Chaotische evacuaties, slechte communicatie en samengetroept in sporthallen en slaapzalen: een aantal Belgen die momenteel op vakantie zijn op het Griekse eiland Rhodos, hebben er een bewogen nacht op zitten. Zaterdagmiddag kwamen bosbranden in snel tempo dichter bij de hotels waar ze verbleven. Vakantiegangers werden in allerijl geëvacueerd. "We moesten met een baby van acht maanden in 40 graden kilometerslang wandelen."
"Nacht buiten moeten doorbrengen op een handdoek": ook Belgen ontvluchten bosbranden op Rhodos
Dinsdag al merkten verschillende Belgische toeristen dat er een bosbrand in de omgeving van hun verblijfplaats was ontstaan. “We zagen een rare wolk en dachten eerst dat het een onweer was”, getuigt Melinda Paternoster. Zij verbleef met haar man Michel en twee kinderen in het idyllische kustdorpje Lindos.
“Op internet lazen we dat er meer gaande was, maar de brand leek ver weg. Vrijdagavond zaten we in de rook en vielen de assen uit de lucht, maar niemand kwam iets melden." Toen ze zaterdagochtend een grote wolk boven de berg zag, begon Melinda zich zorgen te maken, maar het hotelpersoneel bleef stil. "Tot plots het alarm afging en we in tien minuten moesten inpakken.”
Het gezin wachtte buiten nog enkele uren op een bus en werd vervolgens naar een sportzaal in Kalithea op het noorden van het eiland gebracht. “De plaatselijke bevolking doet enorm haar best om iedereen van eten en drinken te voorzien”, vertelt Melinda. “Intussen blijven de bussen toestromen. We weten niet wat er gaat gebeuren, hopelijk geraken we goed thuis.”
Wandelen door de rook
In diezelfde sporthal zijn zaterdagavond ook Dominique Vermeire en haar man Gojda gestrand. Zij verbleven in het Mayia Exclusive Resort in Kiotari, een van de badplaatsen die als eerste door de bosbranden werd getroffen. “Ik vroeg de voorbije dagen constant of we onze koffers moesten pakken, maar het was echt niet nodig, verzekerde het personeel ons. Tot we vandaag halsoverkop het strand op moesten vluchten.”
Ik heb mijn strandtas met de telefoons van mijn man en mij, en een powerbank. Maar verder: geen geld, geen identiteitskaarten, geen medicatie, niets
Dominique Vermeire
Dominique en Gojda mochten niet meer naar hun kamers en konden bijgevolg niets meenemen. “Ik heb mijn strandtas met de telefoons van mijn man en mij, en een powerbank. Maar verder: geen geld, geen identiteitskaarten, geen medicatie, niets.”
De hotelgasten moesten vervolgens enkele kilometers over het strand lopen. “We wandelden door de rook, wat ons enorm de adem benam. Gelukkig hadden we enkele handdoeken uit onze strandtas om voor ons gezicht te houden. De brand was op een bepaald moment heel dichtbij."
Het koppel werd met een boot naar een stadje even verderop gebracht. “Pas om 20.30 uur arriveerden we in Kalithea.” Dominique is niet te spreken over de slechte communicatie van haar touroperator. “We weten van niets. Wij boekten bij Sunweb, maar we vonden intussen Belgen die met TUI op reis zijn, en ook van daaruit blijft het stil. We zitten hier vast op een stoel. Ik heb al enkele traantjes gelaten vandaag.”
"De wet van de sterkste"
De ervaring van Dominique en Gojda leunt aan bij die van Evelien Temmerman, die nog maar aan het begin van haar vakantie stond. Ook zij werd samen met haar moeder, die in een rolstoel zit, en twee jonge dochters geëvacueerd.
"Volgens het hotel moesten we ons geen zorgen maken. Maar in de namiddag zagen we al een fameuze rookpluim, die er heel donker uitzag en stevig rook. Het personeel zat zelfs nog aan de bar te drinken terwijl we de vlammen zagen woekeren op de berg achter ons."
