Vanaf 2025 is de wettelijke pensioenleeftijd 66 jaar. Anne Marie verjaart op 31 december en is zo bij de laatste mensen die met 65 op pensioen kunnen. We lijsten voor je op wat er nog meer verandert.
"Afscheid met cava zero en chips": Anne Marie is de laatste die op 65 met pensioen mag, wat verandert er vanaf 2025?
"Met mijn 40e of 50e verjaardag had ik nooit moeite, maar het is toch een dubbel gevoel om nu 65 te worden en met pensioen te gaan. 't Is een periode in je leven die je afsluit, al begin ik er nu wel naar uit te kijken."
Aan het woord is zorgkundige Anne Marie Van Praet. Vandaag is haar laatste werkdag die ze met alcoholvrije cava, chips en taart viert in het NOAH-dagcentrum van Familiehulp in Eernegem. Morgen, 31 december, wordt ze 65 jaar.
Wettelijke pensioenleeftijd van 65 naar 66 jaar
Daarmee is ze een van de laatste 65-jarigen die op deze leeftijd met pensioen kan. Wie pas op 1 januari 65 wordt, valt onder de nieuwe regels en moet tot zijn 66e wachten om met pensioen te gaan. Vanaf 2030 komt daar nog een jaar bij.
Die nieuwe regels komen er omdat de samenleving vergrijst. "Enerzijds stijgt de levensverwachting en krijgen mensen langer een pensioen, anderzijds worden minder mensen geboren en zijn er dus minder mensen die kunnen bijdragen aan het systeem", legt Wouter De Tavernier uit, pensioenexpert bij de OESO.
Je kan wel nog steeds vervroegd met pensioen vanaf je 63e als je 42 loopbaanjaren op de teller hebt. Met 43 loopbaanjaren kan je vanaf je 61e met pensioen, en met 44 loopbaanjaren vanaf je 60ste.
In veel andere landen moet je zelf de kost dragen van de keuze om vervroegd op pensioen te gaan
Wouter De Tavernier, pensioenexpert bij de OESO
"In de landen waar je vervroegd op pensioen kan, wordt het pensioen daar bijna altijd voor gecorrigeerd", gaat De Tavernier voort. "Enkel in Luxemburg, België en bij Hongaarse vrouwen is er geen malussysteem, al ligt dat nu wel op tafel bij de federale onderhandelingen. In die andere landen moet je zelf de kost dragen van de keuze om vervroegd op pensioen te gaan."
Voor bepaalde beroepscategorieën blijven er ook uitzonderingen gelden, denk bijvoorbeeld aan militairen of spoorwegpersoneel. De Tavernier is geen voorstander van die uitzonderingen: "Mensen die via zo’n regeling voor zware beroepen met pensioen gaan, zijn gemiddeld in betere gezondheid. Hun collega’s die wel met hun gezondheid sukkelen, halen vaak die vervroegde pensioenleeftijd niet. Het zou interessanter zijn als deze mensen zich kunnen omscholen. Dat is voor hen nu niet aantrekkelijk, want dan vallen ze uit hun voordelig stelsel."
Kloof tussen wettelijke pensioenleeftijd en reële pensioenleeftijd
Anne Marie startte op haar 18e in een kledingzaak. Enkele jaren later schoolde ze zich om tot zorgkundige bij Familiehulp.
"Op m'n 60e kreeg ik de kans om in een landingsbaan te stappen en daardoor halftijds te werken. Dat gaf me zuurstof om mijn werk weer met veel goesting te doen. Dat werkritme en mijn goede gezondheid maakten het mogelijk om door te gaan tot mijn 65e." Voltijds doorwerken tot haar 66e zou ze minder zien zitten: "Fysiek en mentaal wordt het werk zwaarder en je bent sneller vermoeid."
In de praktijk stappen Belgen gemiddeld al vanaf hun 61e uit de arbeidsmarkt. Dat cijfer ligt bij de laagste van alle OESO-landen. Het merendeel van de Belgen ziet werken tot 66 niet zitten. De pensioenleeftijd verhogen, heeft daarom een belangrijke signaalfunctie.
"Als je mensen vraagt tot wanneer ze willen werken, trekken ze vaak enkele jaren af van de wettelijke pensioenleeftijd", zegt De Tavernier. "In landen waar de pensioenleeftijd hoger ligt, geven mensen aan langer te willen werken."
