Hoe kwetsbaar zijn gebouwen in jouw gemeente voor wateroverlast? De hevige regenval van de voorbije weken liet zien hoe een teveel aan water tot rampzalige situaties kan leiden. We brachten per gemeente in kaart hoeveel gebouwen een risico lopen op schade door water.
IN KAART: Bijna 6 procent van gebouwen in Vlaanderen loopt risico op wateroverlast, hoe zit het in jouw gemeente?
In welke gemeenten lopen onze gebouwen het vaakst een risico op schade door water? Op basis van cijfers van het Klimaatportaal maakten we een kaart over de wateroverlast door regen en een tweede kaart over overstromingen door waterlopen.
Er bestaan immers verschillende types overstromingen. De zogenaamde 'fluviale' overstromingen zijn een gevolg van waterlopen die buiten hun oevers treden. Dat gebeurt vaak na langdurig aanhoudende regenval, vaak tijdens de winter.
Wateroverlast (ook 'pluviale' overstromingen genoemd) is een overstroming door hevige regen. Dit treedt vaak op tijdens korte, maar erg hevige onweders. Er bestaat natuurlijk ook overlap tussen beide types.
Wateroverlast door regen
Als we het gemiddelde berekenen, dan blijkt zo'n 5,7 procent van de gebouwen in Vlaanderen kwetsbaar voor extreme wateroverlast door regen. Het aandeel van bedreigde gebouwen per gemeente verschilt echter van plaats tot plaats. Door met je muis over de gemeenten te bewegen, krijg je te zien hoeveel gebouwen een risico lopen op wateroverlast door regen. Opgelet: deze kaarten zijn simulaties: zij tonen de zones waar zich wateroverlast kan voordoen, zelfs op plaatsen waar tot nu geen wateroverlast werd waargenomen.
Verschillende factoren spelen een rol bij het risico op wateroverlast door regen, zegt professor hydrologie Patrick Willems (KU Leuven). "Vaak heeft dat te maken met het rioleringssysteem of het afwateringssysteem. Lagergelegen zones die veel water ontvangen - door bijvoorbeeld veel verharding of veel drainage uit nabijgelegen gebieden - zijn hier gevoelig voor."
Zo zien we in Drogenbos dat 28,8 procent van de gebouwen een risico op wateroverlast door regen loopt. "In dit geval speelt het verstedelijkte karakter een rol", zegt Willems.
"We zien hier een zeer hoge verharding van meer dan 50 procent, terwijl het Vlaamse gemiddelde 16 procent is. Daardoor kan water moeilijk in de grond trekken en krijgen we een hoge kans op het overlopen van de riolering. In deze gemeente zien we bovendien ook woningen die gebouwd zijn in overstromingsgevoelig gebied."
Een andere gemeente met een hoog risico is Voeren. Daar zien we dat 19,7 procent van de gebouwen een risico op wateroverlast door regen loopt. "Dit is te verklaren door de hoge en versnelde afvoer van regenwater van gebieden die stroomopwaarts liggen. In combinatie met bebouwing in overstromingsgevoelige gebieden langs de riviervalleien, zoals langs de Voer in de dorpscentra van 's Gravenvoeren en Sint-Martens-Voeren, leidt dat tot een hoger risico."
Vanaf wanneer spreken we van wateroverlast of overstroming?
Om een cijfer per gemeente te berekenen, werden een paar aannames gedaan. Vóór een gebouw wordt meegeteld, moet het water boven een bepaalde drempelwaarde uitkomen. Boven de ‘dorpelsteen’ van een woning of ander gebouw als het ware, zegt de Vlaamse Milieumaatschappij. Op het Klimaatportaal wordt daarvoor gekeken naar de gemiddelde diepte van het water in de wijdte van 1 meter rond het gebouw. Enkel als die diepte gemiddeld 6 centimeter of meer bedraagt, spreken we van een overstroombaar gebouw of een gebouw met mogelijke wateroverlast.
Overstroming door waterlopen
Overstroming vanuit waterlopen die buiten hun oevers treden, komt in Vlaanderen minder vaak voor dan wateroverlast door regen, zien we op de tweede kaart. Overstromingen door waterlopen bedreigen 0,9 procent van alle gebouwen in Vlaanderen. Dat is zes keer minder dan het aantal gebouwen bedreigd door wateroverlast na regen. Dat is natuurlijk omdat er niet overal grote waterlopen aanwezig zijn.
We zien dat in slechts enkele gemeenten overstroming meer dan 5 procent van de gebouwen bedreigt. "Het hangt van plaats tot plaats af welke factoren hier een rol in spelen", zegt professor hydrologie Willems.
"Zijn er rivieren die dit gebied doorkruisen? En gaat het om rivieren die kwetsbaar zijn voor overstroming? Wat is de hellingsgraad en het landgebruik? Hoe groter de helling en hoe meer verharding of drainage via grachten, hoe sneller het water de rivier overbelast. Hoe groot zijn de overstroombare gebieden langs de rivieren en liggen daar toevallig woonwijken in? Het getij speelt ook een rol voor rivieren die daaraan onderhevig zijn. Enzovoort."
