Oekraïense vluchtelingen die in ons land aankomen en nood hebben aan opvang krijgen niet meer allemaal een opvangplek. Door het tekort aan opvangplaatsen stonden verschillende Oekraïners de laatste weken op straat. Dat kaart Vluchtelingenwerk Vlaanderen aan en kon onze redactie zelf vaststellen. Elke dag komen nog zo'n 65 Oekraïense vluchtelingen aan in ons land.
"We worden aan ons lot overgelaten": Oekraïense vluchtelingen belanden op straat door gebrek aan opvangplaatsen
"Waarom blijft België tijdelijke bescherming geven aan Oekraïense vluchtelingen, terwijl we geen opvang meer krijgen en we aan ons lot worden overgelaten?"
We zijn bij het registratiecentrum voor Oekraïense vluchtelingen nabij Brussel-Zuid. Aan het woord is Ruslana, afkomstig uit de stad Oeman in Oekraïne. Ze vluchtte 2 weken geleden samen met haar kindje van 4 maanden en haar broer naar ons land. De 3 konden de eerste nacht bij een kennis verblijven. "Daardoor dachten ze hier bij het registratiecentrum dat we geen opvang meer nodig hadden, maar dat klopt niet."
Er zat niets anders op dan de afgelopen 10 dagen zelf een hotel te betalen. Nu het geld op is, komen Ruslana en haar broer opnieuw aankloppen voor een opvangplek.
Eenzelfde verhaal is te horen bij Olga uit Marioepol. Ook zij kwam 2 weken geleden naar ons land. "In Oekraïne werd de situatie onhoudbaar, dus stelde mijn zus, die al een tijdje in België woont, voor om ook hierheen te komen", vertelt ze.
"Toen ik bij mijn aankomst naar opvang vroeg, kreeg ik te horen dat alles vol zat. Ze zeiden dat ik zelf een plek moest zoeken. Ik ben dan maar 2 weken bij mijn zus gaan slapen. Maar zij woont zelf in een opvanghuis en krijgt geen toestemming om me daar te houden. Ik hoop dat ik nu wel ergens een opvangplek krijg. Anders sta ik op straat."
Alarmbel
"Wij zien ons genoodzaakt om aan de alarmbel te trekken", aldus Thomas Willekens van Vluchtelingenwerk Vlaanderen. "De laatste weken krijgen wij onrustwekkend veel berichten binnen van Oekraïense vluchtelingen die na hun aanmelding in ons land op straat staan."
Elke dag komen nog gemiddeld 65 Oekraïners aan in ons land. De meesten hebben zelf al een plek voorzien om te wonen, bijvoorbeeld bij familie of kennissen binnen de Oekraïense gemeenschap. Zo’n 15 procent heeft net zoals Ruslana en Olga wel nog nood aan opvang.
"De vluchtelingen die aankomen, hebben bovendien een steeds kwetsbaarder profiel. Het gaat over mensen die lang in oorlogsgebied hebben verbleven en tot het laatste moment hebben gewacht om te vluchten. Denk aan ouderen, mensen die minder mobiel zijn en mensen met een serieus oorlogstrauma."
Gewesten verantwoordelijk
De 3 gewesten zijn sinds het begin van de oorlog verantwoordelijk voor de opvang van de Oekraïners in ons land. In Vlaanderen krijgen steden en gemeenten geld om vrijwillig publieke opvangplaatsen in te richten.
Maar verschillende lokale besturen besloten de afgelopen maanden om opvangplaatsen te sluiten. En ook het nooddorp in Mechelen gaat bijvoorbeeld eind dit jaar dicht, waardoor er nu al geen nieuwe vluchtelingen meer terechtkunnen. In Antwerpen moet het nooddorp in maart volgend jaar sluiten.
In heel Vlaanderen zijn volgens het Agentschap Binnenlands Bestuur (ABB) intussen nog 4.400 publieke opvangplaatsen waar Oekraïners verblijven. Ter vergelijking: 2 jaar geleden waren dat er nog zo'n 7.300.
Daarnaast konden heel wat vluchtelingen in het begin terecht bij gastgezinnen door het initiatief #Plekvrij. Ook die vorm van solidariteit dooft langzaam uit.
"Het is tijd dat de nieuwe regeringen Oekraïne terug hoog op de agenda plaatsen", vindt Willekens. "In het Vlaams regeerakkoord vinden we tot onze verbazing niks terug over de aanpak van de Oekraïners."
Het ABB zelf ontkent intussen dat er in Vlaanderen een probleem zou zijn. "Op dit ogenblik worden door de lokale besturen geen signalen gegeven over een tekort aan opvangplaatsen", klinkt het.
Ook tijdelijke noodopvang vol
Dat komt omdat Oekraïners, voor wie niet meteen een opvangplek vrij is in één van de gewesten, tijdelijk worden opgevangen in het transitcentrum Ariane. Dat noodopvangcentrum in Brussel wordt uitgebaat door het federale agentschap Fedasil.
Maar ook in Ariane zitten de opvangplekken intussen zo goed als vol. "Families en alleenstaande vrouwen krijgen wel nog een opvangplek", verzekert Fedasil. "Maar voor alleenstaande mannen is dat niet altijd het geval."
Zo kon Fedasil in september geen opvang vinden voor 24 alleenstaande mannen. En ook in oktober kregen al 18 mannen te horen dat er geen plek voor hen was. Zij belanden op straat en moeten zelf een oplossing vinden.
Bovendien zijn die cijfers wellicht een onderschatting. Vluchtelingen die aangeven dat ze kennissen hebben in ons land, zoals Ruslana en Olga, worden niet altijd meegerekend in de cijfers.
"De Oekraïense vluchtelingen die opvang nodig hebben, vallen dus tussen verschillende overheidsniveaus", zegt Willekens. "De gewesten en de federale overheid kijken naar elkaar, maar daar zijn de Oekraïners niet mee geholpen."
Leven op pauze
Bovendien is het de bedoeling dat mensen slechts voor enkele nachten in het transitcentrum Ariane verblijven. Maar doordat er nauwelijks nog plaatsen vrijkomen in de gewesten verblijven sommige Oekraïners er verschillende weken.
Al die tijd staat hun leven op pauze. "Oekraïners kunnen zich daar niet domiciliëren, waardoor ze ook geen zogenaamde A-kaart kunnen aanvragen. Die hebben ze nodig om bijvoorbeeld te gaan werken of sociale steun te krijgen, zoals een leefloon", zegt Vluchtelingenwerk.
Ook Olga kreeg intussen een plek in het transitcentrum Ariane. Voor Ruslana en haar broer kwam er minder goed nieuws. "Ze hebben mij en mijn kindje een opvangplek aangeboden, maar mijn broer mag niet mee en staat dus op straat. Ik wil niet alleen, zonder hem, ergens gaan wonen met die kleine baby", zucht ze.



