Naar hoofdinhoud

Belgische banken blijven investeren in bedrijven die gelinkt zijn aan vernielingen op Westelijke Jordaanoever

Belgische banken blijven honderden miljoenen euro's investeren in bedrijven die kunnen gelinkt worden aan vernielingen op de Westelijke Jordaanoever. Dat blijkt uit een nieuw rapport van 11.11.11, Fairfin en tientallen andere ngo’s. 

Inass Mouhamou
Gepubliceerd:
Bijgewerkt:update:

Sinds 2021 brengt het project Don’t Buy Into Occupation (DBIO) jaarlijks een rapport uit waarin het de financiële banden blootlegt tussen Europese financiële instellingen en bedrijven actief in de Palestijnse bezette gebieden. DBIO is een internationale coalitie van 25 ngo's, waaronder ook het Belgische 11.11.11 en Fairfin.

Het nieuwste rapport benadrukt opnieuw de betrokkenheid van Europese banken en fondsen, ondanks de juridische en ethische bezwaren bij de activiteiten van de bedrijven in de Palestijnse gebieden.

11.11.11 en Fairfin uiten in het bijzonder hun bezorgdheid over de verhoogde financiering van KBC in Caterpillar, een Amerikaanse producent van bulldozers die onder meer gebruikt worden bij de sloop van Palestijnse civiele infrastructuur op de Westelijke Jordaanoever.  

Hoe gaat Don’t Buy Into Occupation te werk?

De coalitie werkt jaarlijks volgens een tweestapsmethode om de financiële banden tussen Europese instellingen en bedrijven actief in de Israëlische nederzettingenindustrie in kaart te brengen. Eerst stellen ze een lijst samen van betrokken bedrijven, gebaseerd op een databank van de Verenigde Naties en eigen aanvullingen volgens VN-criteria. Die lijst bestaat dit jaar uit 62 bedrijven. 

Vervolgens voert het onafhankelijke Nederlandse onderzoeksbureau Profundo een financiële analyse uit die nagaat welke leningen, beleggingen en andere financiering Europese banken en fondsen onderhouden met die bedrijven. Daarvoor maakt Profundo gebruik van gezaghebbende databanken zoals Refinitiv en Bloomberg. Dergelijke databanken voeren voortdurend strenge kwaliteitscontroles uit om hun gegevens up-to-date te houden. 

"Bulldozer van etnische zuivering"

D9, oftewel de "bulldozer van etnische zuivering". Zo wordt in het rapport van DBIO verwezen naar de bulldozers die door het Amerikaanse bouwmachinemerk Caterpillar geproduceerd worden. 

"De banden tussen Caterpillar en het Israëlische leger zijn zo structureel dat een specifieke eenheid van het leger zelfs naar hun bulldozers is vernoemd", zegt Willem Staes, beleidsexpert bij 11.11.11.

"De D9-eenheid heeft de afgelopen maanden een spoor van vernieling achtergelaten in Gaza, niet alleen tijdens actieve gevechten, maar ook door systematisch de weinige overgebleven gebouwen te bulldozeren."

De D9-bulldozer van Caterpillar die Israël geregeld inzet in de Palestijnse gebieden.

Volgens het onderzoek van DBIO is de financiering van KBC in Caterpillar het afgelopen jaar fors toegenomen: van 325 miljoen dollar in 2023 naar 772 miljoen dollar dit jaar.

"Dit is toch wel enigszins wraakroepend. We zijn in het verleden al in dialoog geweest over het problematische karakter van bedrijven als Caterpillar. In juni hebben we een brief gestuurd naar de voorzitter van de Raad van bestuur en de CEO.

Dat nu blijkt dat KBC het afgelopen jaar - met alles wat zich op dit moment in de Palestijnse gebieden afspeelt - niet alleen zijn financiering niet heeft afgebouwd, maar heeft verhoogd, is gewoon volharden in de boosheid."

DBIO is niet de enige organisatie die serieuze vraagtekens plaatst bij de activiteiten van Caterpillar. Zo heeft KLP, het grootste pensioenfonds in Noorwegen, in juni zijn financiering in Caterpillar stopgezet  vanwege mogelijke mensenrechtenschendingen. 

