Vorig jaar werd 66 procent van het totale budget voor de renovatie en bouw van sociale woningen niet uitgegeven. Dat schrijft De Standaard en Maxim Veys, Vlaams Parlementslid voor Vooruit, heeft het bevestigd in “De ochtend” op Radio 1. Veys vroeg de cijfers op bij bevoegd Vlaams minister van Wonen Matthias Diependaele (N-VA) en is niet te spreken over de achterstand.
Sociale huisvesting loopt steeds meer achter: twee derde van beschikbaar bouwbudget blijft onaangeroerd
Ruim 180.000 mensen staan op de wachtlijst voor een sociale woning in Vlaanderen, maar desondanks blijft een aanzienlijk deel van het budget voor de renovatie en bouw van woningen zo goed als onaangeroerd. In 2021 werd zo’n 1,1 miljard euro van de beschikbare 1,77 miljard euro niet aangewend, vorig jaar werd slechts 685 miljoen euro van de voorhanden 2 miljard euro daadwerkelijk geïnvesteerd.
Volgens Vlaams minister voor Wonen Matthias Diependaele (N-VA) ligt de oorzaak bij de fusieoperatie die momenteel aan de gang is bij de socialehuisvestingsmaatschappijen. De helft van de maatschappijen heeft intussen de fusie achter de rug, de andere zouden midden dit jaar klaar moeten zijn. Volgens zijn kabinet is er vorig jaar zelfs meer geld besteed dan verwacht. “De sector heeft zich hersteld”, klinkt het in De Standaard. “We zitten al heel dicht bij het historische gemiddelde dat de sector van de sociale huisvesting aankan qua budget (700 miljoen, nvdr.).”
Meer dan miljard euro voor sociaal wonen niet uitgegeven: "Terwijl er 180.000 gezinnen op wachtlijst staan"
Noodprogramma
Vlaams Parlementslid voor Vooruit Maxim Veys is niet tevreden met die uitleg. “Onaanvaardbaar, te gek voor woorden”, reageert hij in “De ochtend” op Radio 1. “Toen deze regering aantrad, stonden er al meer dan 160.000 gezinnen op de wachtlijst. Toch werd er voor de fusieoperatie gekozen, die een enorme impact zou hebben op het bouwritme van sociale woningen. Alsof je in je eigen voet schiet terwijl je een marathon moet gaan lopen.”
Vooruit pleit dan ook voor een noodprogramma. “Het is ongezien dat een minister wel over het nodige geld beschikt, maar dat niet uitdeelt. Meestal is het omgekeerd. Nochtans zijn sociale woningen cruciaal. Als er te weinig zijn, zoals dat vandaag het geval is, belanden meer mensen op de private huurmarkt – waar het net het moeilijkst gaat. De schop moet echt in de grond.”
Vandaag bouwen we in één legislatuur wat we in de jaren zeventig nog in één jaar konden
Vlaams Parlementslid voor Vooruit Maxim Veys
Niet alleen moeten er volgens Veys dringend meer sociale woningen gebouwd en verbouwd worden, het tempo waaraan dat gebeurt, moet ook omhoog. “Vandaag bouwen we in één legislatuur wat we in de jaren zeventig nog in één jaar konden. Het kán dus, maar je moet wel de politieke keuze maken. Dat deze regering er niet voor kiest om het verschil te maken, wrijven we hen aan.”
Ambitie
Diependaele maakte vorig jaar bekend dat hij een half miljard euro van het onbenutte budget voor sociaal wonen wil inzetten om private ontwikkelaars te subsidiëren bij de bouw van 6.000 huurwoningen. De helft daarvan zou bestaan uit sociale huurwoningen, de andere helft uit betaalbare private huurwoningen. Beter dan niets?
“Beter dan niets, maar we moeten meer ambitie hebben”, vindt Veys. “Als die 6.000 woningen er daadwerkelijk komen, dan is er niet slecht gewerkt – maar de manier waarop ze er komen is eveneens van belang. Dit is een duurder systeem dan ze zelf recht te trekken, en het is maar voor een bepaalde periode: na 27 jaar zijn we ze weer kwijt. Dat is toch geen langetermijnbeleid?”
Sancties
Veys erkent dat het probleem verder reikt dan het beleid van de bevoegde minister. “Je hebt inderdaad een Vlaams minister die de regels en financiering bepaalt, huisvestingsmaatschappijen die effectief de woningen bouwen en gemeenten die daar toestemming voor moeten geven. Ook daar wringt een schoentje: veel gemeenten liggen niet op koers en zij die daar weinig tot niets aan doen, dragen daar momenteel geen gevolgen van.”
Sancties zijn volgens Veys nog niet aan de orde, en opnieuw kijkt hij naar Diependaele om de problematiek aan te pakken. “De Vlaamse regering kan een decreet (een Vlaamse wet, nvdr.) maken waarin wordt vastgelegd dat er bij elk bouwproject een bepaald aantal betaalbare woningen moet worden gebouwd. In plaats daarvan zie ik een minister die heel streng is voor huurders, maar niet voor de gemeenten die hun werk niet doen. Dat moet omgekeerd.”


