Het Netwerk Islamexperten heeft vorig jaar opvallend veel hulpvragen gekregen van scholen. Het is sinds de aanslagen in Zaventem en Maalbeek in 2016 geleden dat het netwerk nog zo vaak - bijna 250 keer - bevraagd werd. "De scholen maken zich niet zozeer zorgen over jongeren die sympathie hebben voor IS of op het punt staan om aanslagen te gaan plegen, maar eerder over jongeren die terugplooien op een soort van oerconservatieve waarden", zegt coördinator Khalid Benhaddou.
Aantal hulpvragen van scholen over radicaliserende jongeren opvallend gestegen: "Evenveel als na aanslagen Charlie Hebdo en Zaventem"
"We zagen vorig jaar een opvallende stijging in het aantal hulpvragen", zegt Khalid Benhaddou van het Netwerk Islamexperten. Het netwerk werd opgericht na de aanslagen bij Charlie Hebdo in Parijs en biedt onder meer vormingen en workshops in het Vlaams onderwijs over radicalisering.
Het afgelopen jaar kreeg het netwerk bijna 250 hulpvragen van scholen met betrekking tot radicalisering of diversiteit. "De echte piek hebben we gekend in 2015 en 2016, na de aanslagen bij Charlie Hebdo en de aanslagen bij ons, in Zaventem en Maalbeek. De jaren daarna zagen we een daling. Maar vandaag zitten we terug op de piek."
Het gaat meestal over jongeren die terugplooien op een soort van oerconservatieve waarden, bijvoorbeeld over thema's als gender en seksualiteit
Khalid Benhaddou, coördinator Netwerk Islamexperten
Benhaddou stelt wel vast dat de aard van de vragen anders zijn dan een kleine 10 jaar geleden. "Er zitten minder acute vragen over radicalisering bij. Het gaat niet zozeer over jongeren die nu al sympathie hebben voor IS of op het punt staan om aanslagen te gaan plegen. Dat komt wel voor, maar dat is bijna verwaarloosbaar."
Waarover gaan de vragen dan wel? "Het gaat meestal over jongeren die terugplooien op een soort van oerconservatieve waarden, bijvoorbeeld over thema's als gender en seksualiteit. Daarmee dagen ze de school en ook de samenleving voor een stuk uit."
De jongeren vinden elkaar ook vanuit verschillende ideologieën. Het gaat dus niet uitsluitend over jongeren met een religieuze achtergrond. Ook het conflict in het Midden-Oosten "doet de emoties bij heel veel jongeren opwellen".
Geleidelijk proces
Ook Karin Heremans, beleidscoördinator preventie-radicalisering in het gemeenschapsonderwijs (GO!), stelt vast dat leerkrachten zich opnieuw vaker zorgen maken over radicalisering bij jongeren.
"We merken dat steeds meer jongeren zich afzetten tegen alle vormen van gezag. Dat wijst op een maatschappelijke radicalisering, want niet elke vorm van radicalisering gaat gepaard met geweld."
Heremans benadrukt dat radicalisering een geleidelijk proces is, maar er zijn factoren die dat proces kunnen versnellen. Onder meer de kwetsbaarheid van de jongere, maar ook de familiale context en de (online) vriendengroep kunnen een rol spelen.
"We praten in onze scholen al meer dan 10 jaar over radicalisering. Destijds zagen we dat jongeren werden losgeweekt van onze samenleving voor een doel: de jihad in Syrië. Ze werden letterlijk weggeplukt van onze pleintjes. Nu gebeurt die 'grooming' eerder online: via besloten chatgroepen, via games, via memes."
Rol van sociale media
Zoals ook blijkt uit onderzoek van VRT NWS dat vandaag werd gepubliceerd kunnen sociale media een belangrijke rol spelen in het radicaliseringsproces. Jongeren krijgen allerlei ongefilterde beelden te zien in besloten Discord- en Telegram-groepen, maar ook op TikTok of Instagram is extremistisch materiaal aanwezig dat de moderatie kan ontwijken.
Radicalisering is dan wel een geleidelijk proces, maar sociale media blijken in sommige gevallen als katalysator te werken. "Wij zien ook hoe frappant snel het tempo is om te radicaliseren en hoe laagdrempelig het is geworden", zegt radicaliseringsexpert Youcef Naimi van Ceapire (het centrum van expertise en advies voor preventie en interventie bij radicalisme en extremisme) aan de onderzoekers van VRT NWS.
De ideologische onderbouw is erg oppervlakkig in vergelijking met vroeger
"Wij hebben jongeren gezien die bekeerd zijn tot de islam en in enkele maanden tijd in een stadium waren beland waarin ze klaar waren om het land te verlaten of om geweld te plegen."
Ook bij Ceapire zien ze een verschil met 10 jaar geleden. "De ideologische onderbouw is erg oppervlakkig in vergelijking met vroeger. Deze jongeren zijn vaak zeer beperkt in kennis. Vroeger konden jongeren bepaalde imams en geleerden noemen, maar dat is niet meer zo."
"Als ze opgepakt worden, schrikken ze soms zelf van hoe snel het allemaal gegaan is. Het gaat bijna steevast om jongeren met onderliggende issues, zoals een gebroken gezinssituatie. En vaak kunnen ze wel herstellen en opnieuw integreren in de maatschappij. Maar zolang ze in die vicieuze online cirkel zitten, hebben ze dat zelf niet door."
Ook Opvoedingslijn krijgt meer oproepen over radicalisering
Ook bij de Opvoedingslijn - waar ouders die zich zorgen maken over het gedrag van hun kind terecht kunnen - zien ze een stijging in het aantal vragen over radicalisering.
"Vorig jaar kregen we 9 oproepen van ouders van radicaliserende kinderen. Het is jaren geleden dat het thema zo vaak aan bod kwam", zegt directeur Ilse De Block. "In 2016 ging het over 14 oproepen, in 2017 over 10. De jaren daarna waren er steeds slechts 1 of 2 oproepen over radicalisering."
Naast vragen over radicalisering krijgt de Opvoedingslijn ook heel wat vragen over 'verontrustend pubergedrag'. "Dat kan een voedingsbodem zijn voor radicalisering", verduidelijkt De Block. Vorig jaar ging het over 176 dergelijke oproepen.


