Het is nu officieel: Joe Biden wil volgend jaar herverkozen worden als president van de Verenigde Staten. Dat heeft hij in een videoboodschap aangekondigd. De president vindt dat hij zijn land veilig en wel uit de covidcrisis heeft geleid, de economie weer op de rails heeft gezet en de positie van de VS op wereldvlak opnieuw versterkt heeft. Met zijn aankondiging neemt hij de facto een beslissing voor zijn partij dat hij in november 2024 de Democratische kandidaat zal zijn. De vraag is of de Democraten daarmee op veilig spelen, of juist een onnodig risico nemen.
Joe Biden gaat voor tweede ambtstermijn: de kansen en politieke risico's van zijn herverkiezingscampagne als tachtiger
Joe Biden maakt zijn kandidatuur voor een tweede ambtstermijn bekend exact vier jaar na de lancering van zijn eerste campagne voor de presidentsverkiezingen, op 25 april 2019.
Hij doet zijn aankondiging in een videoboodschap van drie minuten, gemonteerd als een lange reclamespot. Die begint met een aanval op de MAGA-extremisten, de aanhangers van de extremistische lijn van Donald Trump. Net als vier jaar geleden stelt Biden zijn eigen ambities en inspanningen voor als een gevecht om de "ziel van de natie" – een geest van democratie, vrijheid en eerlijke kansen voor iedereen, niet van verdeeldheid en uitsluiting.
Maar daarna komt de nadruk meer op zijn werk te liggen, werk dat volgens Biden nog niet af is. "Let’s finish the job" is de slagzin waarmee de boodschap eindigt: Biden wil nog méér realiseren dan wat hij tot dusver al gedaan heeft. Hij heeft nog vier jaar extra nodig.
Rustige vastheid
Biden is in feite nog niet veel verder dan halfweg zijn eerste ambtstermijn, maar hij kan inderdaad prat gaan op een aantal verwezenlijkingen. Ondanks een krappe Democratische meerderheid in het Congres kon hij een indrukwekkend pakket aan overheidsprogramma's en wetgevend werk doorduwen: van het American Rescue Plan na de covidpandemie over het grote Infrastructuurplan tot de Inflation Reduction Act. Daarmee gaf hij de economie een nieuwe boost na de covidpandemie, beschermde hij werknemers en kleine ondernemingen en pompte hij honderden miljarden overheidsdollars in een grootschalige modernisering en vergroening van de infrastructuur.
Kenmerkend voor Biden in dat beleidswerk is zijn schijnbare onverstoorbaarheid. Wellicht gestaald in geduld en onderhandelingen tijdens zijn decennialange loopbaan als senator laat hij zich niet makkelijk van de wijs brengen door tegenstand uit eigen Democratische rangen, zoals het tegenstribbelen van senator Joe Manchin. Zijn Build Back Better-programma liep als zodanig op de klippen, maar hij gaf veel van de beoogde maatregelen een nieuwe verpakking in de Inflation Reduction Act. Biden heeft daarmee bewezen dat hij doet wat van een president verwacht wordt: besturen en dingen gedaan krijgen. Resultaatgericht en met een soort rustige vastheid volgt hij zijn eigen koers in nochtans woelige tijden. Precies dàt zal hij in de campagne uitspelen als zijn grootste troef: het imago van de nijvere doener en probleemoplosser.
In de internationale politiek was het onmiskenbaar Joe Biden die een stevig westers blok wist te smeden tegenover Rusland, na de aanval op Oekraïne. Daarmee staat de VS opnieuw op het voorplan van de wereldpolitiek. Buiten de VS kan dat wrevel en argwaan wekken, en vaak terecht, voor de Amerikanen zelf is en blijft dat Amerikaanse leiderschap een bron van trots en van een gevoel van veiligheid.
De onvoldoendes
Natuurlijk zijn er schaduwkantjes aan het beleid van Biden. De Republikeinen verwijten hem veel te veel geld uit te geven en de schuld te laten oplopen, terwijl hij de inflatie (ca. 5 procent momenteel) nog steeds niet genoeg onder controle krijgt. Er was ook het debacle van de chaotische uittocht in Afghanistan waar hij zonder meer een slechte beurt maakte.
Maar in het licht van zijn herverkiezingscampagne weegt die voorspelbare Republikeinse kritiek misschien niet zo zwaar als de dossiers waarvoor hij bij zijn eigen Democratische achterban een onvoldoende krijgt. Voor veel jonge en links denkende kiezers is Bidens palmares inzake klimaat, anti-racisme en vooral migratie ronduit te pover om hem met enthousiasme in de armen te sluiten. Biden laat opnieuw naar olie boren bij Alaska, handhaaft strenge beleidslijnen tegenover migranten aan de Mexicaanse grens en kiest voor een principieel harde opstelling in de relaties met Rusland en China. Dat alles zaait twijfel in de geradicaliseerde jonge gelederen van zijn partij. En door het verkiezingssysteem in de VS kan het afhaken van jonge kiezers in een handvol strijdstaten voldoende zijn voor een nederlaag - vraag dat maar aan Hillary Clinton.
De tegenstanders
Voor de voorverkiezingen hoeft Joe Biden in principe weinig of niets te vrezen. Toegegeven: de voorbije 20 jaar is het normale draaiboek rond verkiezingen in de VS al meermaals totaal onverwacht door elkaar geschud. Maar in principe mag je er van uitgaan dat Biden in zijn eigen Democratische partij geen uitdagers van betekenis zal krijgen, en dat de voorverkiezingsrace een formaliteit zal zijn.
