In de Gazastrook verliezen elke dag gemiddeld 10 kinderen 1 of 2 benen. Dat zegt Philippe Lazzarini, de secretaris-generaal van het VN-agentschap voor hulpverlening aan Palestijnse vluchtelingen (UNRWA). "10 per dag, dat zijn dus al 2.000 kinderen in totaal sinds het begin van de oorlog op 7 oktober", aldus Lazzarini.
Elke dag verliezen 10 kinderen hun benen in de Gazastrook, zegt UNRWA
Lazzarini baseert zich voor die uitspraak op gegevens van de VN-kinderrechtenorganisatie Unicef. Hij beklemtoont ook dat kinderen die een arm of een hand verloren niet zijn opgenomen in de telling.
"We weten ook hoe die amputaties meestal worden uitgevoerd: onder afschuwelijke omstandigheden en soms zonder enige vorm van verdoving", vervolgt de topman van UNRWA. Volgens de Wereldgezondheidsorganisaties (WHO) zijn die amputaties het gevolg van Israëlische bombardementen. Kinderen zijn veel kwetsbaarder voor zulke verwondingen dan volwassenen, klinkt het.
Lazzarini wees tijdens de persconferentie ook op een rapport dat maandag door Save the Children was gepubliceerd. Volgens een schatting van die ngo zijn er sinds het begin van de oorlog in de Gazastrook tot 21.000 kinderen vermist geraakt. Ze zijn bedolven onder het puin, liggen begraven in een anoniem graf of zijn het contact met familieleden verloren.
140 miljoen euro tekort
Ook financieel staat UNWRA er niet goed voor. De organisatie komt momenteel 140 miljoen euro te kort om de werkzaamheden tot het eind van het jaar voort te zetten. De huidige middelen volstaan nog om de operaties tot eind augustus te financieren.
In januari beschuldigde de Israëlische regering twaalf UNRWA-medewerkers ervan betrokken te zijn geweest bij de terroristische aanval die Hamas op 7 oktober uitvoerde in Israël. Een vijftiental landen beslisten daarop hun financiering van het agentschap op te schorten.
Een groep van experten oordeelde in april dat er wel een probleem was met de politieke neutraliteit van het agentschap, maar voegde eraan toe dat Israël geen bewijzen voorlegt die de aantijgingen moeten staven. Momenteel hebben enkel de Verenigde Staten en het Verenigd Koninkrijk hun betalingen nog niet hervat.
Tekort aan medisch materieel
Vorige week trok ook Artsen Zonder Grenzen (AZG) aan de alarmbel. Het tekort aan medisch materieel in ziekenhuizen is groot, bijna chronisch. Hospitalen in Gaza worden overspoeld met gewonden, maar artsen hebben nauwelijks voldoende middelen om ze te behandelen. Dat vertelde AZG-adviseur Meinie Nicolai vorige week aan VRT NWS.
"De situatie is chaotisch", getuigde ze in De Ochtend op Radio 1. Sinds 6 mei hebben we geen nieuwe bevoorrading binnengekregen. Het tekort is nijpend. We hebben nog voldoende morfine voor een week, dan is het op. Die morfine is echt wel nodig bij operaties."
Humanitaire ramp
Meer dan 8 maanden na het begin van de oorlog in Gaza ligt de focus van Israël nu op de laatste twee gebieden die hun troepen nog niet hadden bestormd: Rafah aan de zuidrand van Gaza en het gebied rond Deir al-Balah in het centrum. Ahmed Al-Sofi, de burgemeester van Rafah, zei in een verklaring dat de stad een humanitaire ramp doormaakt en dat mensen sterven in hun tenten door Israëlische bombardementen.
Er is geen medisch centrum meer in de stad en de overgebleven inwoners en ontheemde families hebben geen toegang tot de minimale dagelijkse behoeften zoals voedsel en water.
Palestijnse en VN-cijfers tonen aan dat minder dan 100.000 mensen zijn achtergebleven in het uiterste westen van de stad, die voor het begin van de Israëlische aanval meer dan 1 miljoen inwoners telde.
De grond- en luchtaanvallen van Israël begonnen toen militanten van Hamas op 7 oktober Israël binnenstormden. Daarbij werden ongeveer 1.200 mensen gedood, meer dan 250 Israëli werden gevangengenomen. Het offensief heeft Gaza in puin achtergelaten, meer dan 37.400 kwamen volgens Palestijnse gezondheidsautoriteiten om het leven.