In Sint-Martens-Latem zien we bijvoorbeeld dat 13,3 procent van de gebouwen een risico loopt op overstroming. "Dat hoge risico is er door de ligging vlak bij de Leie. De rivier ontvangt daar het vele water van opwaarts, terwijl dat water niet altijd voldoende afgevoerd raakt door de invloed van de getijdenwerking van de Zeeschelde. Bovendien liggen ook hier heel wat woningen in overstromingsgevoelig gebied", aldus Willems.
Ook in Damme zien we dat meer dan 11 procent van de gebouwen risico loopt op overstroming. "Hier speelt de ligging in een van nature nat poldergebied met kreken en lage natte gronden mee. Het gaat om heel wat boerderijen die de risico's gewoon zijn, maar ook wijken die te dicht bij overstromingsgevoelig gebied gebouwd werden, zoals in deelgemeenten Moerkerke en Vivenkapelle het geval is."
Nog meer in detail
De kaarten van het Klimaatportaal geven dan wel een idee van het aantal kwetsbare gebouwen per gemeente: de verdeling binnen de gemeenten zelf is vaak erg ongelijk. Om nauwkeuriger te kijken, werkt de Vlaamse Milieumaatschappij ook met kaarten die de overstromingsgevoelige gebieden - of dat nu een gevolg is van een waterloop, intense regen of de zee - in beeld brengt.
Door op het symbooltje rechtsboven in de kaart te klikken, kan je bepalen welke oorzaak van het teveel aan water je wil bekijken.
De kaart heeft kleurschakeringen. Hoe donkerder het blauw, hoe frequenter er overlast kan worden verwacht. De donkerblauwe zones tonen de zones met een middelgrote kans op overstroming, de middelblauwe zones die met een kleine overstromingskans en de lichtblauwe zones die met een kleine kans door klimaatverandering. De middelgrote overstromingskans geeft de gebieden aan waar elk jaar 1 procent kans is dat die bewuste overstroming zich voordoet. Voor de kleine kans is dit 0,1 procent.
Opgelet: de kaart is het resultaat van een model en berekent welke gevolgen extra water kan hebben, maar het blijft een inschatting. "De modellen geven wel zeer accuraat de overstroomde zones mee, zoals de voorbije weken onder meer in de IJzervallei duidelijk is geworden", zegt de Vlaamse Milieumaatschappij.
In Brussel vooral wateroverlast door regen
En hoe is het in Brussel gesteld? Het percentage gebouwen per gemeente dat kwetsbaar is voor een teveel aan water konden we niet tijdig op een vergelijkbare manier verkrijgen. Wel is geweten dat de belangrijkste oorzaak van overstromingen in het Brussels Gewest de wateroverlast door regen is. De impact van overstroming door waterlopen is doorgaans beperkt tot de nabije omgeving van beken in bossen en parken, en treffen zelden gebouwen.
Hieronder zien we een kaart met de mogelijke impact van wateroverlast door regen in het Brussels Gewest. In de donkerblauwe zones wordt ongeveer om de 10 jaar een teveel aan water verwacht. In de middelblauwe zones ongeveer 1 keer tussen de 25 en 50 jaar. En in de lichtblauwe ongeveer eens in de 100 jaar.
Een groot deel van de potentieel getroffen inwoners woont in de Kanaalzone in Brussel, rond de vroegere bedding van de Zenne. Dit zijn behalve laaggelegen wijken ook wijken met een hoge bevolkingsdichtheid.
Welke cijfers gebruiken we?
Voor de kaarten over wateroverlast door regen en overstromingen door waterlopen grepen we terug naar de cijfers van Klimaatportaal Vlaanderen . Die cijfers focussen op alle gebouwen die jaarlijks met een kans van 1 op 1000 of meer met wateroverlast of overstroming te maken krijgen. Vanzelfsprekend zitten ook alle gebouwen met middelgrote (jaarlijkse kans van 1 op 100) en grote kans (jaarlijkse kans van 1 op 10) op wateroverlast of overstroming mee in die percentages.
Tussen wateroverlast en overstroming bestaat natuurlijk overlap: lagergelegen punten van een rivier, zoals riviervalleien, kunnen zowel overlopen door afstromende regen als door het overstromen van de rivier. Tot slot bestaan er ook kustoverstromingen of overstromingen vanuit de zee tijdens bijvoorbeeld springtij of een storm, maar die werden niet opgenomen in dit artikel.
We kozen de cijfers die het huidige klimaat weerspiegelen, waarvoor de weerspatronen van de periode 1976-2005 werden gebruikt. In deze analyse werden enkel hoofdgebouwen opgenomen. Het gaat dus om meer dan alleen woningen - ook winkels, bedrijfspanden, scholen en meer worden meegeteld -, maar geen bijgebouwen. De cijfers werden in 2021 berekend - op basis van het ruimtegebruik in 2019 - maar zijn vandaag nog steeds relevant omdat ze niet drastisch veranderen in een aantal jaren tijd.
In de meer gedetailleerde kaart van de Vlaamse Milieumaatschappij met de simulatie van de overstromingsgevoelige gebieden, werden ook bijgebouwen opgenomen.


