Het aantal ernstig gewonden in het verkeer is in ons land in de afgelopen 10 jaar gedaald met bijna 20 procent, maar het aantal zwaargewonde fietsers en steppers neemt toe. Het gaat dan bijvoorbeeld om mensen met schedelbreuken, heupbreuken of wervelletsels. Dat blijkt uit een onderzoek van de gegevens van ziekenhuizen door verkeersinstituut Vias.
In België worden jaarlijks bijna 15.000 mensen gehospitaliseerd na een verkeersongeval. 23 procent daarvan loopt ernstige verwondingen op. Verkeersinstituut Vias heeft op basis van ziekenhuisgegevens in kaart kunnen brengen welke letsels mensen oplopen per vervoersmiddel.
Eerst het goede nieuws: het aantal ernstig gewonden in het verkeer is in de afgelopen 10 jaar afgenomen met 19 procent van 4.191 gewonden in 2013 naar 3.386 in 2022. Voor fietsers en gebruikers van de e-step gaat het echter de verkeerde kant uit. Al is dat niet helemaal onlogisch: er zijn veel meer fietsers en e-steppers dan 10 jaar geleden.
Voor het eerst zijn er nu data voor e-steps beschikbaar. Zo loopt 60 procent van alle zwaargewonde e-steppers die in het ziekenhuis belanden na een ongeval een hoofdletsel op. In absolute cijfers gaat het wel nog over een relatief kleine groep van 48 ernstig gewonde slachtoffers. Traumachirurgen riepen wel al eerder samen met Vias op om de helm te verplichten voor bestuurders van een e-step.
1 op de 2 gewonden is een fietser
Fietsers zijn volgens Vias de enige categorie van weggebruikers waar het aantal ernstig gewonden jaar na jaar gestaag toeneemt. Ze vertegenwoordigen momenteel de grootste groep. In 2022 was 1 op de 2 ernstig gewonden op de openbare weg een fietser. Er is tot op vandaag geen mogelijkheid om op basis van deze data een onderscheid te maken tussen elektrische fietsen en gewone fietsen.
Het aandeel van de fietsers in het totale aantal zwaargewonden in het verkeer stijgt dus. In 2022 vertegenwoordigden ze 49 procent van alle ernstig gewonden, ten opzichte van 37 procent in 2016. Het aandeel van ernstig gewonde auto-inzittenden is kleiner geworden (van 27 procent naar 16 procent).
Fietsers raken het vaakst zwaargewond na een botsing met een gemotoriseerd voertuig. E-steppers en fietsers zijn echter ook relatief vaak betrokken in eenzijdige ongevallen. Bij fietsers is meer dan de helft van de slachtoffers in het ziekenhuis beland na een val zonder tegenpartij.
Bij fietsers is meer dan de helft van de slachtoffers in het ziekenhuis beland na een val zonder tegenpartij
Het merendeel van de zwaargewonde fietsers is tussen de 40 en 64 jaar oud (38 procent) of ouder dan 65 jaar (31 procent). Dat mensen op middelbare leeftijd of senioren vaker in de statistieken voorkomen, is ten eerste een demografisch gegeven: in de bevolkingspiramide zijn ze gewoon met veel. Echter, van alle 65-plussers die in het verkeer een zwaar letsel oplopen, is 63 procent fietser. Bij de andere leeftijdsgroepen ligt dat percentage lager.
Ook al is er op basis van de data geen mogelijkheid om een onderscheid te maken tussen elektrische fietsen en gewone fietsen: eerder onderzoek duidde wel al op een hogere frequentie van zware (eenzijdige) ongevallen met elektrische fietsen in de oudere leeftijdsgroep.
Vandaag organiseert Vias een wetenschappelijk symposium waar de resultaten van de studie rond ziekenhuisdata nog verder worden toegelicht. Er wordt ook een nieuw wetenschappelijk comité van het verkeersinstituut voorgesteld. Dat is een groep van wetenschappers uit verschillende beleidsdomeinen. Die zal vanaf nu enkele keren per jaar samenkomen om de kwaliteit en methodologie van de onderzoeken van Vias op een objectieve en neutrale wijze te beoordelen.
Voorzitter van het comité wordt traumachirurg Stefaan Nijs. Hij was voorheen arts in UZ Leuven en is nu medisch wetenschappelijk manager en voorzitter van de divisie heelkundige specialismen in het Universitair Medisch Centrum in Utrecht.