Iets anders wordt de krachtmeting van de eigenlijke "general election" in november. Of Biden in voldoende staten kan winnen om een meerderheid te behalen in het kiescollege zal ongetwijfeld ook afhangen van zijn Republikeinse opponent. Als Donald Trump de Republikeinse kandidaat wordt, zal Biden zich allicht in de handen wrijven: Trump schrikt intussen heel wat gematigde Republikeinen en veel onafhankelijke kiezers af. Met Ron DeSantis zouden de kaarten al moeilijker liggen, al zoekt ook DeSantis extremistische standpunten op.
Maar een voorverkiezingsrace kent altijd een onvoorspelbare dynamiek. Trump en DeSantis vissen in elkaars vijver en zouden elkaar ook dwars kunnen zitten, wat kansen biedt aan andere en meer centrumgerichte kandidaten. Met het winner takes all-systeem kan dat de strijd nog een onverwachte wending geven. Stel dat er aan Republikeinse kant toch een minder radicaal-rechtse kandidaat de overhand haalt, dan zitten de Democraten onvermijdelijk met een probleem. Joe Bidens verkoopsargument en imago van ervaren en redelijk bestuurder is gebaat bij tegenstanders van de fanatieke slag. Dat is de contradictie van de situatie: Biden mag dan al graag zijn beklag doen over de toegenomen en ontspoorde polarisatie in zijn land, met het oog op een tweede ambtstermijn kan hij maar beter hopen op een tegenstrever van de akelig radicale en polariserende soort.
De leeftijd
Precies in zo'n scenario en in die laatste fase van de verkiezingsstrijd zou de keuze voor Biden als Democratische kandidaat verkeerd kunnen uitpakken voor de partij. Want als de ideologische en politieke afstand tussen Biden en zijn tegenstrever kleiner wordt, dan kunnen niet-politieke kenmerken en verschillen worden uitvergroot. En niemand kan ontkennen of over het hoofd zien dat Joe Biden intussen een oude man is.
Hij begint op zijn tachtigste aan zijn herverkiezingscampagne. Hij zal 82 zijn als hij, herverkozen, de eed aflegt in januari 2025. Hij zal 86 zijn als hij, na zijn tweede termijn, het stokje doorgeeft aan zijn opvolger. Hoewel je beducht moet zijn voor fake news-filmpjes waarin zijn stramme loopjes, versprekingen of tekenen van verwarring nog bedrieglijk worden gemonteerd of ronduit vervalst, valt niet te ontkennen dat hij struikelt over woorden, namen verhaspelt of door elkaar haalt of struikelt op vliegtuigtrappen.
Dat kan de beste overkomen, ook jonge atletische figuren. De opeenstapeling van dat soort feitjes kan evenwel, terecht of onterecht, het beeld versterken van een man die door zijn leeftijd gehinderd wordt. Vanuit een louter electoraal standpunt bekeken, kan dat nadelig zijn. Nu al blijkt uit polls dat zelfs in zijn eigen partij een (kleine) meerderheid van mening is dat hij zich beter niet meer kandidaat zou stellen.
De stand-in
Kiezers die zich zorgen maken over Bidens leeftijd zouden, in theorie, een vorm van geruststelling kunnen vinden in de zekerheid dat er een betrouwbare vervanger klaar staat. Vicepresident Kamala Harris zal ook deze keer zijn running mate zijn; mocht hij verkozen worden, dan is ze een tweede keer vicepresident en de eerste stand-in en opvolger mocht hem, als president, iets overkomen.
Nu is Harris de voorbije jaren amper uit de verf gekomen, en uit peilingen blijkt dat ze niet bijster geliefd is. Ook dat valt wellicht op Bidens conto te schrijven: hij gaf Harris weinig te doen. Hij speelde haar enkel het migratiedossier door - een thema waarop je onmogelijk kan scoren. Tegelijk ontbreekt het haar schijnbaar aan de ideeën of het charisma waarmee ze de aandacht vanzelf naar zich toe zuigt. Hoeveel memorabele uitspraken of acties van Harris herinneren we ons? Juist.
In normale omstandigheden maakt dat niet zo veel uit voor een president en zijn partij. Als de president een tachtiger is, zullen al meer mensen de wenkbrauwen fronsen. Als de kandidaat voor het presidentschap een tachtiger is, zou dat een bron van zorgen moeten zijn voor de partijtop. Want onafhankelijke kiezers die wikken en wegen zullen, gezien de leeftijd van Biden, ook naar Harris kijken. Ze zullen misschien besluiten dat ze haar helemaal niet kennen.
Berekening of gok?
Alles bij elkaar kan de conclusie zijn dat Bidens keuze voor een tweede campagne en - als het lukt - een tweede ambtstermijn niet voor de hand ligt. Natuurlijk wil elke president graag twee termijnen, dat oogt overtuigender in de geschiedenisboeken. Maar de leeftijd van Biden maakt een verschil.
Het kan twee kanten uit. De onwankelbare watch me, ik bestuur tenminste-stijl van Biden kan de juiste en winnende keuze zijn om onafhankelijke en gematigde kiezers te overtuigen. Maar even goed zou het lauwere enthousiasme voor Bidens beleid bij jonge en linkse Democraten, in combinatie met de onloochenbare ouderdom van de president, de partij parten kunnen spelen. Het kan een afgewogen berekening zijn - "beter Biden dan een onbekend alternatief" - of een overmoedige en verkeerde gok.





