De Amerikaanse oud-president Donald Trump mag in de staat Maine niet deelnemen aan de voorverkiezingen voor het presidentschap, wegens zijn rol bij de bestorming van het Capitool begin 2021. Eerder viel in Colorado al een soortgelijke beslissing. Trump gaat tegen beide beslissingen in beroep.
Na Colorado mag oud-president Trump ook in de staat Maine niet aan voorverkiezingen deelnemen
De verkiezingskoorts begint stilaan te stijgen in de Verenigde Staten. Over een dikke twee weken trapt de staat Iowa de voorverkiezingen voor het presidentschap op gang. Bij de Republikeinen is oud-president Donald Trump torenhoog favoriet, maar de kans bestaat dat hij in minstens twee staten niet op het stembiljet zal staan.
In de staat Maine heeft minister van Binnenlandse Zaken Shenna Ballows namelijk beslist dat Trump niet aan de voorverkiezingen mag deelnemen. Die vinden in Maine op 5 maart plaats, op de zogenoemde Super Tuesday, de dag waarop in meer dan 15 staten voorverkiezingen gehouden worden.
De minister nam die beslissing wegens de betrokkenheid van Trump bij de bestorming van het Capitool begin 2021. De beslissing werd genomen op basis van Sectie 3 van het 14e Amendement van de Amerikaanse Grondwet, een clausule over rebellie tegen de staat die dateert uit de tijd vlak na de Amerikaanse Burgeroorlog (1861-1865).
Maine is de tweede staat die Trump van het stembiljet schrapt. Eerder nam het Hooggerechtshof in de staat Colorado al een soortgelijke beslissing, eveneens op basis van Sectie 3 van het 14e Amendement. Ook in Colorado vinden de voorverkiezingen op 5 maart plaats.
Opvallend is dat in Colorado het gerecht Trump belet om aan de verkiezingen deel te nemen, in Maine nam de minister van Binnenlandse Zaken die beslissing. Ballows geldt als minister van Binnenlandse Zaken ook als de hoogste verkiezingsambtenaar van de staat.
Opgeschort
Of Trump in die twee staten ook echt geschrapt zal worden, zal afhangen van de beroepsprocedure. Het campagneteam van Trump liet al weten dat het naar de rechter zal stappen om de beslissing in Maine ongedaan te laten maken. "We zijn, in real-time, getuige van een poging tot diefstal van de verkiezingen en de ontneming van het kiesrecht van de Amerikaanse kiezer", reageert de woordvoerder van het campagneteam.
In Colorado kondigde de Republikeinse partij aan dat het naar het federale Hooggerechtshof stapt om de beslissing van het Hooggerechtshof in Colorado aan te vechten. In beide staten is de beslissing om Trump van het stembiljet te weren daarom opgeschort.
Ook in andere staten werd al bekeken of Trump belet moet worden om aan de voorverkiezingen deel te nemen. Maar soortgelijke initiatieven in New Hampshire, Minnesota en Michigan werden niet goedgekeurd.
Wat bepaalt Sectie 3 van het 14e Amendement? De uitspraak van het Hooggerechtshof in Colorado leidde tot heel wat discussie in de Verenigde Staten. En dat zal nu in Maine wellicht niet anders zijn. Trump en zijn entourage zien er vooral een politieke zet in van de Democraten.
Tegen Trump loopt nog een gerechtelijke procedure wegens zijn rol bij de bestorming van het Capitool. Het proces daarover zou normaal gezien begin maart 2024 beginnen, al is dat door een beroepsprocedure lang niet zeker. Colorado en Maine wachten dat proces in elk geval niet af en beroepen zich op de grondwet.
De bewuste bepaling die de staten aanhalen, verbiedt dat functionarissen die betrokken waren bij rebellie of opstand, een openbaar ambt bekleden. Letterlijk gaat de bepaling als volgt:
"No person shall be a Senator or Representative in Congress, or elector of President and Vice-President, or hold any office, civil or military, under the United States, or under any State, who, having previously taken an oath, as a member of Congress, or as an officer of the United States, or as a member of any State legislature, or as an executive or judicial officer of any State, to support the Constitution of the United States, shall have engaged in insurrection or rebellion against the same, or given aid or comfort to the enemies thereof. But Congress may by a vote of two-thirds of each House, remove such disability."
Het nationale Hooggerechtshof heeft zich nog nooit uitgesproken over Sectie 3 en wat daar de concrete gevolgen van zijn. De beslissingen in Colorado en Maine tonen volgens juridische experten in de VS aan dat er nood is aan verduidelijking door het Hooggerechtshof.


