Georgië bevindt zich op een breukpunt. Terwijl de pro-Russische regering haar grip op het land versterkt, staan duizenden inwoners elke dag op de barricades voor hun toekomst: "Europa, niet Rusland." Is hun verzet genoeg om het tij te keren? Reporter Arnaud De Decker trok voor VRT NWS naar Tbilisi en stootte op onvermoeibare betogers die de moed niet opgeven. "Als we nu niets doen, dan zijn we op weg een nieuw Wit-Rusland te worden."
"Wij zijn volgende doelwit van Moskou": VRT NWS is in Georgië, waar mensen strijden tegen toenadering tot Rusland
Het is donderdagavond, 22 uur. De brede, imposante Rustaveli-boulevard in het hart van Tbilisi vult zich voor de 43e nacht op rij met duizenden mensen. Politiecombi's hebben omliggende straten afgezet en agenten houden de uitdijende menigte nauwlettend in de gaten, terwijl vrouwen, mannen en tieners, gedrapeerd in Europese en Georgische vlaggen, leuzen scanderen tegen de pro-Russische regering. De sfeer die er heerst, is er een van optimisme en hoop, maar vooral ook van angst en terneergeslagenheid.
"We zullen niet stoppen tot onze eisen worden ingewilligd", zegt een van de demonstranten vastberaden. De 48-jarige jurist, die strafrecht doceert aan de universiteit van Tbilisi, is al wekenlang een vertrouwd gezicht op de boulevard. "Ik ben hier elke dag sinds 28 november. Veel van mijn studenten staan hier ook. Het is bemoedigend om alle generaties samen te zien." Voor hem is deze strijd cruciaal: "Als we nu niets doen, dan zijn we op weg om een nieuw Wit-Rusland te worden. Dat mogen we niet laten gebeuren."
Achter hem barst vuurwerk los, terwijl verderop harde dreunen klinken van protestborden die op de barricades worden geslagen. De menigte wijkt niet, ondanks de massale politiemacht en het dreigende gevoel dat elk moment de vlam in de pan kan slaan.
Europa versus Rusland
De woede van de Georgiërs is diep geworteld. De regering, die steeds nauwere banden met Moskou onderhoudt, wordt door velen gezien als een verlengstuk van het Kremlin. "We willen vrijheid, geen Russische overheersing", schreeuwt een jonge demonstrant met een blauw-geel lint in haar hand.
De verwijzing naar Oekraïne is geen toeval. "Sinds de oorlog in Oekraïne beseffen we dat wij het volgende doelwit zijn", legt ze uit. "Rusland wil geen democratische buren. Ze willen ons onder controle houden, net zoals ze dat met Oekraïne proberen." Voor veel betogers is Georgië het volgende schaakstuk in een geopolitiek spel dat ze koste wat kost willen winnen.
Om de context beter te begrijpen, moeten we terugkijken naar het politieke klimaat in Georgië de afgelopen maanden. Op 26 oktober 2024 trekken 3,5 miljoen mensen naar de stembus voor wat cruciale parlementsverkiezingen beloven te worden.
De inzet is groot voor het land aan de Zwarte Zee, strategisch gelegen tussen Rusland en Turkije. Regeringspartij Georgische Droom (GD), sinds 2012 aan de macht, mikt op een vierde opeenvolgende overwinning.
De partij werd opgericht door Bidzina Ivanisjvili, een multimiljardair die zijn fortuin vergaarde in het Rusland van de jaren 90. Hij neemt het op tegen een gefragmenteerde oppositie, terwijl presidente Salome Zoerabisjvili, ooit een symbool van Europese ambities, ietwat machteloos toekijkt hoe Georgische Droom steeds openlijker naar Rusland lonkt.
Gekaapte verkiezingen
Voor veel Georgiërs staat de toekomst van hun land op het spel. Georgische Droom lijkt steeds sterker richting een pro-Russische koers te bewegen, terwijl een peiling uit 2023 laat zien dat 85 procent van de bevolking aansluiting bij de Europese Unie wil - een stijging met 10 procentpunten sinds de Russische invasie van Oekraïne in 2022. De verkiezingsdag verloopt chaotisch: er zijn talrijke meldingen van intimidatie en geweld, die naarmate de dag vordert alleen maar toenemen.
Teona Macharasjvili (38) was die dag een van de waarnemers, belast met het documenteren van incidenten en mogelijke misstanden. Als bestuurslid van Caucasus Open Space heeft ze een schat aan ervaring met kwesties rond Russische inmenging en politieke druk. "Het aantal incidenten en intimidaties was zó groot dat het simpelweg niet meer bij te houden was", vertelt ze, terwijl we haar ontmoeten in haar kantoor in een buitenwijk van Tbilisi.
"Stromannen van de regering, gekleed in het zwart, trokken door afgelegen dorpen en steden diep in het binnenland. Ze intimideerden burgers, bedreigden hen en dwongen hen om op Georgische Droom te stemmen", vervolgt ze met zichtbare frustratie. "Vooral mensen die afhankelijk zijn van de overheid voor hun inkomen – en dat zijn er veel in Georgië – hadden nauwelijks een andere keuze."
'Russische wet'
Georgische Droom wint uiteindelijk met 54 procent van de stemmen. Voor een groot deel van de bevolking voelt dat als een klap, en in de weken daarna groeit de woede. Op 28 november bereikt de onvrede een hoogtepunt wanneer premier Irakli Kobachidze (GD) aankondigt dat hij de EU-toetredingsprocedure voorlopig stopzet.
