De nieuwe federale Toezichtscommissie die kan verhinderen dat onbekwame zorgverleners hun beroep nog langer mogen uitoefenen, kan - met anderhalf jaar vertraging - eindelijk helemaal van start gaan. Dat heeft federaal Minister van Volksgezondheid Frank Vandenbroucke (Vooruit) aangekondigd bij "WinWin" op Radio2. De commissie was heel lang niet voltallig waardoor er intussen zeker 470 dossiers nog moeten worden behandeld.
Na anderhalf jaar: enige commissie die onbekwame zorgverleners mag schorsen, kan eindelijk echt aan de slag
Xavier Taveirne is jouw consumentenman. Hij presenteert elke werkdag tussen 9 uur en 10 uur "WinWin" op Radio2. Heb je een vraag, tip of probleem? Mail naar winwin@radio2.be.
Een zorgverlener die bijvoorbeeld door een ziekte of verslaving onbekwaam is om zijn beroep nog verder uit te voeren, kan indien nodig door de Federale Commissie voor Toezicht op de Praktijkvoering in de Gezondheidszorg (Toezichtscommissie) verplicht worden om te stoppen met werken. Ook wanneer een zorgverlener zich niet aan de wetgeving of de Wet op de Patiëntenrechten houdt, kan ze ingrijpen. Die commissie is de enige instantie die zorgverleners, zoals artsen, verpleegkundigen of psychologen, kan schorsen of voorwaarden kan opleggen. Alleen heeft de commissie anderhalf jaar lang geen beslissingen kunnen nemen.
De federale commissie vervangt de Provinciale Geneeskundige Commissies die begin juli 2022 ophielden te bestaan. In januari 2023 werd dan de Toezichtscommissie opgericht, met een uitgebreidere bevoegdheid dan voorheen, maar al die tijd was de commissie niet voltallig. Met als gevolg dat er momenteel minstens 470 dossiers liggen te wachten op een uitspraak. Dat blijkt uit cijfers die kamerlid Frieda Gijbels (N-VA) - zelf tandarts - opvroeg bij het kabinet van de minister van Volksgezondheid. Vooral het vinden van voldoende personeel bleek een groot probleem te zijn.
De vorige regering heeft onderschat hoeveel extra slagkracht en personeel deze commissie nodig heeft om goed te functioneren
Frank Vandenbroucke (Vooruit), federaal minister van Volksgezondheid
"De medewerkers die wél al sinds het begin aan de slag zijn, hebben wel degelijk al veel werk verzet," verdedigt federaal minister van Volksgezondheid Frank Vandenbroucke zich bij "WinWin" op Radio2. "Er is bovendien ook geen enkele klacht verloren gegaan in die periode. Alles is geregistreerd." Dossiers werden voorbereid en de meest dringende klachten belandden bovenaan de stapel. Maar een definitieve beslissing kon alleen worden genomen door een voltallige commissie. Die was er niet, tot nu, sinds begin januari.
"Het oprichten van die nieuwe commissie op federaal niveau was een goed idee van de vorige regering. Alleen had men onderschat wat het betekent als je zoiets echt goed wil doen werken", vindt de minister. "Er was onvoldoende slagkracht en personeel voorzien. Daarom heb ik eerst de tijd genomen om de nieuwe wetgeving op te starten. Ik vond het belangrijker om het meteen goed te doen. Ik heb er daarom voor gezorgd dat de nieuwe Toezichtscommissie meer personeel en meer mogelijkheden heeft gekregen om in te grijpen", aldus de minister.
Minister greep één keer eigenhandig in
Tussen het opheffen van de provinciale commissies (sinds 1 juli 2022) en vandaag zijn er dus anderhalf jaar lang geen definitieve beslissingen genomen door de Toezichtscommissie, geeft Vandenbroucke toe. Terwijl er bij de nog te behandelen dossiers ook heel wat dringende gevallen zitten, volgens kamerlid Frieda Gijbels.
"Eén keer heb ik tijdens die periode wel zelf op eigen houtje beslist om het visum van een arts te laten schorsen. Het ging om een zeer ernstig en dringend geval waarbij meteen moest worden ingegrepen", vertelt Vandenbroucke aan "WinWin".
De minister benadrukt dat er naast de Toezichtscommissie allerlei andere instanties zijn waar patiënten terechtkunnen met klachten over zorgverleners. Zo zijn er onder andere het Fonds voor Medische Ongevallen of de ombudsdiensten van de verschillende ziekenhuizen. Ook de Orde der Artsen kan in bepaalde gevallen en tot op zekere hoogte ingrijpen, maar kan het visum (de toelating om te werken nvdr.) van een zorgverlener niet afnemen. Sommige beroepsgroepen, zoals tandartsen, hebben weliswaar geen eigen orde.


