zelf dat het "naar verwachting zal worden goedgekeurd."
3,5 % plus 1,5 %
Die 5 procent is in zekere zin misleidend. Het lijkt om meer dan een verdubbeling te gaan van vereiste militaire uitgaven. Maar de realiteit is genuanceerder.
De NAVO zal de norm waarschijnlijk anders invullen. Landen zullen ook niet-militaire uitgaven voor de norm kunnen laten meetellen. Maar ze moeten wel "veiligheidsgerelateerd" zijn. Het gaat dan bijvoorbeeld om uitgaven voor cybersecurity of werken aan belangrijke infrastructuur zoals wegen, bruggen en tunnels.
Van de 5 procent zal 3,5 procent gelden voor strikt militaire uitgaven, 1,5 procent voor bredere uitgaven. De NAVO-norm zoals we die vandaag kennen stijgt dus eigenlijk van 2 naar 3,5 procent.
Is onze regering ook voorstander van de nieuwe norm?
De regering-De Wever kan eigenlijk niet anders dan zich schikken naar de nieuwe norm. Ons land heeft als kleine en slecht presterende speler weinig macht binnen het bondgenootschap.
We kunnen dat aan als we de juiste keuzes maken
Minister van Defensie Theo Francken (N-VA)
Minister van Defensie Theo Francken (N-VA) liet duidelijk verstaan na de NAVO-bijeenkomst in Brussel afgelopen week dat er consensus is over die 5 procent en dat we dat dus "gaan doen". "We kunnen dat aan als we de juiste keuzes maken", klinkt het op X .
"We doen dat niet voor de mooie ogen van Trump. Om met de landen samen te kopen wat nodig is en goed te onderhouden heb je ongeveer 3,5 procent nodig. Dat is ook wat er tijdens de Koude Oorlog werd besteed. Als we dat hebben, staan we ijzersterk", zei de minister eerder deze week bij Terzake.
Dat Francken aangaf dat het onvermijdelijk is dat ons land ook naar die 5 procent evolueert, leidde tot onvrede bij de coalitiepartners. Sammy Mahdi (CD&V) zei in Terzake dat de NAVO "dat dan wel kan beslissen", maar dat het voor ons land "weinig realistisch" is om daaraan te voldoen.
Minister Frank Vandenbroucke (Vooruit) gaf na Franckens interview aan dat daarover "nog niets beslist is."
Het staat alleszins vast dat de regering nog niet beslist heeft of en hoe het zelf de defensie-uitgaven zal verhogen rekening houdend met de nieuwe norm. Francken zelf zegt dat hij op de bijeenkomst in verband met de nieuwe norm wel degelijk een standpunt innam waaraan "elke regeringspartij haar expliciete goedkeuring gaf."
Tegen wanneer zal die 5 procent gehaald moeten worden?
Dat is nog een punt van discussie. Secretaris-generaal van de NAVO Mark Rutte wil dat landen tegen 2032 al die 5 procent halen.
Onder meer ons land pleit voor meer flexibiliteit. Francken heeft op de bijeenkomst aangegeven dat ons land minstens 10 jaar nodig heeft.
Doorschuiven naar volgende regering?
Opvallend: onze regering is hoe dan ook niet van plan om nog deze legislatuur – dat wil zeggen tot 2029 - meer uit te geven dan 2 procent, schrijft Francken op X. De regering wil de nieuwe NAVO-norm zelf dus niet meer concreet omzetten in nieuw beleid of extra uitgaven. Zo schuift ze de aartsmoeilijke discussie door naar de volgende regering.
De vraag is of de NAVO zal aanvaarden dat ons land het probleem op de lange baan schuift. Rutte gaf afgelopen week aan een plan te hebben om te vermijden dat landen dat doen. De landen zullen zich verbinden tot jaarlijkse plannen die elk jaar de stijging tonen, om te verzekeren dat ze tot het nieuwe doel van 5 procent komen", aldus de secretaris-generaal.
Kan ons land dat betalen?
Rekening houdend met de slechte staat van de begroting lijkt dat alleszins de komende jaren onmogelijk.
Als het gaat over strikt militaire uitgaven moet ons land meer dan 22 miljard euro per jaar uitgeven om aan de 3,5 procent te geraken. Dat is jaarlijks 10 miljard meer dan de 2 procent die de regering dit jaar wil bereiken. Om dat te compenseren zijn nieuwe besparingen en/of belastingen nodig, de schulden verder laten oplopen zou ons land nog meer in de gevarenzone brengen.
Om de huidige norm te bereiken moet de regering zich al dubbelplooien. Het is nog altijd voor een groot stuk onduidelijk hoe ze de defensie-factuur de komende jaren zal betalen.
Wat met steun voor Oekraïne?
Om uiteindelijk aan 5 procent te geraken is nog veel meer geld nodig. Al hoopt de regering dat veel uitgaven die het vandaag al doet – bijvoorbeeld voor grenscontroles - onder dat nieuwe minder strikte deel van de NAVO-norm kunnen vallen. Het zou dus niet om allemaal bijkomende uitgaven gaan om de 5 procent te halen. Bovendien hoopt de federale regering dat ook de regio’s kunnen bijdragen.
In de praktijk brengt ons land trouwens al verschillende niet strikt militaire uitgaven onder de NAVO-norm. Zo telt de steun die ons land aan Oekraïne geeft al mee voor de 2 procent. Mogelijk zal de NAVO nu vragen om die uit de strikte NAVO-norm van (in de toekomst) 3,5 procent te halen. Dat bezorgt de regering mogelijk nog extra kopzorgen.




