Op verschillende kandidaten stemmen, mag enkel binnen 1 lijst. Nochtans was het ooit anders: tot 1976 mocht je panacheren of als het ware je eigen ideale gemeenteraad samenstellen door te stemmen op meerdere kandidaten van verschillende partijen. Uitermate democratisch, vinden experten. Waarom kan het nu dan niet meer?
Waarom je tot 1976 op kandidaten van verschillende partijen mocht stemmen (en nu niet meer)
"Toen toenmalig Vlaams minister van Binnenlands Bestuur Bart Somers (Open VLD) zijn grote veranderingen aankondigde rond de opkomstplicht en het initiatiefrecht," mijmert Herwig Reynaert, politicoloog aan de UGent, in De Wereld Vandaag op Radio 1, "dacht ik dat een van de grootste veranderingen zou zijn dat we zouden terugkeren naar het systeem van vóór 1976. Met name dat we zouden kunnen panacheren."
Pana-pardon? Panacheren verwijst naar het Franse "panacher", iets samenstellen uit verschillende elementen. Denk ook aan het drankje Panaché, de zoete mix van bier met witte limonade (die in sommige streken 'Sneeuwwitje' of 'Kivela' wordt genoemd). En dat is exact wat je tot 1976 kon doen met je stem: je maakte een persoonlijke mix met voorkeurstemmen op kandidaten van verschillende lijsten.
Bij panacheren kan je over de partijgrenzen heen een stem uitbrengen en bij wijze van spreken zelf een gemeenteraad samenstellen
Herwig Reynaert, politicoloog aan de UGent
Je kon toen evenveel voorkeurstemmen uitbrengen als er gemeenteraadsleden waren. In een gemeente met bijvoorbeeld 25 gemeenteraadsleden, kon je dus 25 bolletjes kleuren over de verschillende lijsten heen.
Complexe situaties
Voor alle duidelijkheid: doe dat morgen niet, want het zou je stem ongeldig maken. Sinds 1976 is panacheren namelijk niet meer mogelijk bij de gemeenteraadsverkiezingen. Het systeem is uiteindelijk afgeschaft omdat maar een goeie 2 procent van de mensen daar gebruik van maakte.
Zeker in een tijdperk waarin er manueel geteld moest worden, leidde dat bovendien tot complexe situaties. Want als iemand maar 15 bolletjes kleurde in een gemeente met 25 raadsleden, had die 15/25 van zijn stem uitgebracht. Dat was geen volledige stem en moest dan in die breuk worden opgeteld bij het resultaat.
Daar komt nog eens bij dat in 1976 de grote gemeentefusies nog niet waren doorgevoerd. In veel gemeenten was er helemaal geen strijd bij de verkiezingen of waren er maar een paar lijsten, waardoor de relevantie van panacheren misschien iets minder pertinent was.
Opnieuw invoeren?
Ondanks de hoop die Reynaert hierboven koesterde, hebben Somers en co panacheren niet heringevoerd. Nochtans ziet de politicoloog wel grote voordelen van het systeem. Hij looft vooral het grote democratische gehalte ervan.
"Dan kan je over de partijgrenzen heen een stem uitbrengen en bij wijze van spreken zelf een gemeenteraad samenstellen. Nu moet men kiezen voor de grootste gemene deler en is men genoodzaakt om binnen 1 lijst of partij te blijven. Terwijl je misschien over 1 heel lokaal dossier denkt dat je eigen partij het minder goed gedaan heeft en dat je daarvoor binnen een andere partij iemand een deel van je stem zou willen geven."
Mochten de partijen zeker zijn dat het effect op het aantal stemmen nihil zou zijn, zou men het onmiddellijk herinvoeren
Herwig Reynaert, politicoloog aan de UGent
Bovendien gelden de argumenten van toen niet meer: elektronisch stemmen neemt in veel gemeenten al de moeilijke taak van de telling grotendeels over. En in zowat alle gemeenten heb je een zeer breed palet aan partijen en lijsten om voor te stemmen.
"Ik denk dat politieke partijen misschien wat bang zijn voor het effect ervan", oppert Reynaert. "Want het zou kunnen dat men een deel van de kiezers kwijtspeelt. Mochten de partijen zeker zijn dat het effect op het aantal stemmen nihil zou zijn, zou men het onmiddellijk herinvoeren."


