Vlaanderen heeft sinds kort zijn eerste klimaatarts. Jules Vertriest zal zich buigen over de gezondheidsproblemen die de klimaatverandering met zich meebrengt, zoals beroerten, pollenallergieën en tropische ziekten. Maar de klimaatarts pleit ook voor meer groen, schaduw en water in het straatbeeld.
Eerste Vlaamse klimaatarts moet klimaatziekten helpen voorkomen: "Ik pleit voor fijne dingen die toevallig ook goed zijn voor de gezondheid"
"We weten allemaal dat het klimaat aan het veranderen is. Meer warme periodes, meer regenval: dat brengt ook gezondheidsgevolgen met zich mee", zo klonk het in augustus vorig jaar bij het Vlaams Departement Zorg. Het schreef toen een vacature uit voor een zogenoemde klimaatarts.
Die eerste Vlaamse klimaatarts heeft nu ook een naam. Jules Vertriest is 29 jaar en pas van de schoolbanken af. We spreken Vertriest middenin een kurkdroge lente.
"We zitten momenteel in een heel droge periode, en we zullen er in de toekomst alleen maar meer krijgen", beaamt hij. "En ook het aantal hittegolven zal in stijgende lijn blijven gaan. Dat is een grote gezondheidsuitdaging voor ons."
Aan welke problemen denkt hij dan? "Mensen met hart- en vaatziekten belanden vaker in het ziekenhuis. We zien meer beroertes. Mensen met longaandoeningen krijgen klachten aan de luchtwegen doordat ozon zich opstapelt. Er belanden meer pollen in de lucht, en die veroorzaken veel meer klachten. We zullen nieuwe allergenen krijgen. Bij die gezondheidseffecten staan we nu nog niet genoeg stil."
"En dan zijn er nog vectorgebonden ziekten zoals dengue, zika en chikungunya. Die worden overgedragen door bijvoorbeeld tijgermuggen die hier normaal niet voorkomen. Die muggen kunnen zich momenteel nog niet zo goed vestigen bij ons, en dat willen we in de mate van het mogelijke zo houden. We moeten dat dus zo veel mogelijk preventief aanpakken."
Klimaatverandering treft niet iedereen even sterk
Zijn functieomschrijving doet misschien anders vermoeden, maar het is niet de bedoeling dat de Vlaamse klimaatarts zonneslagen of uitdrogingsverschijnselen zal behandelen. Vertriest zal geen patiënten ontvangen, maar moet er net zo veel mogelijk zien te vermijden.
"Enerzijds ga ik de mensen informeren en sensibiliseren, en zorgen dat ze voorbereid zijn. Wat kunnen ze doen? Hoe kunnen ze hun huizen koelen, waar moeten ze op letten?"
"Anderzijds zal ik het beleid vertalen naar het lokale niveau. Ik zal bijvoorbeeld samenzitten met het Departement Omgeving of het Agentschap Natuur en Bos om te bekijken hoe we meer groen en water in de straten krijgen en zo die straten koel houden. Want het hitte-eilandeffect is groot."
Verharding, zoals stenen of beton, slorpt overdag warmte op en geeft het 's nachts weer af. Daardoor kan het in de stad tot wel 6 graden Celsius warmer zijn dan erbuiten.
Vertriest ondervond dat hitte-eilandeffect aan den lijve toen hij vanuit een landelijke gemeente naar Gent verhuisde voor zijn studies. Daar merkte hij ook dat niet iedereen even sterk getroffen wordt door de klimaatverandering.
"Je woont als student niet altijd per se in de beste buurten. Die zijn sterk verhard, en als het warm is, is het daar ook écht warm", herinnert Vertriest zich. "In mijn ouderlijke huis was het dan weer lekker koel. Zo bots je op het feit dat er ongelijkheden zijn en dat de klimaatverandering die alleen maar verder zal versterken."
"Een voorbeeld: wie niet in staat is om zijn huis voldoende te isoleren, moet nu al meer verwarmen. Hij zal zijn huis ook niet voldoende kunnen afkoelen. Mensen die nu al uit de boot vallen, zullen dat nog meer doen."
"Medische kwetsbaarheid hoort daar ook bij. Jongere mensen, oudere mensen en mensen met chronische aandoeningen kunnen de warmte minder goed opvangen."
Nochtans verkondigt Vertriest geen revolutionaire ideeën. Ontharden, meer ruimte voor water en meer groen in de straten: experten pleiten er al jarenlang voor. Bomen werken immers als airco's en wadi's helpen om water te bufferen. Toch raakt het maar mondjesmaat uitgerold. In oktober bleek bijvoorbeeld nog dat slechts 18 Belgische gemeenten voldoen aan de 3-30-300-regel voor groen in het straatbeeld.
"Inderdaad, experten zeggen zulke dingen al jaren", zegt Vertriest. "Wij staan er ook superhard achter. Maar de uitdaging bestaat erin om ze ook uitgerold te krijgen. "
Geen kop in het zand
Het kan misschien vreemd klinken dat Vlaanderen net nu een klimaatarts aanstelt, op een moment dat het klimaat lager op de agenda lijkt te staan. Deze week nog raakte bekend dat het Belgisch Klimaatcentrum dat in 2022 werd opgericht, alweer op een lager pitje wordt gezet.
"Maar het is niet omdat we het klimaatprobleem beu zijn, dat het verdwijnt", zegt Vertriest. "Het is er, of we het nu willen of niet. We moeten ons daar als volwassenen naar gedragen en ons hoofd niet in het zand steken."
"Hoe langer we wachten, hoe meer kansen we verliezen om ons aan te passen. Een tegel uithalen, dat kan je van vandaag op morgen doen. Maar ingrepen zoals bomen planten, groen aanleggen, dat heeft tijd nodig. Alle tijd die we nu verliezen, is tijd die we ons morgen zullen beklagen."
Maar een klimaatactivist is hij niet, benadrukt Vertriest. "Ik ben niet de persoon die op de barricaden zal staan. Maar de klimaatverandering is er. Ik wil vooral de mensen informeren over hoe ze ermee kunnen omgaan en hoe ze hun beste leven kunnen leiden."
"Veel acties die wij voorstellen, zijn ook gewoon fijn. Iedereen wil wel wonen in een omgeving waar er bomen staan of waar je af en toe een park kan bezoeken, of in een straat waar niet te veel fijn stof hangt. In de zomer wil je buiten kunnen zitten in de schaduw zonder aangevallen te worden door tijgermuggen, zonder dat je je moet laten vaccineren tegen een tropische ziekte."
"In mijn ogen willen we dus zeer aangename dingen bereiken, die toevallig ook goed zijn voor de gezondheid."




