In Oostenrijk krijgt Herbert Kickl van de radicaal-rechtse partij FPÖ dan toch een kans om een nieuwe regering te vormen. De FPÖ werd bij de verkiezingen in september de grootste partij, maar de andere partijen wilden er niet mee samenwerken, vanwege haar omstreden leider, die flirt met een autoritaire regeerstijl en in de campagne een nazi-term in de mond nam. Nu alle andere opties zijn mislukt, mag Kickl toch de coalitiegesprekken leiden en krijgt hij zicht op het kanselierschap.
Radicaal-rechtse FPÖ-leider Herbert Kickl mag regering vormen in Oostenrijk: wie is de man die 'volkskanselier' wil worden?
De grootste partij van het land, maar meteen op het strafbankje. Na de verkiezingen van september werd snel duidelijk dat geen enkele andere partij een regering wilde vormen met de radicaal-rechtse FPÖ (Vrijheidspartij van Oostenrijk). De belangrijkste reden daarvoor was het omstreden imago van partijleider Herbert Kickl.
President Alexander van der Bellen belastte daarom ontslagnemend kanselier Karl Nehammer van de ÖVP met de opdracht om een nieuwe regering te vormen. Maar de gesprekken tussen de conservatieve ÖVP, de sociaal-democratische SPÖ en het liberale Neos mislukten. Vorige week stapte Neos als eerste uit de gesprekken. Even leken de ÖVP en de SPÖ met hun nipte meerderheid samen te willen doorgaan, maar een dag later trok de ÖVP er de stekker al uit.
Nehammer nam prompt ook ontslag als voorzitter van de ÖVP. En dat zette de deur op een kier voor een regering met de FPÖ. Nehammer was daar zelf een hevige tegenstander van. Zijn tijdelijke opvolger Christian Stocker was dat aanvankelijk ook, maar stelt zich nu pragmatischer op en wil nu toch onderhandelen.
Met het gevolg dat de linkse president Alexander van der Bellen (van De Groenen) Kickl vandaag - met grote tegenzin - de opdracht heeft gegeven om de coalitiegesprekken te leiden. Van der Bellen, die zelf in 2016 nog een kandidaat van de FPÖ versloeg bij de presidentsverkiezingen, heeft het over "een nieuwe situatie", verwijzend naar het ontslag van Nehammer en diens opvolging door Stocker.
"Dit is geen gemakkelijke stap", zei Van der Bellen tijdens een persconferentie. "Ik heb deze stap niet zomaar gezet." De president benadrukte dat Oostenrijk nood heeft aan een stabiele meerderheid in het parlement. Hij voegde er ook aan toe dat hij erop zou toezien dat de rechtsstaat wordt nageleefd.
Al vaker in een regering
Op zich is regeringsdeelname van de FPÖ niet zo bijzonder meer in Oostenrijk. De radicaal-rechtse partij maakte al 4 keer deel uit van een nationale regering, maar leidde die nog nooit. De eerste keer dat ze mee bestuurden, was in de jaren 80, in een regering met de SPÖ.
Toen was die keuze al omstreden, maar het was vooral begin jaren 2000 dat Oostenrijk internationaal in de schijnwerpers stond. Toen werd de FPÖ geleid door Jörg Haider, die zijn partij fors naar rechts deed opschuiven. De nieuwe coalitie van ÖVP en FPÖ lokte in Europa heel wat verontwaardiging uit en verschillende Europese landen namen zelfs sancties tegen Oostenrijk. De Belgische minister van Buitenlandse Zaken Louis Michel (MR) droeg zijn landgenoten zelfs op om niet meer in Oostenrijk te gaan skiën.
Later nam de FPÖ nog tweemaal deel aan een regering, de laatste keer van 2017 tot 2019, in de eerste regering van Sebastian Kurz (ÖVP).
Verwijzing naar Adolf Hitler
Intussen is Oostenrijk al lang geen uitzondering meer in Europa. Kijk maar naar Italië of Nederland, waar radicaal-rechtse partijen de grootste zijn binnen de regering. Dat er nu ook in Oostenrijk een regering zou kunnen komen waarin de FPÖ de grootste partij is, is op zich geen grote verrassing. Toch zal ze allicht heel wat stof doen opwaaien en dat heeft alles te maken met de figuur van Herbert Kickl, die mogelijk de nieuwe kanselier wordt.
