In Oostenrijk heeft de radicaal-rechtse FPÖ een historische zege behaald bij de parlementsverkiezingen. Volgens de voorlopige eindresultaten heeft de partij 29,2 procent van de stemmen behaald. Daarmee wordt de partij voor het eerst de grootste partij.
Radicaal-rechtse FPÖ wordt voor het eerst de grootste partij na parlementsverkiezingen in Oostenrijk
De Vrijheidspartij (Freiheitliche Partei Österreichs, FPÖ) van Herbert Kickl haalt 29,2 procent van de stemmen. Dat is een stijging met 13 procentpunten ten opzichte van 2019. De partij heeft al eerder in een regering gezeten met de christendemocratische ÖVP, maar won nog nooit eerder zelf de landelijke verkiezingen. Daarmee schrijft Oostenrijk geschiedenis: voor het eerst is een radicaal-rechtse partij er de grootste geworden.
De conservatieven (Österreichische Volkspartei, ÖVP) onder leiding van kanselier Karl Nehammer worden tweede met 26,2 procent. In vergelijking met 2019 gaat de regeringspartij 11 procentpunten achteruit.
Daarna volgen de sociaaldemocraten (Sozialdemokratische Partei Österreichs, SPÖ) van Andreas Babler Volgens de voorlopige eindresultaten stemde 21,1 procent van de kiezers op de oppositiepartij. Daarmee zit de SPÖ net 0,1 procentpunten onder het recorddieptepunt van 21,2 procent uit 2019.
Het liberale NEOS (Das Neue Österreich und Liberales Forum) behaalt 9 procent, het beste resultaat tot nu toe. Ze gaan er 0,9 procentpunten op vooruit. De Groenen (Grünen) stranden op 8 procent (een daling van 5,3 procentpunten). De Bierpartei en de communistische KPÖ hebben de kiesdrempel van 4 procent niet gehaald.
78,5 procent van opgeroepen Oostenrijkers ging stemmen
In totaal werden bijna 6,4 miljoen burgers opgeroepen om te stemmen voor een nieuw parlement. De opkomst lag rond de 78,5 procent, hoger dan tijdens de parlementsverkiezingen in 2019.
Dit zijn de voorlopige eindresultaten, de definitieve eindresultaten worden donderdag officieel bekendgemaakt door het ministerie van Binnenlandse Zaken in Oostenrijk.
"Wonderboy" Kurz
Vijf jaar geleden behaalden de sociaaldemocratische ÖVP onder leiding van Sebastian Kurz nog een verpletterende overwinning. Zijn partij haalde toen 38 procent van de stemmen.
Dat resultaat volgde op een turbulente regeerperiode met de radicaal-rechtse FPÖ die ten onder ging aan schandalen (onder meer het 'Ibizaschandaal', waarbij aan het licht kwam dat de partij bereid was - kort samengevat - via een Russische omweg goed nieuws over zichzelf te laten verspreiden).
Nu moet de ÖVP dus de overwinning laten aan de FPÖ.
Moeilijke regeringsonderhandelingen
Het beloven moeilijke regeringsonderhandelingen te worden. Rekenkundig is een coalitie van FPÖ met ÖVP of een coalitie van ÖVP met SPÖ mogelijk. Een driepartijencoalitie bestaande uit ÖVP, SPÖ en een kleinere partij zou ook mogelijk zijn, maar dat zou een politieke nieuwigheid zijn in Oostenrijk.
Er is niets als een 'cordon sanitaire' rond de FPÖ, ze mochten al meermaals deelnemen aan regeringen. Maar de kans dat Oostenrijk aan een nieuwe periode met de FPÖ in de meerderheid begint, is eerder klein, ook al worden ze de grootste.
Kanselier Nehammer heeft namelijk al zijn veto gesteld tegen de leider van de FPÖ, Herbert Kickl. Voor Nehammer is Kickl veel te extreem, zo wil hij geen migranten en vluchtelingen meer toelaten. Ook vrijwel alle andere partijen in Oostenrijk willen geen coalitie met de FPÖ aangaan.
Desalniettemin ziet FPÖ-voorzitter Herbert Kickl de historische overwinning van zijn partij als een signaal voor een koerswijziging in Oostenrijk.
"De kiezer heeft zich vandaag uitgesproken", zei hij in een eerste reactie. De kiezers hebben "duidelijk aangegeven dat de zaken in dit land niet zo kunnen doorgaan."
"Onze hand is in alle richtingen uitgestrekt", zei Kickl. Je moet nu aan de andere partijen vragen "hoe zij over de democratie denken".
Rechtse trend in Europa
De aanzienlijke winst van de FPÖ is in lijn met de rechtse trend in heel Europa. Rechtse partijen hebben de voorbije jaren in verschillende Europese landen aan populariteit gewonnen.
Denk maar aan Geert Wilders en zijn radicaal-rechtse Partij voor de Vrijheid (PVV) in Nederland, de Italiaanse rechtse partij Fratelli d'Italia onder leiding van Giorgia Meloni en het rechts-nationalistische Rassemblement National (RN) met Marine Le Pen in Frankrijk. In Duitsland boekte de extreemrechtse AfD grote successen bij de deelstaatverkiezingen in Saksen, Thüringen en Brandenburg.
Het Internationaal Auschwitz Comité heeft de overwinning van FPÖ intussen al een zorgwekkende ontwikkeling genoemd. "Voor de overlevenden van de Holocaust voegen de eerste prognoses van de parlementsverkiezingen in Oostenrijk en vooral de opkomst van extreemrechts rond Herbert Kickl en de FPÖ een nieuw alarmerend hoofdstuk toe vol angsten en zorgen", aldus vicevoorzitter Christoph Heubner.
Het Comité hoopt dat de Oostenrijkse democraten "zich in het belang van het land en in het Europese belang verzetten tegen het vergeten van de geschiedenis en de ideologie van oude en nieuwe rechts-extremisten".