Reactie KBC: 

In een korte reactie bij VRT NWS laat KBC weten dat er in het rapport "onjuiste cijfers en onjuiste data worden gebruikt die leiden tot foutieve, tendentieuze conclusies". De bedrijfsactiviteiten van KBC zijn naar eigen zeggen "onderworpen aan strikte duurzaamheidsregels op het vlak van mensenrechten, milieu en ethisch ondernemen".

Breder netwerk van Belgische betrokkenheid

Ook andere Belgische banken worden in het rapport genoemd. Zo duikt voor het eerst ook de Nationale Bank van België (NBB) op in het onderzoeksrapport. Volgens het onderzoek is de NBB het afgelopen jaar financiële relaties aangegaan met bedrijven in de Israëlische nederzettingenindustrie die goed zijn voor 5 miljoen dollar. 

Meer specifiek gaat het over aandelenbelangen ter waarde van 3 miljoen dollar in het Nederlandse TKH Security, een technologieleverancier van camera’s en ander monitoringsmateriaal. Volgens DBIO en verschillende andere mensenrechtenorganisaties is technologie van TKH in het verleden al ingezet geweest bij spionage en surveillance van Palestijnse gemeenschappen. 

Het rapport verwijst ook naar aandelenbelangen ter waarde van 2 miljoen dollar in het Spaanse eDreams ODIGEO. Volgens DBIO biedt het bedrijf onder meer huuraccommodaties aan in illegale nederzettingen. eDreams staat in de meest recente lijst van de VN-databank onder de volgende activiteit: "het leveren van diensten en voorzieningen ter ondersteuning van het onderhoud en het voortbestaan van nederzettingen, inclusief transport".  

Reactie NBB:

In een reactie ontkent het Departement Financiële Markten van NBB dat het de 2 bedrijven "vandaag of ooit in het verleden in portefeuille heeft gehad". NBB hanteert voor haar beleggingsactiviteit naar eigen zeggen "een strikt ethisch beleid met duurzaamheid en verantwoord investeren als basis", klinkt het. 

Op 25 november 2024, de dag waarop VRT NWS de Nationale Bank van België om reactie vroeg, vermeldde de databank van Refinitiv dat NBB aandelen heeft in zowel TKH Security als eDreams. De waarde van die aandelen werd voor elk bedrijf geschat op meer dan 2 miljoen dollar.

BNP Paribas opnieuw een van de grootste geldschieters

Voor het vierde jaar op rij steekt BNP Paribas er met kop en schouders bovenuit. De Franse bank, waarvan de Belgische overheid aandeelhouder is, bekleedt de 7e plaats in de ranking van Europese investeerders in bedrijven die actief zijn in de nederzettingenindustrie. Volgens het rapport zijn de financiële relaties van BNP goed voor 32,72 miljard dollar.

Het gaat onder meer om een lening aan de Israëlische wapenfabrikant Elbit Systems, die wapens levert aan het Israëlische leger. Daarnaast is er ook sprake van financiering in Caterpillar, Volvo en Hyundai Heavy Industries, die dus door mensenrechtenorganisaties gelinkt worden aan vernielingen van Palestijnse infrastructuur, én bedrijven die apparatuur en onderdelen leveren die gelinkt worden aan de surveillance van Palestijnse gemeenschappen (onder meer Motorola en TKH Security).

Ook Belfius, waarvan de Belgische staat 100 procent van de aandelen bezit, gaat financiële relaties - goed voor 185 miljoen dollar - aan met bedrijven actief in de nederzettingenindustrie, staat in het rapport. 

Reactie BNP: 

BNP betwist "de beweringen in dit rapport die ons ten onrechte in verband brengen met de "bezette gebieden" op basis van misleidende en in sommige gevallen onjuiste gegevens. "In al onze activiteiten passen wij en respecteren wij strikt alle conventies, wetten en reglementen die van toepassing zijn", aldus BNP.