Herbert Kickl is sinds 2021 voorzitter van de FPÖ en is op zijn zachtst gezegd omstreden. Wellicht het meest doordat hij aankondigde dat hij 'Volkskanzler' wil worden, 'volkskanselier'. Dat is een titel die de nazi's vroeger voor Adolf Hitler gebruikten.
Tegenstanders van de FPÖ vrezen ook dat Kickl de rechtsstaat zal willen ontmantelen en Oostenrijk onder zijn bestuur een illiberaal land zou worden, naar het voorbeeld van de Hongaarse premier Viktor Orbán en Polen onder het bestuur van de conservatieve partij PiS. Zo zei Kickl onder meer dat de politiek niet het recht moet volgen, maar het recht de politiek. Hij gaf ook al aan dat hij een autoritaire regering geen probleem zou vinden.
Kickl was in het verleden ook betrokken bij enkele schandalen, zoals de omstreden inval bij de Oostenrijkse inlichtingendienst BVT in 2018. Kickl was toen minister van Binnenlandse Zaken in de eerste regering-Kurz. De drijvende kracht achter die inval zou een Oostenrijkse inlichtingenofficier zijn geweest die spioneerde voor Rusland.
Kickl werd in mei 2019 ontslagen als minister van Binnenlandse Zaken na een ander schandaal binnen de FPÖ. Uit een gelekte video bleek toen dat 2 kopstukken van de FPÖ op het Spaanse eiland Ibiza hadden onderhandeld met een vrouw die zich uitgaf voor een Russische oligarch. Aan haar werden lucratieve contracten beloofd als ze een Oostenrijkse krant zou overnemen en die positief zou laten berichten over de FPÖ.
De zaak was in scène gezet, maar de 2 FPÖ-kopstukken trapten erin. Kickl zelf was daar niet bij, maar moest toch opstappen. De FPÖ trok toen als reactie al haar ministers uit de regering terug.
Moeilijke onderhandelingen
Iemand als Kickl als kanselier, dat zagen de andere partijen niet zitten. Nu is het misschien toch mogelijk. Toch zal een regeerakkoord tussen de FPÖ en de ÖVP er niet zomaar liggen.
De 2 partijen hebben gelijklopende standpunten voor een aantal thema's, immigratie in het bijzonder. Maar er zijn ook heel grote verschillen. Oostenrijk verkeert in een aanhoudende recessie en de ÖVP wil het begrotingstekort wegwerken. De voorstellen van de FPÖ daaromtrent lijken echter niet voldoende. Bovendien wil de FPÖ het mes zetten in enkele instellingen die voor de ÖVP belangrijk zijn, zoals de Kamer van Koophandel.
De FPÖ wil ook het liefst uit de Europese Unie stappen, terwijl de ÖVP deel uitmaakt van de Europese Volkspartij, nog altijd het grootste machtsblok binnen de EU. Ook over de financiële steun aan Oekraïne verschillen ze van mening. De FPÖ, die een bondgenoot is van Fidesz van de Hongaarse premier Viktor Orbán, wil die afbouwen en verdedigt naar eigen zeggen de neutraliteit van zijn land.
Oostenrijk is geen lid van de NAVO. Het biedt ook geen militaire steun aan Oekraïne, enkel financiële. Maar de FPÖ is de enige partij in Oostenrijk die zich openlijk als pro-Russisch opstelt.
De FPÖ, die al eigen media of aan de partij gebonden media heeft opgericht, wil ook diep snijden in de subsidies voor de openbare omroep ÖRF. De partij kant zich ook hevig tegen wat ze de "gender- en woke-waanzin" noemt.
Als ook deze coalitiegesprekken mislukken, lijkt Oostenrijk op weg naar nieuwe verkiezingen. In september werd de FPÖ de grootste partij met ongeveer 29 procent van de stemmen. De peilingen suggereren dat de FPÖ bij nieuwe verkiezingen nog groter zou kunnen worden, met een percentage van 35 procent of meer.