Eerder dat jaar, in mei, leidde de invoering van de omstreden 'Russische wet' al tot massale protesten. Die wet verplicht ngo’s en mediakanalen die meer dan 20 procent van hun financiering uit het buitenland ontvangen om zich te registreren als 'buitenlandse agenten'. Voor veel Georgiërs was dit een directe kopie van Russische wetgeving die kritische stemmen en maatschappelijke organisaties effectief monddood maakt. De maatregel werd door demonstranten gezien als een aanval op de democratie en een verdere knieval voor Moskou.
De nieuwe beslissing van Kobachidze om de gesprekken met de EU op de lange baan te schuiven, voelt voor velen als een definitieve breuk met Europa. Tienduizenden mensen trekken opnieuw de straat op en het centrum van Tbilisi vult zich met EU-vlaggen en spandoeken met één duidelijke boodschap: "Europa, niet Rusland!"
Geweld
"Het was overweldigend", herinnert Lela Jobava (26) zich. Ze is afkomstig uit Abchazië, een door Rusland bezet gebied in Georgië, en verhuisde gedwongen naar Tbilisi. "Op 28 november vulde het plein voor het parlement zich in enkele minuten met duizenden woedende Georgiërs", vertelt ze. "Maar al snel escaleerde de situatie." De protesten werden hard neergeslagen door de politie. Volgens een rapport van Amnesty International werden 460 betogers opgepakt en raakten 80 ernstig gewond.
Lela was een van hen. "De politie sloeg mijn vrienden in elkaar. Ik probeerde tussenbeide te komen, maar ook ik kreeg klappen. Gemaskerde mannen trokken me weg van de menigte, de politie ranselde me verder af. Ze bedreigden me met verkrachting en sloegen door. Ik verloor het bewustzijn." Ze pauzeert even en kijkt weg, zichtbaar aangeslagen. "Toen ik weer bij bewustzijn kwam, lag ik in de armen van mijn vrienden."
Censuur
Ook de pers deelde in de klappen. Meer dan 50 journalisten raakten zwaargewond in wat zij beschrijven als "een klopjacht op de vrije pers", waarbij camera’s en telefoons systematisch tegen de grond werden gegooid.
Mariam Nikuradze (33), een prominente fotojournalist uit Georgië, weet precies wat dit betekent. In 2017 richtte ze de onafhankelijke nieuwswebsite OC Media op, die verslag uitbrengt over nieuws uit de hele Kaukasus. Gewapend met haar camera heeft ze jarenlang ongefilterd gebeurtenissen in Tbilisi en de rest van het land verslagen. Wat ze in november en december meemaakte, was echter ongezien, zegt ze. "Ik kreeg traangas in mijn gezicht, en de druk van de waterkanonnen vernielde mijn camera-apparatuur volledig."
"We werden geïntimideerd, ingesloten, aangevallen en mishandeld." Individuele betogers werden achter de politiecordons gesleept en met vuisten, schoppen en wapenstokken geslagen. Er zijn talloze gedocumenteerde gevallen van mishandelingen, zelfs wanneer demonstranten zich niet verzetten of bewusteloos op de grond lagen, zoals ook Lela overkwam.
"Als pers hebben wij ons moeten aanpassen aan deze nieuwe realiteit. Dankzij donaties hebben we helmen, gasmaskers en ander veiligheidsmateriaal moeten aanschaffen." In het OC Media-kantoor in het centrum van Tbilisi, waar inmiddels 17 mensen werken, staan de schappen vol met dure pershelmen, fluohesjes en perskaarten. "Dure spullen. Maar dat is precies wat de overheid wil: ons intimideren en klein krijgen."
Donald Trump
Op 14 december werd door het parlement een nieuwe president 'gekozen', in feite een keuze van de partij Georgische Droom. Het werd Micheil Kavelasjvili (53), een antiwesterse ex-profvoetballer die kortstondig voor Manchester City speelde. Hij werd met hoongelach ontvangen door de bevolking, die met diploma’s en rode kaarten door de straten van Tbilisi paradeerde om hem te bespotten. Toch legde hij op 29 december de eed af en verving hij de pro-Europese Salome Zoerabisjvili.
Zoerabisjvili zelf bevestigde dat ze op 20 januari de inauguratie van de nieuwe Amerikaanse president Donald Trump zal bijwonen, uitgenodigd door congreslid Joe Wilson. In een reactie gaf ze aan dat ze in Washington "verdergaande gesprekken zal voeren met hooggeplaatste functionarissen". Wat betreft de politieke situatie in Georgië stelde ze 2 mogelijke scenario’s voor. "Of de regerende partij accepteert de realiteit en organiseert nieuwe verkiezingen, of ze wacht, hoewel dat riskanter is voor het land, tot het huidige regime zichzelf ten onder ziet gaan."
Dat is precies wat de duizenden betogers eisen tijdens de dagelijkse protesten. "Het hart van Europa klopt in Tbilisi. We zullen niet stoppen tot onze eisen worden vervuld: nieuwe verkiezingen en de vrijlating van de politieke gevangenen, dat is het minimum", aldus een demonstrant. Ongeveer 40 mensen zitten nog steeds onterecht vast, terwijl de macht van het regime steeds meer naar Poetin leunt.