Fysiek en mentaal wordt het werk zwaarder en je bent sneller vermoeid
Zorgkundige Anne Marie (64)
Werkbaar werk is daarbij wel belangrijk. "Wat we in een aantal landen zien waar de pensioenleeftijd verhoogt, is dat werkgevers en werknemers daar dan ook meer aandacht voor hebben. Ook sociale partners moeten er mee voor zorgen dat de werkomstandigheden verbeteren."
Pensioenbonus en bijverdienen na je pensioen
In het dagcentrum waar Anne Marie op maandag werkt, bezorgt ze oudere en zorgbehoevende mensen een aangename dag. Ze eten samen, lezen de krant of maken een daguitstap. Dat hoopt ze als vrijwilliger te kunnen blijven doen.
Je kan er na je pensioenleeftijd ook voor kiezen om verder te blijven werken en zo een pensioenbonus op te bouwen. Die wordt vanaf het najaar van 2025 uitbetaald. Elke extra dag die je werkt na je pensioendatum levert je een bonusbedrag op tot maximaal drie jaar na je pensioenleeftijd. Zo'n bonus kon je sinds juli dit jaar beginnen op te bouwen als je vanaf 1 januari 2025 met pensioen gaat. "Ik vermoed dat dit een interessante incentive zal zijn voor mensen om langer te werken", zegt De Tavernier.
Naast een pensioenbonus heb je vanaf je wettelijke pensioenleeftijd ook de mogelijkheid om onbeperkt bij te verdienen met een flexi-job. Opgelet voor wie vervroegd op pensioen is en geen 45 loopbaanjaren heeft: dan mag je met een flexi-job vanaf 2025 maximaal 7.876 euro bijverdienen.
Daar heeft Anne Marie niet meteen behoefte aan: "Zeg nooit nooit, maar op dit moment ben ik niet op zoek naar een flexi-job. Nu ik met pensioen ben, hoop ik vooral te kunnen genieten van reizen, wandelen, fietsen en tijd met de kleinkinderen."
Nieuwe regels minimumpensioen
Vanaf 2025 zijn er ook nieuwe regels om een minimumpensioen te kunnen krijgen. Je moest al een loopbaan van 30 jaar kunnen bewijzen. Een bijkomende voorwaarde is dat je 20 jaar daarvan effectief moet hebben gewerkt. Er zijn overgangsmaatregelen voor wie geboren is vóór 1968.
Onder 'effectief gewerkte dagen' vallen ook tijdelijke werkloosheid en verlofstelsels als moeder- en vaderschapsrust, mantel- en palliatieve zorg en de zorg voor een kind met een handicap.
De Tavernier: "Gemiddeld zien we in de OESO-landen dat een minimumpensioen mogelijk is na 16 jaar. Enkel Tsjechië en Slowakije vragen net als België een loopbaan van 30 jaar, al zijn er in ons land wel veel gelijkgestelde periodes waardoor je gemakkelijker aan die 30 jaar kan komen."
Nieuwe pensioenmaatregelen door de volgende federale regering
Deze maatregelen gaan vanaf 2025 in, maar de federale onderhandelaars denken al na over een volgende pensioenhervorming. Daarover is veel onrust bij de vakbonden, op 13 januari is er een actiedag.
Zo ligt snoeien in de ambtenarenpensioenen op tafel. De Tavernier: "Niet veel landen hebben nog aparte systemen voor de pensioenen van ambtenaren en werknemers. Daardoor kan je gemakkelijker van job wisselen. De vraag is hoe je tot een geharmoniseerd systeem komt zonder gemaakte beloftes naar ambtenaren toe te breken? Dan heb je overgangsmaatregelen nodig, maar die kunnen in de weg staan van een besparingsoefening op korte termijn."
Als de levensverwachting stijgt, kan je de pensioenleeftijd ook laten stijgen
Wouter De Tavernier, pensioenexpert bij de OESO
Vanaf 2030 ligt de pensioenleeftijd op 67 jaar. Zal de pensioenleeftijd nog verder opgetrokken worden? De Tavernier: "Als de levensverwachting stijgt, kan je de pensioenleeftijd ook laten stijgen. Verschillende landen hebben die koppeling al gemaakt."



