De wereldberoemde foto van 'napalmmeisje' Phan Thi Kim Phuc uit de Vietnamoorlog is niet door AP-fotograaf Nick Ut gemaakt, maar wel door freelancefotograaf Nguyen Thanh Nghe uit Vietnam. Dat stelt een nieuwe documentaire die op het Sundance Film Festival in première is gegaan. Zowel Ut als persagentschap AP ontkent de claim.
Is 'napalmmeisje' toch niet van Nick Ut? Fotograaf uit Vietnam claimt na halve eeuw dat hij wereldberoemde foto maakte
In 1972 ging het 'napalmmeisje' - of 'The terror of war', zoals het beeld echt heet - de wereld rond. De foto toont schreeuwende kinderen, onder wie de 9-jarige Phan Thi Kim Phuc, wier kleren van het lijf waren gebrand door een napalmbom van een Zuid-Vietnamese bommenwerper.
Het dramatische moment werd vastgelegd door Nick Ut, op dat moment pas 21 en in dienst bij het Amerikaanse persagentschap Associated Press (AP). Terwijl Kim Phuc herstelde van haar wonden, haalde de foto wereldwijd de voorpagina's. In 1973 won Ut er de befaamde Pulitzer Prize en de World Press Photo mee.
'The Stringer', een documentaire die afgelopen weekend in première ging op het Sundance Film Festival, trekt het auteurschap van de foto ruim een halve eeuw na datum echter in twijfel. In de docu zegt Nguyen Thanh Nghe, destijds een lokale Vietnamese freelancefotograaf, dat hij de maker van de foto is, en niet Nick Ut.
Tijdens de Vietnamoorlog was Nghe een zogenoemde stringer, een journalist die per bijdrage wordt betaald. Daarom, zegt de fotograaf, kon de foto niet aan hem worden toegeschreven. In ruil voor de foto zou hij 20 dollar hebben gekregen, wat toen gebruikelijk was.
Ik heb deze last 50 jaar lang gedragen en ben er nooit mee naar buiten gekomen
Carl Robinson, voormalig AP-medewerker
In de documentaire wordt de claim van Nghe kracht bijgezet door Carl Robinson, destijds fotoredacteur voor AP in Saigon. Volgens hem kreeg hij de opdracht van zijn baas om Ut als de maker aan te duiden.
"Ik heb deze last 50 jaar lang gedragen en ben er nooit mee naar buiten gekomen", beweert Robinson in de film. "Simpel gezegd: Nick Ut heeft die beroemde foto niet echt genomen." Op de vraag waarom Robinson zijn verhaal nu pas vertelt, zegt de inmiddels 81-jarige dat hij nog voor zijn dood zijn excuses wilde overmaken aan Nghe.
De documentairemakers riepen voor hun onderzoek ook de hulp in van een forensisch team om vast te stellen of Ut op het moment van de foto in de positie zou kunnen geweest zijn om de foto te maken. De onderzoekers concludeerden dat dat hoogst onwaarschijnlijk zou zijn.
Reactie AP
Zowel fotograaf Nick Ut als AP ontkent de claims in de documentaire. Het persagentschap zegt dat het - in de wetenschap dat de docu er ging komen - zelf een onderzoek van een half jaar heeft gevoerd om de waarheid te achterhalen. Volgens AP is er geen twijfel mogelijk.
"Het onderzoek ondersteunt het historische verhaal dat Ut de fotograaf was. Bij gebrek aan nieuw, overtuigend bewijs dat het tegendeel zou bewijzen, heeft AP geen reden om aan te nemen dat iemand anders dan Ut de foto heeft gemaakt", klinkt het in een statement.
Uiteindelijk zagen de vertegenwoordigers van AP de documentaire pas voor het eerst op het Sundance Festival afgelopen weekend. "We waren verrast en teleurgesteld dat we in de documentaire werden afgeschilderd alsof we het materiaal van de film hadden bekeken en de aantijgingen zouden afwijzen, wat volledig onjuist is."
Als we betrouwbaar willen blijven in onze cruciale rol om het publiek te informeren, dan moeten we ook de moeilijke vragen onder ogen durven zien
World Press Photo
Intussen heeft ook het prestigieuze World Press Photo, een onafhankelijke organisatie die jaarlijks een van de grootste fotografieprijzen ter wereld uitreikt, gereageerd op de commotie.
"Onze prioriteit is om de feiten van de situatie zo goed mogelijk te begrijpen voordat we actie ondernemen", luidt het statement. "Dit kan discussies op gang brengen over kwesties in de fotojournalistiek en documentairefotografie."
"Als we betrouwbaar willen blijven in onze cruciale rol om het publiek te informeren, dan moeten we ook de moeilijke vragen onder ogen durven zien."
Dit verhaal daagt mijn beroep en de gevestigde waarheden binnen de sector uit
Gary Knight, documentairemaker
Pittig detail: Gary Knight, de maker van de documentaire, was tussen 2008 en 2014 de voorzitter van de World Press Photo-wedstrijd. Daarnaast is hij de oprichter van fotoagentschap VII Foundation en al jaren een gevierd fotograaf.
"Dit verhaal daagt mijn beroep en de gevestigde waarheden binnen de sector uit", aldus Knight in een interview met de Los Angeles Times. "We waren het aan onze beroepsgroep verplicht om heel zorgvuldig te werk te gaan en dit goed te doen. We zijn dus allemaal belanghebbenden in het verhaal."
Kanttekeningen bij de foto zelf
Bij het verhaal over hoe de foto tot stand is gekomen, zijn evenwel stevige kanttekeningen te maken. Van het meisje en de andere vluchtende kinderen blijken maar liefst 240 foto's en bewegende beelden te zijn gemaakt.
Doordat een fotograaf in beeld te zien is op de originele foto van het 'napalmmeisje' (voor die werd bijgeknipt) wordt duidelijk dat de aanwezige fotografen de vluchtende kinderen hebben laten voorbijlopen. "Pas na 240 foto's hebben ze de brandende kinderen geholpen", aldus historicus en ethicus Gie van den Berghe in een gesprek met De Wereld Vandaag op Radio 1 een paar jaar geleden.



