Naar hoofdinhoud

Klokkenluider "Caesar" die folteringen van Assad-regime aan het licht bracht, onthult na 11 jaar identiteit

"Caesar", de codenaam voor de klokkenluider die de gruwel in de foltergevangenissen van het Assad-regime aan het licht bracht, heeft na 11 jaar zijn identiteit onthuld: Farid al-Madhan. De militaire forensische fotograaf smokkelde tussen 2011 en 2013 duizenden beelden van gefolterde en vermoorde gevangenen het land uit. Zijn foto's vormden het eerste officiële bewijs van de immense schaal waarop het regime gevangenen mishandelde. 

Inass Mouhamou
Gepubliceerd:

Donderdagavond zaten Syriërs wereldwijd aan hun tv gekluisterd voor de uitzending van Al Jazeera waarin voor het eerst het gezicht en de identiteit van "Caesar" werd onthuld, de klokkenluider die een held is voor de Syrische bevolking.

In beeld: een oudere man, gekleed in een net pak, grijze baard zorgvuldig getrimd. "Ik ben Farid al-Madhan, hoofd van het Bureau voor Forensisch Bewijs bij de Militaire Politie van Damascus, bekend als "Caesar", zoon van het vrije Syrië, afkomstig uit Daraa, de bakermat van de Syrische revolutie", klonk het.

Bijna 55.000 foto's

Daarmee schrijft de naam Farid al-Madhan zich voorgoed in de geschiedenis. Als "Caesar" verzamelde hij cruciale bewijslast van de gruweldaden van het Syrische regime onder dictator Bashar al-Assad.

Zo verzamelde hij tussen de start van de Syrische revolutie in 2011 en augustus 2013 bijna 55.000 foto’s van de gruwelpraktijken van het Assad-regime tijdens de Syrische burgeroorlog. De beelden tonen duizenden gevangenen, 6.786 om precies te zijn, die in de Syrische detentiecentra zijn gedood door marteling en uithongering.

"Het bevel om de misdaden van het regime van Bashar al-Assad te fotograferen en te documenteren kwam van de hoogste machtsniveaus. Op die manier wilde al-Assad garanderen dat de executies ook effectief werden uitgevoerd", legt al-Madhan uit.

Het lichaam van elke gedetineerde kreeg na de executie een nummer toegewezen

Syrische klokkenluider Farid al-Madhan

Zijn eerste foto's werden in maart 2011 genomen in het mortuarium van het Tishreen Militair Ziekenhuis in Damascus. Daar fotografeerde hij tientallen lichamen van betogers uit Daraa die door het regime werden gefolterd en vervolgens geëxecuteerd.

"Het lichaam van elke gedetineerde kreeg na de executie een nummer toegewezen", zegt hij. Maar naarmate het aantal doden toenam, werden de lichamen ook naar andere locaties gebracht om gefotografeerd te worden.

50 lichamen per dag

Aanvankelijk was al-Madhan van plan om aan het begin van de Syrische burgeroorlog het land te ontvluchten, maar uiteindelijk besloot hij te blijven om meer bewijsmateriaal te verzamelen.

Zo werden volgens al-Madhan bij het begin van de Syrische revolutie dagelijks 10 tot 15 lichamen binnengebracht in de detentiecentra waar hij werkte. Maar dat cijfer steeg al snel naar 50 per dag. "Hartstilstand" werd vrijwel altijd opgegeven als de doodsoorzaak. Een eufemisme voor "dood door marteling", getuigt al-Madhan.

Ik verborg usb-sticks in mijn kleren, in mijn sokken, in broodzakken en op mijn lichaam, uit angst voor controles bij de checkpoints

Syrische klokkenluider Farid al-Madhan

2 jaar lang smokkelde hij USB-sticks vol bewijsmateriaal het land uit. Hij riskeerde daarbij arrestatie door zowel regime- als oppositietroepen. Omdat hij voor de Syrische veiligheidsdiensten werkte maar tegelijkertijd in een gebied onder controle van de milities van het Vrije Syrische Leger woonde, maakte hij een valse civiele identiteitskaart om ongehinderd door de oppositiecheckpoints te kunnen reizen.

"Ik verborg usb-sticks in mijn kleren, in mijn sokken, in broodzakken en op mijn lichaam, uit angst voor controles bij de checkpoints", vertelt de klokkenluider. Hij leefde constant in angst om gevat te worden. Niet onlogisch, al-Madhan wist maar al te goed wat de gevolgen konden zijn. Zijn verzet kon hem immers hetzelfde lot bezorgen als de slachtoffers over wie hij bewijs verzamelde.

Syrië ontvlucht in 2013

In 2013 besloot al-Madhan dat hij genoeg bewijs had verzameld en dat de risico’s te groot werden. Hij deserteerde, vluchtte naar Jordanië, en reisde vervolgens door naar Qatar. Daar werkte hij samen met een team van mensenrechtenadvocaten om de gesmokkelde foto’s te gebruiken als bewijs voor de misdaden van het Assad-regime.

De beelden, die in 2014 voor het eerst werden gepubliceerd, waren het eerste officiële bewijs van de immense schaal waarop het regime gevangenen mishandelde.

Volgens de ngo Human Rights Watch waren de 6.786 slachtoffers die al-Madhan registreerde afkomstig uit slechts 5 inlichtingendiensten in Damascus. Het werkelijke aantal ligt vele malen hoger.

Naar schatting heeft het Assad-regime in totaal meer dan 136.000 mensen vastgezet. Na de val van het regime op 8 december werden de gevangenissen van al-Assad geopend. Vandaag zijn nog steeds meer dan 100.000 gevangenen vermist.

Sancties opheffen

De afgelopen 11 jaar gebruikte al-Madhan een schuilnaam om zichzelf en zijn familie te beschermen tegen vergelding van het regime. Maar met de val van al-Assad is de situatie veranderd en is het veilig om zijn identiteit vrij te geven. 

De afgelopen jaren verscheen al-Mahdan verschillende keren in het Amerikaanse Congres, waar zijn foto's in 2019 leidden tot de invoering van de Amerikaanse "Caesar Act", een wet die onder meer sancties oplegt aan Syrische kopstukken in het regime van Assad.

Al-Madhan roept nu op om de sancties weer op te heffen, omdat de maatregelen een grote impact hebben op de Syrische economie en vooral gewone burgers treffen. De klokkenluider hoopt dat de Syrische dictator, die na de val van zijn regime naar Rusland is gevlucht, berecht wordt en dat ook andere oorlogsmisdadigers verantwoordelijk gehouden worden voor hun daden.

Meest gelezen

  • 1
  • 2
  • 3
  • 4
  • 5

Lees ook

  • general.player.loading"
  • general.player.loading"
  • general.player.loading"
  • general.player.loading"
  • general.player.loading"