Reactie Belfius: 

"In totaal gaat het om 170 miljoen euro in 20 bedrijven via verschillende fondsen. Die investeringen vertegenwoordigen 0,66 procent van de portefeuille van fondsen die Belfius aanbiedt. Belfius en zijn fondsbeheerder Candriam screenen steeds alle bedrijven op potentiële schendingen van mensenrechten, arbeidsvoorwaarden, milieu en anticorruptie, om zo te voorkomen dat onze fondsen in dergelijke bedrijven investeren. Elk van de in het DBIO-rapport aangehaalde bedrijven (waarin Belfius geïnvesteerd heeft, red.), doorstaat tot op heden de uitgebreide screening die we hanteren en waarvoor we een beroep doen op meerdere externe dataproviders."

Geen garanties

Het overgrote deel van de activiteiten van de genoemde bedrijven gebeurt buiten de nederzettingen in de Palestijnse gebieden, maar dat nuanceert Willem Staes van 11.11.11: "Investeringen in een bedrijf verbinden een investeerder echter hoe dan ook met de algehele activiteiten van het bedrijf in kwestie, en dus ook met alle negatieve gevolgen van deze activiteiten", klinkt het.

Het valt niet uit te sluiten dat geld van Belgische spaarders in deze context gebruikt wordt. "Er is minstens een ernstig risico dat spaargeld van Belgische klanten, rechtstreeks of onrechtstreeks, bijdraagt aan zware schendingen van het internationaal recht, zowel in de Westelijke Jordaanoever als het afgelopen jaar in Gaza", zegt Staes. 

Druk van internationaal recht

Het rapport van DBIO komt op een cruciaal moment. Zo oordeelde het Internationaal Gerechtshof (ICJ) in juli dat de jarenlange Israëlische bezetting van de Palestijnse gebieden in zijn geheel illegaal is en leidt tot de facto annexatie en apartheid. Het ICJ stelde dat Israël, maar ook andere landen, een juridische verplichting hebben om de bezetting onmiddellijk te beëindigen. Daarmee wordt ook opgeroepen om handel met bedrijven die bijdragen aan de illegale nederzettingen, volledig stop te zetten. 

"Als overheden en bedrijven nu niet in actie schieten, wanneer dan wel?", zegt Staes. Met de groeiende verontwaardiging over de oorlog in Gaza, het systematische geweld op de Westelijke Jordaanoever en de adviesuitspraak van het ICJ, ziet Staes momentum om in België te pleiten voor een strenger beleid tegen mensenrechtenschendingen.

"Uit het advies van het ICJ volgt logischerwijs dat lidstaten, waaronder ook België, wetgeving moeten aannemen die een verbod instelt op handel en investeringen in verband met de illegale nederzettingen. België heeft op dit moment al een wetsvoorstel liggen voor een federaal handelsverbod op producten uit de door Israël bezette gebieden." Dat voorstel werd eind vorig jaar ingediend door CD&V.

"We geloven dat daar een meerderheid voor gevonden kan worden. We roepen het parlement daarom op om dit wetsvoorstel zo snel mogelijk te bespreken en te stemmen. Dit is geen politiek idee, het is een juridische verplichting die door het internationaal recht is opgelegd", aldus Staes.  

"België moet dringend kijken wat het zelf kan doen om de Belgische bijdrage aan deze bezetting tot nul te reduceren", reageert Groen-parlementslid Staf Aerts bij VRT NWS. "Dat betekent onder meer stoppen met talmen en zo snel mogelijk een verbod instellen op de invoer van producten uit illegale nederzettingen in bezette gebieden."

Het nieuwe onderzoeksrapport van Don't Buy Into Occupation stelt vast dat 882 Europese financiële instellingen tussen januari 2021 en augustus 2024 in totaal 211 miljard dollar (USD) aan leningen en "underwritings" verschaften aan bedrijven die actief zijn in bezet Palestijns gebied. Het volledige rapport lees je hier .

Meest gelezen

  • 1
  • 2
  • 3
  • 4
  • 5

Maak van VRT NWS jouw voorkeursbron op Google

Google heeft een nieuwe functie gelanceerd waarmee je zelf kunt kiezen welke bronnen je eerst ziet wanneer je zoekt. Zo mis je nooit meer het laatste nieuws van VRT NWS.

Lees ook

  • general.player.loading"
  • general.player.loading"
  • general.player.loading"
  • general.player.loading"
  • general.player.loading"