Tientallen politieagenten, dokters en welzijnswerkers die in de Italiaanse 'terugkeerhubs' voor asielzoekers in Albanië aan de slag waren, zijn de voorbije weken naar Italië teruggekeerd. De reden: er zijn nog altijd geen asielzoekers in de centra en dus is er geen werk. Maar de uiterst rechtse regering geeft haar prestigeproject niet zomaar op en bindt de strijd aan met de rechters die het project "proberen te dwarsbomen".
Geen asielzoekers, dus geen werk: bewakend en verzorgend personeel van Italiaanse 'terugkeerhubs' in Albanië terug naar huis
Twee weken geleden keerden al meer dan 50 Italiaanse politieagenten terug naar huis. Eind vorige week volgden enkele tientallen dokters en welzijnswerkers hun voorbeeld.
Ze waren aan de slag in de 2 'terugkeerhubs' in Albanië, in de havenstad Shëngjin en in Gjadër, zo'n 15 kilometer verderop in het binnenland. Volgens het Italiaanse persagentschap ANSA zijn er voorlopig geen plannen om hen te vervangen.
3.000 asielzoekers per maand
De terugkeerhubs gingen open op 11 oktober. Het plan van de regering was om er elke maand meer dan 3.000 asielzoekers onder te brengen. Maar na meer dan een maand zijn er nog maar 24 asielzoekers aangekomen, met name uit Egypte en Bangladesh. 5 van hen verbleven er nog geen 12 uur, de anderen iets meer dan 48 uur.
Allen werden ze teruggebracht naar Italië, na een rechterlijke uitspraak. De rechters gingen in tegen het argument van de regering dat de 24 asielzoekers afkomstig waren uit een land dat als veilig kan worden beschouwd en dus aanspraak maakten op de versnelde asielprocedure (en opvang in Albanië).
De rechters baseerden zich op een arrest van het Europese Hof van Justitie dat stelt dat een land buiten de EU pas als veilig kan worden beschouwd als het hele grondgebied veilig is. Voor Egypte en Bangladesh is dat niet het geval, oordeelden de rechters. En dus hoorden ze niet thuis in de versnelde procedure en mochten ze niet naar Albanië overgebracht worden.
Het gevolg is dat de terugkeerhubs al zowat een maand leeg blijven. Nu ook het personeel is teruggekeerd, lijkt het prestigeproject van de uiterst rechtse regering van premier Giorgia Meloni opnieuw een lelijke deuk opgelopen te hebben.
Meloni had van immigratie een van de belangrijkste thema's van de verkiezingen gemaakt. De hubs zijn een belangrijke pijler in het beleid van de regering om het aantal illegale aankomsten in Italië terug te dringen en de repatriëring van afgewezen asielzoekers te versnellen.
De hubs moeten als afschrikmiddel dienen voor asielzoekers die naar Italië zouden willen komen. Het hele project wordt ook in de rest van Europa met veel interesse gevolgd, als mogelijk voorbeeld voor soortgelijke plannen met terugkeerhubs buiten Europa.
De regering trok zowat 1 miljard euro uit voor de hubs, over een periode van 5 jaar. De Italiaanse oppositie spreekt daarom van een "financiële ramp", in tijden waarin de regering in fondsen voor onderwijs, gezondheid en sociale zekerheid snijdt om de begroting onder controle te houden.
De kosten voor de overbrenging van 8 asielzoekers naar Albanië, met een schip van de marine, bedroegen al 250.000 euro. Meer dan 31.000 euro per asielzoeker.
Regering viseert rechters
Hoewel de centra nog altijd leegstaan, geeft de Italiaanse regering haar prestigeproject allerminst op. Het ministerie van Binnenlandse Zaken wijst erop dat de centra open en operationeel blijven en er nog altijd superviserend personeel aanwezig is. Er wordt ook nog volop verder gebouwd aan de centra.
Het ander personeel is gewoon tijdelijk teruggehaald en het aantal varieert naar de noden van het moment, klinkt het. "De selectie van migranten is niet de taak van een dokter, die maar één doel heeft: de mensen zonder enige vorm van discriminatie verzorgen." Lees: als er opnieuw asielzoekers aankomen, zal ook het verzorgend en bewakend personeel weer toenemen.
De vraag is of en wanneer dat zal gebeuren. De regering doet er in elk geval alles aan om de hubs nieuw leven in te blazen. Ze heeft er zelfs een openlijke strijd met de rechterlijke macht voor over.
Zo werd vorige week woensdag in een parlementscommissie een wetsvoorstel goedgekeurd dat toekomstige uitspraken over de detentie van asielzoekers in Albanië in de handen van de hoven van beroep legt. Nu is dat nog een verantwoordelijkheid van rechters in eerste aanleg die gespecialiseerd zijn in migratierecht.
De regering vindt die rechters echter "te activistisch" en beschuldigt hen ervan dat ze het project bewust tegenwerken. Door de uitspraak bij het hof van beroep te leggen, en dus bij minder gespecialiseerde rechters, hoopt de regering op uitspraken die meer in lijn liggen met haar beleid.
Broeders van Italië, de partij van Meloni, omschrijft het wetsvoorstel als een zoektocht naar meer efficiëntie. Het wetsvoorstel moet nu nog door het hele Italiaanse parlement worden goedgekeurd, maar de regering heeft er een ruime meerderheid.
De oppositie is niet te spreken over wat zij als een aanval op de rechterlijke macht ziet. "Dit is duidelijke wraakactie tegen zij die weigerden te buigen voor verzoeken die de rechtsbeginselen schenden", reageerde de linkse Democratische Partij.


