Naar hoofdinhoud

Vaccinaties bij jonge kinderen in Vlaanderen blijven stabiel op hoog niveau, blijkt uit cijfers van Kind en Gezin

De vaccinatiegraad van jonge kinderen in Vlaanderen die Kind en Gezin opvolgt, blijft stabiel op een hoog niveau. Dat blijkt uit nieuwe cijfers van de overheidsdienst. Die nuanceren enigszins de vrees dat jonge ouders sinds de coronacrisis minder bereid zouden zijn hun kinderen te laten vaccineren.

Vincent Merckx
Gepubliceerd:

Kind en Gezin is de Vlaamse overheidsdienst die nieuwe ouders en hun kinderen opvolgt. Het voert ook het zogenoemde Vlaamse Vaccinatieprogramma uit, dat kinderen moet beschermen tegen infectieziekten zoals mazelen, kinkhoest, kinderverlamming, hepatitis B of bof. Die vaccinaties zijn niet verplicht, maar worden wel aanbevolen door de Hoge Gezondheidsraad.

Vandaag worden de nieuwste cijfers vrijgegeven. Die slaan op kinderen die geboren zijn in 2023. Doordat het grote merendeel van de vaccinaties van kinderen in Vlaanderen gebeurt via Kind en Gezin, geven die cijfers een idee (maar geen totaalbeeld) van de algemene vaccinatiegraad onder Vlaamse kinderen.

Hoe moet je de cijfers interpreteren? Deze statistieken slaan alleen op de spuitjes die Kind en Gezin uitdeelt in Vlaanderen. Als Kind en Gezin 89,9 procent van de Vlaamse kinderen vaccineert, wil dat dus niet zeggen dat 10,1 procent van de Vlaamse kinderen met zekerheid niet gevaccineerd is. Zij kunnen ook elders een vaccin gekregen hebben, bijvoorbeeld bij een kinderarts.

Wat blijkt: de voorbije 6 jaar bleef de vaccinatiegraad op hetzelfde niveau. Van alle Vlaamse kinderen die in 2023 werden geboren, kreeg 89,9 procent van Kind en Gezin minstens 1 dosis van een vaccin tegen polio. Het minst populaire gratis vaccin was dat tegen pneumokokken, maar ook dat haalt nog 88,1 procent.

Die cijfers zijn vrijwel gelijk aan die voor kinderen die in 2018 werden geboren, zonder grote schommelingen in de tussentijd.

Let op, die cijfers slaan op de Vlaamse kinderen die minstens 1 dosis kregen binnen hun eerste levensjaar. Sommige vaccins hebben verschillende dosissen nodig en dat gebeurt wellicht niet altijd.

Zo kreeg 89 procent van de Vlaamse kinderen in het eerste levensjaar minstens 1 dosis toegediend van het 6-in-1-vaccin dat beschermt tegen polio, difterie, tetanus, kinkhoest, haemophilus influenzae B en hepatitis B. Voor volledige bescherming heb je 3 dosissen nodig en dat kregen "slechts" 80,5 procent van de Vlaamse kinderen bij Kind en Gezin.

Vaccin gratis maken, leidt tot meer spuitjes

Wel opvallend: met 82,6 procent eerste dosissen binnen het eerste levensjaar, blijkt het vaccin tegen het rotavirus wat minder populair. Volgens Kind en Gezin komt dat waarschijnlijk doordat het relatief snel na de geboorte toegediend moet worden, en doordat het niet gratis is, anders dan de andere vaccins.

Dat een gratis vaccin leidt tot meer spuitjes, blijkt dan weer uit de cijfers voor meningokokken C. Kind en Gezin vaccineerde 82 procent van de Vlaamse kinderen die in 2022 werden geboren daartegen. Dat is een stijging met 4 procentpunt in vergelijking met de geboortejaren 2018 tot en met 2021.

Mazelenvaccin licht in de lift

Ook het mazelenvaccin, dat in het tweede levensjaar toegediend moet worden, wint licht aan populariteit. Kind en Gezin vaccineerde 84 procent van de Vlaamse kinderen die in 2022 geboren werden. In de geboortejaren voordien was dat 83 procent.

Dat kan enigszins verrassen, aangezien het aantal gevallen van mazelen in ons land én in Europa momenteel stevig toeneemt. Kinderinfectiologen en virologen nemen aan dat dat deels komt doordat er minder tegen wordt gevaccineerd.

De vaccinatiegraad kan lokaal sterk verschillen. Die ligt in ons land vooral lager in grotere steden, in Wallonië en Brussel.

Niet vanzelf

De cijfers zouden kunnen verrassen.

Vorige maand nog waarschuwde vaccinologe Isabel Leroux Roels (UZ Gent) dat steeds meer jonge mensen die kinderen krijgen, twijfelen of ze hun kind nog willen laten vaccineren. Dat zei ze in het kader van de grootschalige coronabevraging door VRT. "Dat kan gevolgen hebben voor de vaccinatiebereidheid tegen belangrijke kinderziekten zoals polio."

Dat blijkt dus niet uit de metingen van Kind en Gezin. "De vaccinatiecijfers in het tweede levensjaar zijn zelfs licht gestegen", zegt Nele Wouters, woordvoerder van het Vlaams agentschap Opgroeien.

"We merken dat heel wat ouders vaccinatie heel belangrijk vinden. Meer ouders vragen om hun kind vroeger te laten vaccineren dan bijvoorbeeld enkele jaren geleden."

Wouters benadrukt dat de algemene hoge vaccinatiegraad er niet zomaar vanzelf komt, maar het resultaat is van volgehouden inspanningen. "Vaccineren is niet zomaar een spuitje zetten. Er zit zo veel meer werk achter dat door onze verpleegkundigen en artsen wordt uitgevoerd. Het is sensibiliseren, contacten leggen met gezinnen, luisteren naar hun vragen, hen opvolgen wanneer ze verhuizen..."

"We registeren ook nauwgezet welke vaccins er worden gezet, en enkele profielkenmerken van de ouders." Gaat het bijvoorbeeld over een eerste of een volgende kind, zijn de ouders kansarm of niet-kansarm, heeft de moeder al dan niet een Belgische afkomst, enzovoort.

"Al die data vragen veel inzet, maar creëren wel een duidelijk beeld. Dat beeld toont ons waar we onze aandacht nog moeten verscherpen. We weten bijvoorbeeld dat volgende kinderen gemiddeld minder gevaccineerd worden dan eerste kinderen. Uitstel betekent soms ook afstel."

Meer weten over

Meest gelezen

  • 1
  • 2
  • 3
  • 4
  • 5

Wat schuilt er achter Go Church? En hoe komt het dat vooral kwetsbare minderjarigen hier slachtoffer van worden? VRT NWS Pano trok op onderzoek.

Lees ook

  • general.player.loading"
  • general.player.loading"
  • general.player.loading"
  • general.player.loading"
  • general.player.loading"