Plots raakte iedereen in paniek. ""We gaan nu evacueren, iedereen naar de parking", klonk het. Het was een ongeziene chaos. We probeerden Corendon te bereiken, maar dat is niet gelukt. Tui heeft ons uiteindelijk aan een bus geholpen, die uitpuilde van het volk. We werden gewoon van de bus geduwd. Het was de wet van de sterkste."
De familie Temmerman maakte zich op voor een rit van vier uur, maar nog geen twintig minuten later werden ze "gedropt voor een hotel". Op de grond brachten Evelien en haar gezelschap de nacht door. "We hebben een fles water gekregen en een handdoek om op te slapen. Op elk mogelijk plaatsje lag wel iemand. Het lag er vol, bomvol."
In al die tijd kreeg Evelien haar reismaatschappij niet te pakken. "We hebben Corendon eindelijk kunnen bereiken, maar zij bellen ons niet meer terug. We hebben 8.200 euro betaald en een jaar voor gespaard. Ik ben razend dat Corendon ons laat zitten."
"Een en al chaos"
Nathalie Dumarey en haar man Mathias hebben “meer geluk”. Zij wisten al contact te leggen met de Belgische ambassade. “We hebben hen zelf gebeld”, vertelt Nathalie. “Ze zijn duidelijk met de Belgen op het eiland begaan, en zijn druk in de weer om oplossingen te zoeken. Er zou sprake zijn van evacuatievluchten en het inzetten van boten om toeristen naar andere eilanden te brengen, maar dat is nog niet bevestigd.”
Net als Melinda en Dominique en Evelien en haar familie, moesten ook Nathalie en haar gezin in allerijl uit hun hotel vertrekken. “Eerst kregen we een waarschuwingsbericht van de Griekse autoriteiten, maar het hotelpersoneel zei dat alles in orde was. Toen we vanop ons balkon de vlammen en rook zagen naderen, trokken we toch opnieuw naar de balie. Net op dat moment viel de elektriciteit in het hotel uit. We konden onze kamer niet meer in en hadden helemaal niets bij de hand.”
Kindjes weenden uit schrik, we zagen het hotel niet meer door de rook en mensen lieten hun valiezen achter op het strand
Nathalie Dumarey
Met een baby van acht maanden in de draagzak werden ook zij op het strand gestuurd voor een drie kilometer lange tocht. “Het was een en al chaos. Kindjes weenden uit schrik, we zagen het hotel bijna niet meer liggen door de rook en mensen die valiezen bij zich hadden, lieten deze noodgedwongen achter op het strand. En dat alles bij 40 graden. We hadden zelfs niets bij om onze baby in te smeren.”
Op een gegeven moment passeerde de menigte een taverne. “De uitbaatster mocht van de politie niemand binnenlaten, noch drank uitdelen, uit schrik dat er chaos zou ontstaan. Toen ze zagen dat er kleine baby’s in de groep waren, mochten we er toch even op adem komen. De uitbaatster deelde alles uit wat ze kon. Vervolgens ging de wandeling verder.”
Het drietal mocht met de eerste bus mee naar het noorden van het eiland. Ook de rit verliep moeizaam. “We moesten verschillende keren stoppen: mensen vielen flauw, moesten overgeven, kindjes moesten plassen. Uiteindelijk zijn we in een hotel beland van dezelfde keten als waar we eerder verbleven.” Veel hotels op Rhodos zitten vol gezien het hoogseizoen. “Er is een slaapzaal gemaakt, en we krijgen eten en drinken. In een apotheek in de buurt konden we het nodige voor de baby kopen.”
Nathalie vreest dat hun spullen in het hotel in vlammen zijn opgegaan. “Ik sprak intussen al met een paar mensen, en de bovenste verdieping van het hotel zou in brand staan. Het zou me niet verbazen. Ik zag hotelpersoneel wenen. Ocharme die mensen. ‘Eerst corona en nu dit’, zei de uitbaatster van de taverne ook. Het is verschrikkelijk voor de lokale bevolking.”
In de late uren stroomden er nog steeds bussen met toeristen toe. “Er stonden duizenden mensen op dat strand, het was absurd. Die evacuatie moet ongetwijfeld nog uren duren.”





