Gaan Oekraïens president Zelensky en zijn Russische tegenhanger Poetin donderdag echt praten in Istanbul? Na een weekend van grote verklaringen is professor internationale politiek David Criekemans (UAntwerpen) eerder sceptisch, zeker als het gaat over de intenties van Rusland. "Ik denk dat de Russische doelstellingen voor de oorlog niet veranderd zijn."
Scepticisme heerst over mogelijke gesprekken tussen Zelensky en Poetin: "Rusland meent dat het nog terrein kan winnen"
Een weekend lang geopolitiek gepoker, zo kan je de boodschappen omschrijven die de voorbije dagen door verschillende landen de wereld werden ingestuurd over de oorlog in Oekraïne. Zaterdag hadden Europese bondgenoten en de VS Russisch president Poetin voor een soort ultimatum gesteld: als Rusland niet akkoord zou gaan met een staakt-het-vuren van 30 dagen, zouden er massaal nieuwe sancties komen.
Poetin zei daarop eerst te willen onderhandelen. Hij stelde voor om dat donderdag rechtstreeks te doen, in het Turkse Istanbul. Oekraïens president Zelensky liet prompt weten dat hij er "persoonlijk" zou zijn. "Beide partijen zijn de hete aardappel naar elkaar aan het toeschuiven", vermoedt David Criekemans, professor internationale politiek aan de UAntwerpen.
Volgens hem wil Zelensky met zijn laatste boodschap vooral een signaal geven aan Donald Trump, "dat hij toch niet de obstructie vormt voor zogenaamde vredesgesprekken". "Het is heel slim van Zelensky om dat te zeggen. Ik betwijfel dat Poetin zelf naar Istanbul zal gaan, maar je weet nooit natuurlijk."
"Rusland heeft tijd"
Uiteindelijk blijft volgens Criekemans de hamvraag of Rusland echt zijn doelstellingen voor de oorlog heeft gewijzigd. "Ik durf dat te betwijfelen. Vrij recent hoorden we nog dat Poetin vindt dat Oekraïne neutraal moet zijn, met een klein leger, dat de regering van Zelensky weg moet, dat op z'n minst alle territoria die Rusland heeft ingenomen - en meer zelfs - tot de Russische Federatie moeten behoren. Dus ik denk dat er niks veranderd is."
Criekemans fronst ook wat bij de voorgestelde methode van deze gesprekken. "Als we de handboeken internationale politiek volgen, zou ik zeggen dat er eerst een staakt-het-vuren moet komen. Zo kan er wat vertrouwen ontstaan tussen de verschillende partijen en misschien een dynamiek voor verdere gesprekken. Als je dat omkeert, wordt het een zeer fundamenteel debat waar je moeilijk uit geraakt."
Als we de handboeken internationale politiek volgen, zou ik zeggen dat er eerst een staakt-het-vuren moet komen
David Criekemans, professor internationale politiek (UAntwerpen)
Maar zelfs een staakt-het-vuren wordt aartsmoeilijk. "We spreken hier over een bestandslijn van meer dan 1.000 kilometer. Wie gaat dat allemaal monitoren? Hoe gaan we dat implementeren op het terrein?"
Daarom is Criekemans eerder sceptisch over de mogelijke gesprekken van donderdag, geeft hij toe. "Ik denk dat zich nog andere dynamieken moeten voordoen. Normaal gezien gebeurt dat als beide partijen echt vermoeid zijn. Maar ik heb toch een beetje het vermoeden dat Rusland meent dat het nog tijd heeft om terrein te winnen. En vooral om die westerse coalitie, die eerlijk gezegd ook maar wat met haken en ogen aan elkaar hangt, weer uit elkaar te spelen."
Professor Criekemans denkt dat Rusland vooral tijd probeert te kopen:

